Europese Commissie laveert tussen Merkel en Macron

Toekomstplannen Eurozone De toekomst van de eurozone ligt ergens tussen Frankrijk en Duitsland.

Eurocommissaris Moscovici Foto Yves Herman/Reuters

Neigt het naar Macron of naar Merkel? Dat was de vraag die woensdag in Brussel in de lucht hing toen de Europese Commissie een reeks voorstellen deed om de eurozone te versterken. Waarbij de Franse president staat voor visie en de Duitse bondskanselier voor het pragmatisme.

Eind volgende week geven EU-leiders in Brussel tijdens een top de aftrap voor een groot eurozone-debat, dat in juni volgend jaar hervormingen moet opleveren. De Commissie presenteerde woensdag haar eigen inbreng en stelt onder meer voor om een op het IMF geënt Europees Monetair Fonds (EMF) op te richten en daar het ultieme vangnet voor de eurozone van te maken.

Macron of Merkel? Het is duidelijk een vraag die de Commissie zichzelf heeft gesteld. Het pakket is een evenwichtsoefening geworden. Een poging om de twee dominante smaken in het debat nader tot elkaar te brengen.

Minder complex

Neem het voorstel voor een ‘Europese minister van Economische en Financiële Zaken’. Zijn bestaan moet „met volledige inachtneming van de nationale bevoegdheden” de besluitvorming minder complex en voor het publiek dus begrijpelijker maken. Vintage Macron – en zo’n radicaal voorstel dat het menig Noord-Europees land, Nederland inclusief, de haren te berge zal doen rijzen.

Tegelijkertijd gaat de Commissie op andere vlakken juist niet mee met de Fransman. Diens ideeën om een voor de eurozone speciale begroting op te tuigen, en zelfs een eigen, apart parlement, ontbraken woensdag volledig.

Eurocommissaris Pierre Moscovici (Financiële en Economische Zaken) legde uit waarom: het zou de – nu ook al best grote – institutionele warboel in Brussel vergroten en het verschil tussen eurolanden en niet-eurolanden slechts accentueren. De Commissie wil „het gevaar van twee snelheden” juist „uitbannen”.

Institutionele ‘helderheid’ is ook waarom de Commissie voor een Europees Monetair Fonds pleit. De rol van achtervang in de eurozone wordt op dit moment gespeeld door het Europese Stabiliteitsmechanisme (ESM). Maar dat noodfonds is ‘intergouvernementeel’ – door lidstaten zelf opgericht – en valt dus buiten het zicht van EU-instellingen.

Laatste redmiddel

De Commissie wil het ESM omvormen tot een EMF en „verankeren in het rechtskader van de EU”. Dat zou de besluitvorming sneller en efficiënter maken en ook democratische controle op Europees niveau mogelijk maken. De financiële vuurkracht van dat EMF zou tevens het „laatste redmiddel” moeten zijn als een ordelijke liquidatie van probleembanken hapert en er voor de eurozone levensbedreigende paniek dreigt uit te breken.

Ook pleit de Commissie voor een koppeling tussen de EU-begroting en structurele hervormingen: wie stevige plannen maakt en uitvoert, kan meer EU-geld tegemoet zien, en vice versa. Ook moeten er ‘schokdempers’ komen om bij grote, onverwachte schokken (van de Brexit tot natuurrampen) landen via dat nieuwe EMF kortlopende kredieten te kunnen geven. Investeringen – waarop doorgaans het eerst wordt bezuinigd – kunnen zo worden ‘gered’, en dus ook banen.

Volgens de Commissie is dit noodzakelijk om te voorkomen dat een schok kan uitgroeien tot een complete crisis. Zo’n schokdemper zou voorwaardelijk zijn: alleen landen die aantoonbaar verstandig begrotingsbeleid hebben gevoerd krijgen er toegang toe. Geen solidariteit zonder verantwoordelijkheid, benadrukt de Commissie. Of dat Noord-Europa over de streep trekt, zal de komende maanden moeten blijken.

Bij een muntunie zonder schokdempers hakt elke crisis er keihard in. Dat kan en moet anders, schreef de Europese Commissie in juni in een discussiestuk. Lees verder: De toekomst van de euro: beter bestand tegen schokken