Opnieuw is Justitie in opspraak

Onderzoek naar drugsbeleid

Bij het ministerie van Justitie werd wetenschappelijk onderzoek naar wietteelt aangepast als ongewenste conclusies dreigden.

Witeplantage Foto Ans Brys

Het had niet mogen gebeuren, zei minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) woensdagavond in Nieuwsuur over het bericht dat topambtenaren van zijn ministerie onderzoek manipuleerden zodat het politiek gewenste conclusies opleverde. Maar het gebeurde wel. En wéér is er daarmee een integriteitsschandaal op het ministerie waar het de laatste jaren al zo vaak mis ging.

Het gaat om twee onderzoeken over coffeeshops en legalisering van de wietteelt. In 2013 onderzocht het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum (WODC), het (formeel) onafhankelijke onderzoeksinstituut van het ministerie, het kabinetsbeleid rond coffeeshops. Dat beleid, gericht op repressie en een verbod op de verkoop aan buitenlanders, lost volgens het onderzoek geen problemen op. Onder meer omdat ze er amper zijn: de overlast van ‘drugstoerisme’ is op veel plekken juist klein.

Maar die conclusie was volgens een email van een ambtenaar „zó politiek gevoelig”, dat die moest worden aangepast. Ambtenaren schrapten onderzoeksvragen, maakten aantekeningen in de kantlijnen van het onderzoek en verwijderden een heel hoofdstuk met conclusies en aanbevelingen hoe het kabinetsbeleid beter kan. Later schreef toenmalig minister Opstelten (VVD) aan de Tweede Kamer dat het onderzoek zijn beleid ondersteunde.

Een jaar later herschreef Opstelten een onderzoeksopdracht voor onderzoek naar legalisering van wietteelt zodanig dat alleen de door hem gewenste conclusie mogelijk was: legalisering werkt niet. Twee jaar later concludeerde dezelfde onderzoeker die dit WODC-onderzoek deed, dit keer met gemeenten als opdrachtgever, dat zo’n regulering wél haalbaar is.

Lees ook een achtergrondartikel uit 2015 over hoe beleidsonderzoek naar wiet wordt gestuurd.

Zulke politieke invloed op WODC-onderzoek mag niet, volgens de regels van het ministerie. Maar een klokkenluider die al in 2014 binnen het ministerie kritiek leverde, werd naar eigen zeggen niet gehoord. Volgens minister Grapperhaus is het protocol in de zomer van 2016, een half jaar na het aantreden van de nieuwe secretaris-generaal Siebe Riedstra, wel aangescherpt. Grapperhaus wil intern onderzoek laten doen of het sindsdien beter gaat.

Riedstra werd aangesteld om de cultuur op het ministerie te veranderen. Die zou onder zijn voorganger Pieter Cloo, benoemd door Opstelten, te gesloten zijn en teveel gericht op het eigen imago van het ministerie. Met de bonnetjesaffaire rondom toenmalig staatssecretaris Fred Teeven (VVD)_als dieptepunt.

Wat is er mis bij Justitie? Lees hier meer

Met een „verandertraject” en een „strategische agenda”, gebaseerd op gesprekken met tientallen deskundigen van buiten het ministerie, probeert Riedstra zijn departement minder in zichzelf gekeerd te maken.

Dat blijkt lastig. Oók omdat veel ambtenaren die de laatste jaren bij integriteitskwesties betrokken waren nog op het ministerie werken.

De Tweede Kamer wil snel met Grapperhaus in debat over de kwestie.