Maduro vult zijn martelkamers

Venezuela Het martelen van politieke gevangenen en demonstranten is onder president Nicolás Maduro systematisch geworden.

Efrain Ortega werd jaar lang bijna dagelijks gemarteld.
Foto Gabriel Osorio
Efrain Ortega werd jaar lang bijna dagelijks gemarteld.
Foto Gabriel Osorio
Efrain Ortega werd jaar lang bijna dagelijks gemarteld.
Foto Gabriel Osorio

In de ogen van Efraín Ortega is te lezen hoe zwaar hij heeft geleden. Zijn wanhopige blik zuigt je als het ware mee de martelkamers in van de beruchte Venezolaanse gevangenissen.

Drie jaar lang werd Ortega daar bijna dagelijks gemarteld, vertelt de 44-jarige systeembeheerder. „De bewakers sloegen me met honkbalknuppels, ik kreeg elektrische schokken toegediend en werd naakt en geboeid opgehangen.” Ortega spreekt met lange tussenpozen. Begin oktober werd hij om medische redenen vrijgelaten, maar zijn proces loopt nog. Volgens het doktersrapport heeft Ortega door alle martelingen zwaar letsel en inwendige bloedingen opgelopen en is zijn gezondheid in gevaar.

„Hij werd zelfs zo zwaar gemarteld dat zijn medegevangenen de bewakers smeekten: ‘Maak hem dood!’ Ze konden het niet meer aanzien”, zegt Efraíns zus María Ortega, die tevens zijn advocaat is. „Hij was op het verkeerde moment op de verkeerde plek met de verkeerde persoon. Efraín is onschuldig”, zegt ze.

Het drama begon op een zonnige ochtend in 2014. Er waren toen, net als eerder dit jaar, in het hele land elke dag massademonstraties tegen het regime van president Nicolás Maduro. Efraín Ortega was de stad in gegaan met een vriend, toen ze werden aangehouden. Tegen zijn vriend liep een arrestatiebevel voor ‘samenzweringsactiviteiten’: hij had eerder die week meegedemonstreerd. Zwaarbewapende leden van de nationale garde sloegen de twee mannen in de boeien. Ook Ortega, die niet had gedemonstreerd, moest meekomen voor verhoor.

„Dat eerste verhoor duurde acht uur. Ik werd in een kartonnen doos gewikkeld, kreeg een zak over mijn hoofd en werd in een cel gegooid. Urenlang kreeg ik elektrische schokken toegediend. Er werd traangas in de ventilator gespoten, waardoor ik bijna flauwviel”, vertelt hij.

Ortega moet een document tekenen waarin hij schuld bekent, maar hij weigert. Hij wordt in een andere cel gesmeten en hoort hoe naast hem krijsende gevangenen zwaar gefolterd worden. Jarenlang wordt Ortega van gevangenis naar gevangenis gesleept. Zijn achtjarige zoontje denkt dat zijn vader voor werk steeds in het buitenland verblijft, Ortega wil niet dat zijn kind iets weet.

Volkomen gemilitariseerd

Tevergeefs probeert zijn zus en advocaat hem uit de gevangenis te krijgen. Mensenrechtenorganisaties die hem opzoeken, vertelt hij wat er zich in de gevangenis afspeelt. Het wordt hem niet in dank afgenomen door de autoriteiten. „Zelfs de paus zou Efraín Ortega niet uit de gevangenis willen halen”, twittert de toenmalige minister van Gevangeniswezen de dag dat hij voor de rechter moet verschijnen.

Ortega is een van de vele politieke gevangenen in Venezuela. Het land is onder de socialist Maduro steeds verder afgegleden naar een dictatuur. Het leger heeft de macht op straat en op de ministeries. Bij groots opgezette wegversperringen houden gewapende eenheden burgers staande voor intensieve controles. Journalisten en activisten lopen gevaar, critici worden opgejaagd. Sinds 2014, een jaar nadat Maduro het roer overnam van zijn overleden leermeester en voorganger Hugo Chávez, zijn er twaalfduizend mensen gevangengezet vanwege hun politieke opvattingen en het deelnemen aan protesten.

Lees ook: Venezuela is – via de Antillen – het grootste buurland van ons koninkrijk. Nu het regime van Maduro steeds autoritairder wordt, moet Den Haag scherper afstand nemen, stelt D66-buitenlandwoordvoerder Sjoerdsma.

Van deze groep zitten naar schatting ruim vierhonderd politieke gevangenen permanent achter de tralies, zegt Alfredo Romero, directeur en advocaat bij Foro Penal, een belangrijke mensenrechtenorganisatie in Venezuela. „We hebben in de afgelopen jaren vijfhonderd gevangenen vrij gekregen maar het is dweilen met de kraan open, want er komen steeds nieuwe slachtoffers bij”, zegt hij. De behandeling van 80 procent van de gevangenen is volgens Romero mensonterend. „In 15 tot 20 procent van de gevallen worden de gevangenen stelselmatig zwaar lichamelijk en geestelijk gemarteld, zoals in het geval van Efraín Ortega”, zegt hij.

Schendingen van mensenrechten waren er al onder oud-president Hugo Chávez. Chávez wilde met zijn ‘Bolivariaanse Revolutie’ Venezuela omvormen tot een socialistische heilstaat. Kritiek werd niet getolereerd en er was censuur, maar pas onder Maduro verhardde de repressie echt en nam het aantal politieke gevangenen toe.

