Recensie

Een betoverend Droste-effect

Coming-of-age-sprookje

De nieuwe film van Todd Haynes is een puzzel over twee prille tieners in twee verschillende tijdperken.

Julianne Moore en Oakes Fegley in Wonderstruck.

Hoeveel mensen hebben al door de straten van New York gelopen? Soms zetten ze hun voeten op precies dezelfde plek waar een andere wandelaar net zijn voet heeft opgetild. Soms zit er een seconde, soms zit er een eeuwigheid tussen. Soms zijn misschien de stenen versleten, of zelfs vervangen. Maar dan is het nog steeds dezelfde plek. Precies dat gevoel van verbonden zijn door tijd en ruimte, met mensen die je misschien wel nooit zal leren kennen, of al lang kent zonder ze ooit te ontmoeten, is de inzet van Wonderstruck.

De plot draait om twee prille tieners in twee verschillende tijdperken. Het dove meisje Rose komt uit het New York van 1927, vlak voor de uitvinding van de geluidsfilm. Haynes en vaste cameraman Ed Lachman namen haar verhaallijnen op als een stille zwart-witfilm. Ze is van huis weggelopen en op zoek naar haar moeder. Haar belevenissen zijn doorsneden met die van plattelandsjongen Ben die in 1977 in een hectisch, kleurverzadigd New York verzeild raakt met een gelijksoortige missie.

Wonderstruck is een echte puzzelfilm. Auditieve en visuele aanwijzingen verbinden de beide tijden, en knopen aan het einde van de film die beide levens aan elkaar. Het New Yorkse Museum of Natural History met z’n klassieke levensgrote kijkkasten is in de film zo’n knooppunt van tijdlijnen. De film is zelf ook een diorama, met doorkijkjes, en de suggestie dat de horizon soms ver achter het filmdoek ligt. En in de grote finale van de film is het zelfs echt een kijkdoos, een maquette. De charme van dat alles is soms meer esthetisch en intellectueel dan emotioneel. Maar in de romantische gedachte dat de beperkingen van tijd en ruimte door kunst en cultuur kunnen worden opgeheven, schuilt grote troost. Een betoverend Droste-effect.