Wat we nog niet wisten over Finland en IJsland

Redacteur Margot Poll signaleert welke boeken er ook nog zijn verschenen en kiest er steeds zes om kort te bespreken.

In 1860 schreef de Finse schrijver Aleksis Kivi (1834-1872) de eerste Finse roman. De schrijftaal was tot dan Zweeds geweest omdat Finland 600 jaar (1200-1809) tot Zweden behoorde. Daarna viel Finland onder het Russische Rijk. Het is deze week precies 100 jaar geleden dat Finland op 6 december 1917 eenzijdig haar onafhankelijkheid uitriep. Die vrijheid wordt in Finland bijna dagelijks wel ergens gevierd. Ook in Nederland worden evenementen georganiseerd en zijn als eerbetoon 1.000 berken in de Haarlemmermeer geplant in de vorm van de Finse vlag. Al met al een goede reden om De zeven broers te herdrukken: zeven broers tussen de 18 en 25 jaar – twee tweelingen, zeven karakters – groeien op ten noorden van Helsinki in de wildernis. Zij maken ruzie, vechten, jagen, drinken en treden over alles in overleg. Die dialogen worden letterlijk uitgeschreven en samen met de sprookjes en (sterke) verhalen die de jongens elkaar vertellen ontstaat een ‘groots epos’ over onaangepaste jongens die verliefd worden op hetzelfde meisje en haar laten kiezen. Met De zeven broers schreef Aleksis Kivi een roman die is vergeleken met de wording van Finland. Veel hindernissen, maar het loopt goed af. In Finland wordt op 10 oktober, de geboortedag van de schrijver, nog steeds de vlag uitgehangen om de Aleksis Kivi-dag te vieren.

Aleksis Kivi: De zeven broers. Oorspronkelijke titel Setsemän veljestä. Uit het Fins vertaald door Adriaan Verhoeven. Voorwoord Scandinavische literatuur-kenner Kester Freriks en nawoord van de vertaler. Athenaeum, 360 blz, € 22,50

Ook de IJslandse schrijver en één van de winnaars van de EU-Literatuurprijs in 2014 Oddný Eir droomt ervan dicht bij de wildernis te leven en dan drie doelen te verwezenlijken: bijdragen aan het redden van natuur, de economie en zich storten op de liefde. Haar nieuwe vriend heet Vogel (hij is ornitholoog) en zij kan niet zonder haar wijze broer Uil. Haar verrassende dagboekroman Land van liefde en ruïnes is een mooi, rauw IJsland-journaal, maar nog meer een filosofische zoektocht naar hoe je van elkaar kunt houden zonder dat je de ‘eigen ruimte’ verliest. De melancholie die haar twijfels vergezelt, verzucht zij, is niet verdrietig van aard, maar juist mooi omdat die ‘zo vlak bij de aarde is’.

Oddný Eir: Land van liefde en ruïnes. Oorspronkelijke titel Jarðnæði. Vertaals uit het IJslands door Kim Liebrand. De Geus, 236 blz. € 19,99

De Limburgse taaljournalist Gaston Dorren spreekt niet alleen zijn talen maar schrijft er ook met regelmaat over. Zijn in 2012 enthousiast ontvangen Taaltoerisme, over feiten en verhalen over 53 Europese talen heeft hij bewerkt en uitgebreid tot maar liefst 69 talen. Een respectabel aantal, zelfs al worden Fries, Saterfries en Noord-Fries apart geteld. In Lingua behandelt Dorren in sneltreinvaart de ontstaansgeschiedenis, de plekken waar de taal gesproken wordt en kenmerkende aspecten zoals uitspraak en spelling. Met de Europese Unie in gedachte, is de diversiteit in taal en cultuur een opvallend gegeven, al wijst Dorren ook op gemeenschappelijke achtergronden. Zijn (historische) weetjes werken heel verslavend. Zo is IJsland het enige land waarvan de taal niet over de grenzen gaat en is paella van oorsprong geen Spaans maar een Catalaans woord.