„De afgelopen maanden is er bij de demonstraties buitenproportioneel hard optreden door de Guardia Nacional en de politie”, zegt Romero. „Er zijn meer dan 160 mensen gedood, een paar duizend gewonden gevallen en meer dan 5.000 demonstranten zijn opgepakt. Bij de demonstraties in 2014 lag het aantal lager, toen waren er rond de 3.000 arrestaties”, zegt hij.

Colectivos

In zijn recente rapport over de mensenrechtenschendingen in Venezuela richt Amnesty International zich op de nachtelijke klopjachten op burgers door veiligheidstroepen, militairen en zwaarbewapende burgergroeperingen, de zogeheten colectivos. Deze ‘nachten van terreur’, zoals Amnesty ze noemt, vonden plaats tijdens en na de massaprotesten afgelopen zomer. Duizenden onschuldige mannen, vrouwen en kinderen werden van hun bed gelicht terwijl de eenheden zonder huiszoekingsbevel huizen binnenstormden en willekeurig mensen meenamen voor verhoor.

„We wilden in ons onderzoek laten zien wat de repressie van het regime betekent voor gewone Venezolanen”, zegt Michelle Kissenkoetter, van de Latijns-Amerikaanse afdeling van Amnesty vanuit Lima. Meer dan 45 meldingen over zwaarbewapende eenheden die hele wooncomplexen binnenvielen en mensen met geweld meenamen, werden onderzocht. „Deze mensen hadden niet eens aan de demonstraties meegedaan. Maar dan nog: protesteren is een recht. Dit zijn illegale klopjachten”, zegt Kissenkoetter fel.

In het rapport wordt ook beschreven hoe de eenheden de vrouwelijke bewoners seksueel intimideerden en in de huizen op zoek gingen naar waardevolle buit zoals telefoons, computers, geld. „Er heerst complete wetteloosheid in Venezuela. Je kunt niet naar de politie stappen, want die is op de hand van de regering. De scheiding der machten functioneert niet meer en belangrijke onafhankelijke instituties worden gedomineerd door Maduro”, zegt Kissenkoetter.

Niet alleen critici worden volgens haar monddood gemaakt. Ook de mensen die hen steunen en beschermen worden bedreigd. „Denk aan advocaten en familieleden, maar zelfs vrouwen die tijdens de massaprotesten de demonstranten te eten gaven en hun wonden verzorgden na het politiegeweld zijn opgepakt en vastgezet”, zegt ze.

Studentenleider Christian Manrique (23): “Ze stopten een pistool in mijn mond en zetten het toen tegen mijn voorhoofd.” Foto Gabriel Osorio

Het graf

Ondertussen neemt de onderdrukking van tegenstanders van het regime steeds zorgelijker vormen aan. Studentenleider Christian Manrique (23) werd vorig jaar naar eigen zeggen ontvoerd door de Sebin, de gevreesde Venezolaanse geheime dienst, en opgesloten in ‘la Tumba’ (‘het Graf’).

In dit beruchte martelgebouw van de geheime dienst worden zeer specifieke lichamelijke en psychische marteltechnieken toegepast om gevangenen aan het praten te krijgen. „Ik werd geslagen, ze stopten een pistool in mijn mond, en zetten het daarna tegen mijn voorhoofd. Ze dreigden dat ze me zouden verkrachten als ik geen schuld zou bekennen. Ik moest een document ondertekenen waarin stond dat ik goed was behandeld. Weigerde ik, dan zouden ze mijn moeder vermoorden”, vertelt Manrique tijdens een tussenuur in de tuin van de Centrale Universiteit in Caracas. De studentenleider ging in hongerstaking en werd uiteindelijk vrijgelaten, maar vervolgens wel jarenlang geschaduwd en achtervolgd. „Af en toe word ik klemgereden door geblindeerde SUV’s, laatst nog hier op de universiteit werd er een kap over mijn hoofd getrokken en werd ik een auto in gesleurd. Ik weet dat ik het land niet uit kan: ik sta onder toezicht. Toch blijf ik strijden voor politieke vrijheid, ook al leven we hier niet meer in een democratie.”

Bekijk ook deze fotoserie: De duizenden gewonden van Venezuela

Volgens Amnesty kijkt de internationale gemeenschap vooral naar de economie en de politiek en neemt ze de mensenrechten in Venezuela niet serieus genoeg. „Venezolanen gaan dood van de honger en gebrek aan medische zorg – allebei het gevolg van de crisis – en ze worden ook nog eens zwaar onderdrukt. Ongeveer alle mensenrechten staan hier op het spel”, zegt Kissenkoetter.

Efraín Ortega is nu enkele weken vrij, maar vanbinnen voelt hij dat nog niet. Hij heeft last van nachtmerries. „Ik leef met een constant gevoel van angst en paniek”, zegt hij en stroopt zijn broekspijpen omhoog. Rond zijn kuit zit een enorme bult: een ophoping van spataderen en bloeduitstortingen. Het is het gevolg van een van de laatste intensieve folteringen, zegt hij. „We werden met honderd gevangenen opgesloten in een kleine ruimte. We moesten een maand lang blijven staan, we mochten niet zitten, niet slapen. Als je even wegzakte of indutte, kreeg je direct elektrische schokken of werd je met stokken geslagen. Je móést blijven staan. Ik heb het allemaal overleefd, maar ik zal nooit meer normaal kunnen lopen”, zegt hij.

En toch: lichamelijke pijn gaat over. Het is juist de geestelijke marteling die de diepste wonden slaat, zegt Ortega. „Ik vertrouw bijvoorbeeld niemand meer, geen mens. Dat vind ik eigenlijk nog het ergste.”

Met medewerking van Jesús Alfonso Sanoja.

Correctie (8 december 2017): In een eerdere versie van dit artikel stond slagaders in plaats van spataderen.