Column

Dj’s

Maandag was Jeroen van Inkel op Radio 1, normaal gesproken een reden om het ding uit te zetten, maar dit keer was het een serieus gesprek met als kernvraag: ‘Zijn er grenzen aan de grap?’ Ik herhaal: een interview met Jeroen van Inkel over grappig zijn. Met hem en Adam Curry begon het oeverloze gelul, het grote gieren. Radio was na die twee nooit meer hetzelfde. Er kwamen steeds meer zenders met steeds meer dj’s die hun bek nooit houden en ze gingen steeds meer verdienen.

Aanleiding voor het gesprekje met Jeroen was het gedoe van de dag: dj Frank Dane die het op Radio 538 grappig vond om zangeres Maan tijdens een optredentje te confronteren met een blote man, hahaha. Hij had spijt, zoals ook Giel Beelen spijt had na iets met Sylvana Simons en apengeluiden: dj’s hebben achteraf altijd spijt.

Jeroen zei dat de druk om te scoren hoog is en dat je dj’s hun gang moet laten gaan om de grens op te zoeken. Zelf had hij ooit het telefoonnummer van paparazzo Joop van Tellingen genoemd opdat luisteraars zelf tegen hem konden zeggen wat of ze van zijn werk vonden. Ook een grote hahaha natuurlijk, maar achteraf toch wel over de grens.

Vond Jeroen, bij wie het grote lachen ooit begon.

Zet je autoradio aan en je hoort overal dj’s kakelen en lachen.

Liefst om zichzelf, desnoods om elkaar.

Coen Swijnenberg van Coen & Sander (ook Radio 538) was vorige week een schijtlollig nieuwsbericht, het zal de tijdgeest zijn, omdat hij op de radio zei dat hij een keer van zijn eigen huis naar de toiletten op station Utrecht was geracet om te poepen.

En dan hebben we het nog niet eens over Gieltje debieltje, de ergste van allemaal, die deze week beloond wordt met ‘een roast’ op Comedy Central, waar hij zelf het meeste van zal genieten. Met puberen je geld verdienen tot je pensioen. Koning van een schijnwereld waar iedereen bij iedere scheet onder tafel ligt van het lachen. Jaarlijks dieptepunt: het glazen huis, waarin de populairste dj’s zichzelf vieren op een plein in een provinciestad. Het is dat er een goed doel aan vastzit, maar anders hadden de ruiten er wat mij betreft uit gemogen.

Er was er een om wie ik weleens moest lachen: Timur Perlin. Als je naar hem luisterde, sloop het ongemak de ruimte binnen.

Knap als je dat kunt.

Voor een dj.

Dat denk ik er wel achteraan

Zul je altijd zien dat juist hij op zijn veertigste stopte met 3FM omdat hij zin had om „een beetje te lummelen, te hangen en te gaan bergwandelen”.

Dat zouden er meer moeten doen, liefst allemaal.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.