Gaston Dorren: Lingua. Dwars door Europa in 69 talen. Athanaeum, 360 blz. € 19,99 euro

Schrijver en columnist Marja Pruis en haar dochter Greta Le Blansch laten hun gedachten gaan over verhalen uit het oeuvre van de Canadese schrijfster en Nobelprijswinnaar (2013) Alice Munro. Familiestukken begint met de mailwisseling van moeder en dochter over de (autobiografische) verhalen, zoals ze dat ook al eens deden in 2011 over de Britse dramaserie Skins voor De Groene Amsterdammer. Pruis is een kenner van de Munro-verhalen, Greta is de jonge lezer. De dochter brengt ter sprake dat inspiratie halen uit de eigen omgeving, zoals Munro doet, niet altijd gewaardeerd zal worden. Zelf ‘botste’ zij met Marja die ooit iets gebruikte van Greta waar ‘ze niet aan mocht komen’. Munro’s verhaal ‘Familiestukken’ behandelt precies dat thema: hoe dicht mag je de waarheid benaderen in het beschrijven van je personages. Het overleg levert uiteindelijk elf verhalen op.

Alice Munro: Familiestukken. Oorspronkelijke titel Family Furnishings. Vertaald uit het Engels door Pleuke Boyce en Kathleen Rutten. De Geus, 398 blz. € 22,99

NRC-journalist Anouk Eigenraam besloot in 2014 terug te gaan naar Zuid-Korea waar zij in 1977 werd geboren. Zij is op tweejarige leeftijd geadopteerd door Nederlandse ouders. De behoefte op zoek te gaan naar haar biologische ouders bestond niet, totdat er een verzoek om contact kwam van haar Koreaanse vader. In Welkom in Adoptieland beschrijft zij haar eerste ontmoetingen met haar familie: vader, halfbroers en -zussen, stiefvader. Die ontmoetingen zijn emotioneel – er wordt gezwegen en gelachen en vaak is er een tolk aanwezig. Daarnaast deed Eigenraam zeer grondig onderzoek naar het adoptieproces en hoe dat in Nederland geregeld is. Na vele gesprekken met iedereen die betrokken is bij adoptie (van adoptieouders, geadopteerden, tot wetenschappers en ministers van Justitie) komt zij tot de conclusie dat de ideeën over interlandelijke adoptie mijlenver uit elkaar liggen en dat elke instantie vooral met zichzelf bezig is. Dus, luidt haar advies, eerst alle neuzen dezelfde kant op, luisteren naar wie je tegenover je hebt en een verzoek aan de overheid om daar een sturende en adviserende rol in te spelen.

Anouk Eigenraam: Welkom in Adoptieland. Arbeiderspers, 302 blz. € 21,50

Psycholoog en psychotherapeut Jeffrey Wijnberg is voor openheid in zijn praktijk: ‘Alleen als de psycholoog laat zien wie hij zelf is, zal ook de patiënt bereid zijn om zich echt bloot te geven.’ Dat moeten we niet verkeerd opvatten, licht Wijnberg toe: als mensen bijvoorbeeld een depressieve episode doormaken, dan aarzelt Wijnberg niet over zijn eigen ervaringen met de psychiatrie te praten. In het inderdaad openhartige Dagboek van een psycholoog ‘luisteren’ we een half jaar mee in de spreekkamer. Een doorsnee werkdag bestaat vooral uit ‘relatie-ellende’: ruzie, vreemdgaan en twijfels over het houden-van. Er bestaat niet voor ieder probleem een oplossing en de psycholoog probeert mensen ervan te doordringen dat sommige problemen inherent zijn aan het leven. Op andere dagen behandelt Wijnberg patiënten met zwaarder problemen. Voorbij de spreekkamer schrijft Wijnberg gewoon over voetbal of vertelt hij een anekdote over zijn grootmoeder.

Jeffrey Wijnberg: Dagboek van een psycholoog. Illustraties Peter de Wit. Scriptum, € 16,95