De daders lijken bekend. De opdrachtgevers nog niet

Bomaanslag Maltese journalist De politie op Malta zegt te weten wie een journalist heeft vermoord met een autobom. Maar vraag blijft: in opdracht van wie?

Carauna’s auto na de bomaanslag Foto AFP

Na een internationaal onderzoek waaraan ook Nederland heeft meegewerkt hebben verdachten van de bomaanslag op de Maltese onderzoeksjournalist Daphne Caruana Galizia een naam en een gezicht, maar wie hun opdrachtgever was, is nog onduidelijk.

Caruana Galizia was een luis in de pels van de Maltese politici, onder wie premier Muscat en zijn vrouw. Op haar blog schreef Caruana Galizia over de chronische corruptie in dit kleine EU-land en over politici die voorkomen in de Panama Papers, over de grote invloed van maffiose groepen uit Italië en Noord-Afrika, en over duistere deals met Libische olie.

In de middag van 16 oktober werd een autobom onder de kleine Peugeot waarin ze net van huis was vertrokken, tot ontploffing gebracht. Met medewerking van de FBI is vastgesteld dat drie verdachten kort voor de aanslag hebben gebeld. Twee telefoontjes kwamen uit de buurt van haar huis, een derde, waarmee twee exposieven tot ontploffing zijn gebracht, van iets verder weg. Haar auto vloog meters hoog de lucht in in.

Na een bezoek eind vorige week van een kritische delegatie van het Europees Parlement zijn maandag tien mensen in verband hiermee gearrresteerd. Dinsdag zijn drie van hen, allen met een strafblad wegens overvallen en drugshandel, in staat van beschuldiging gesteld. Het zijn de broers Alfred en George Degiorgio en Vincent Muscat – geen familie van de premier.

Premier Muscat beloofde dat alles wordt gedaan om de daders van de aanslag op te sporen. De zoons van Caruana Galizia zijn hier skeptisch over. Zij kritiseren in een lange verklaring premier Muscat omdat hij eerst de media heeft ingelicht over de arrestaties en toen pas de familie, en zeggen dat politici proberen het onderzoek te beïnvloeden. Zoon Matthew Caruana Galizia is als datajournalist verbonden aan het Internationale Consortium van Onderzoeksjournalisten dat de Panamapapers, documenten van het juridisch adviesbureau Mossack Fonsecar in Panama over belastingontwijking, heeft gepubliceerd.

Een vijftal medewerkers van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) is in de week na de aanslag betrokken geweest bij onderzoek op de plaats delict. Ruim een jaar geleden was een samenwerkingsakkoord getekend tussen NFI en Malta, dat kampt met een tekort aan kennis en personeel.

Italiaanse media suggereren dat het gebruikte explosief afkomstig is uit Libië.

    • Marc Leijendekker