De tennisleraar kreeg de aandelen op zijn naam

Fraude energiecentrale

Er zou een revolutionaire energiecentrale in Steenwijk komen. Maar gemeenschapsgeld werd doorgesluisd naar privérekeningen, stelt het Openbaar Ministerie. Dat eist nu jaren celstraf tegen de ex-directeuren van Rendo.

De rechtbank in Assen. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Gedreven door hebzucht. Spin in het web. Zich verschuilend achter leugens. Zo omschrijft justitie de 58-jarige Richard W., ex-directeur van netbeheerder Rendo.

Op de kop af vijf jaar geleden werd W. van zijn bed gelicht, verdacht van fraude bij de bouw van een nieuwe elektriciteitscentrale van Rendo in Steenwijk. In alle vroegte stonden ambtenaren van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) en de rechter-commissaris voor zijn villa in Groningen. Zijn laptop en administratie werden in beslag genomen, W. zelf werd afgevoerd naar een cel. Twee weken zat hij vast. Nu dient de rechtszaak in Assen.

Dinsdag eiste het Openbaar Ministerie (OM) een gevangenisstraf van 5 jaar tegen W.. Ex-Rendo-directeur Stéphan V. (51) uit Meppel moet wat justitie betreft drie jaar de cel in. De mannen staan terecht voor oplichting, witwassen, valsheid in geschrifte en bedrog in jaarstukken.

De twee zouden zichzelf hebben verrijkt met geld van Rendo dat is geïnvesteerd in wat een revolutionaire energiecentrale had moeten worden. Ze zouden een deel van het geld (zeker enkele miljoenen) via schimmige constructies hebben doorgesluisd naar hun eigen bankrekeningen, volgens justitie. Dat het om gemeenschapsgeld gaat, rekent het OM ze zwaar aan. Rendo, beheerder van gas- en elektriciteitsnetwerken, is eigendom van negen gemeenten in Zuid-Drenthe en Noord-Overijssel.

In de rechtszaak waarvoor tien zittingsdagen zijn uitgetrokken, staan behalve de twee ex-directeuren ook zes anderen terecht: de schoonvader van W., de huidige partner van V., de ex-echtgenote van V., de broer van V., een ‘tennismaatje’ van W. en de twee ‘techneuten’ die waren betrokken bij de bijzondere techniek (torrefactie) die gebruikt zou gaan worden in de centrale.

Illustratie studio nrc

Zestig procent van de aandelen in de centrale was ondergebracht in twee besloten vennootschappen, Woldomus en Marella, die op naam stonden van familieleden van W. en V.. Later kwamen de aandelen in handen van een vriend van W., tennisleraar Robert van der L. (60) uit Groningen. De ex-directeuren wilden met „verhullende constructies” hun belang uit het zicht houden, stelt justitie.

Tennisleraar

De advocaat van W., Bert-Jan van Leuveren, vindt de verwijten van het OM onterecht. Hij zegt dat zijn cliënt niet zo snel externe aandeelhouders kon vinden. „Toen heeft W. gezegd: ‘Waarom worden wij geen aandeelhouders?’” Met de inzet van familieleden en vrienden wilde hij „een extra verdedingswal” opwerpen vanwege de toen net nieuwe ‘Splitsingswet’. Die wet schrijft voor dat een netbeheerder als Rendo zelf geen energie mag produceren.

Rendo wilde graag ‘groen’ investeren en ‘het stroomprobleem’ van Steenwijk oplossen. Met de centrale, waarvoor Stramproy Green Investments (SGI) werd opgericht, werden twee vliegen in één klap geslagen, volgens Van Leuveren.

Steenwijk was kwetsbaar bij storingen. De stad ligt aan een uitloper van het landelijke elektriciteitsnetwerk – er is maar vanaf één kant stroomtoevoer mogelijk. In 2003 zat Steenwijk een hele dag zonder elektriciteit. Voor plaatsing van noodaggregaten was hulp van de landmacht nodig.

Tennisleraar Van der L. die in 2008 de aandelen op zijn naam kreeg, verleende „een vriendendienst” waar hij verder niet zo bij had stilgestaan, zei hij vorige week tegen de rechtbank. Tegen hem is dinsdag een werkstraf van 120 uur geëist. Justitie ziet hem als stroman.

Vlak nadat Van der L. eind 2009 de aandelen had ‘teruggeleverd’, werden ze voor 8,1 miljoen euro verkocht aan SGI – geld dat er niet was. Het geld dat er wel was, enkele miljoenen, vloeide naar privérekeningen van W. en V..

In de centrale is in totaal 58,5 miljoen euro geïnvesteerd; volgens justitie 38 miljoen euro van Rendo en de rest door banken en overheden. De verwachtingen van de moderne technologie waren hoog; er werden enorme winsten voorzien.

Van Leuveren stelt dat W. de kwestie van de externe aandeelhouders heeft besproken met Hayo Apotheker, tot 2010 burgemeester van Steenwijkerland (waaronder Steenwijk) en in die hoedanigheid president-commissaris van Rendo. W. had de indruk dat Apotheker akkoord was. De advocaat: „Hayo Apotheker zei tegen mijn cliënt dat hij het maar moest regelen.”

Apotheker zelf, nu burgemeester van Súdwest Fryslân, zegt niets te hebben geweten van de constructie. Volgens justitie is de raad van commissarissen niet geïnformeerd over het persoonlijke belang van de directeuren in SGI.

W. is eerder veroordeeld voor belastingfraude en kreeg twee jaar cel voor het aannemen van steekpenningen (een miljoen euro) bij de verkoop in 2006 van een deel van Rendo aan het Belgische Electrabel. W. is in hoger beroep gegaan.

Tranen

In de rechtbank was W. afgelopen week in tranen toen het over zijn persoonlijke omstandigheden ging. Van Leuveren: „Zijn leven staat al vijf jaar stil. Hij heeft niks meer, kan niks meer. Er ligt beslag op zijn bezittingen.” De villa waarin hij woont, mag hij niet verkopen, maar betalen kan hij het huis niet meer. Hij leeft van geleend geld, volgens zijn advocaat.

Justitie ziet W. als iemand die „nagenoeg voortdurend is bezig geweest fraudedelicten te plegen om er persoonlijk beter van te worden”. In de ogen van het OM verschuilt hij zich achter een wereld van leugens en heeft hij anderen bewogen tot fraude. „Personen zijn beschadigd door de hebzucht van deze verdachten”, aldus de officier. Mede-directeur V. „liep aan de hand” van W., volgens justitie. „Zijn drijfveer was ook persoonlijk gewin. Hij heeft het geld van Rendo gebruikt om een huis te kopen.”

De elektriciteitscentrale in Steenwijk is na het faillissement in 2013 overgegaan in handen van IJsbeer Energie, die er nu zowel stroom als warmte produceert. De installatie voor de vernieuwende torrefactie is al lang ontmanteld en verkocht.

Tegen de schoonvader van W. en de broer van V. is negen maanden cel geëist, tegen de partner van V. 60 uur werkstraf en tegen de ex-echtgenote van V. schuldigverklaring zonder straf.