Rusteloosheid breekt Ajax op

FC Twente - Ajax

Met PSV en AZ voor de boeg is Ajax’ achterstand op de koploper opgelopen tot tien punten. Rusteloosheid brak Ajax op tegen Twente: 3-3.

David Neres van Ajax (rechts) in duel met Cristián Cuevas van FC Twente. Foto Olaf Kraak/ANP

De Grolsch Veste lag er onheilspellend bij in de Twentse nevel, op deze ijskoude zaterdagavond in Enschede. Tackles op de rand van het betamelijke, verwerpelijke spreekkoren richting scheidsrechter Dennis Higler en drie doelpunten van de Tukkers aan de kant met de harde kern in Vak-P. Zo kwam een gedenkwaardig gelijkspel tot stand dat rond de klok van half negen gevierd werd met bier en ongeloof.

Makkelijk zou het niet worden, had Marcel Keizer al gezegd ver voor het in een sensationeel gevecht 3-3 zou worden tussen FC Twente en Ajax. Vlokjes sneeuw dwarrelden neer op het hoofd van de tactische puzzelaar, die zijn ploeg verder zag wegglijden in de titelstrijd. Gestruikeld in het stadion waar Ajax sinds maart 2013 niet meer won, een week voor PSV-thuis.

Keizers elftal was aardig bezig in de eerste helft en FC Twente kwam met maar één gele kaart voor het geschop van verdediger Jos Hooiveld goed weg. Schöne mocht zich met twee rake vrije trappen voor rust al voorzichtig man van de wedstrijd wanen, al was Justin Kluivert de beste. Dreigend, dwingend, dansend. Getuige de voorbarige gebaartjes voor de lens van de Fox-camera bij zijn 3-2 dacht hij diep in de tweede helft als matchwinner van het veld te stappen.

Vrezen voor FC Twente

Maar Twente-spits Tom Boere stuurde met zijn kopbal richting kruising het volk in jubelsfeer naar huis of het uitgaansleven in. FC Twente, nog lang niet uit de sores, toonde het bewustzijn dat Gertjan Verbeek op de ploeg overbrengt sinds zijn aantreden als coach en technisch manager, eind oktober. Het besef dat de club, die anderhalf jaar geleden bijna failliet was, in de huidige lamentabele staat wel degelijk moet vrezen voor een eindklassering die je niet wil als club met de status en achterban als die van FC Twente. En dat daarom gespeeld moet worden in „overlevingsmodus”, volgens Verbeek.

En Ajax? „Slap”, zei coach Keizer over de tweede helft. Tien punten achter, sinds zondag, op PSV. En voorbijgestreefd door AZ. De vier raspaardjes van Ajax – Schöne, Frenkie de Jong, Donny van de Beek en Hakim Ziyech – mochten het vanaf de aftrap doen en dat bood perspectief op een voetbalshow. En de show kwam, zij het in een andere vorm dan vooraf verwacht. Al dat vernuft op één midtdenveld – heerlijk, maar hoe lang kan dit goed gaan? Is het iets voor tegen PSV? „Het is kwetsbaar”, zei Keizer na afloop. „Maar het moet kunnen als we langer aan de bal zijn.”

Als je het aan het gros van de Ajax-aanhang vraagt, speelt de twintigjarige Frenkie de Jong altijd. ‘Stations’ overslaan, linies doorklieven – hij heeft het allemaal. Meer moed met acties achterin dan menig man voorin. Sturend met die armen, balend als zijn pass het beoogde doel niet direct bereikt maar Schöne er nog even tussen komt met een hinderlijke balberoering. Nee, aan De Jong lag het allemaal niet.

Het viermansmiddenveld met De Jong erbij was een puike vondst in de tweede helft tegen Roda JC (5-1) een week eerder, toen een vastgelopen Ajax werd bevrijd door een hattrick van Kluivert. Tegen FC Twente hield de trainer het dus zo. Het is de lijn-Keizer: hij kiest voor het laatste dat werkte, tot ook dat niet voldoet. Hij wacht nog altijd op zijn ‘Willem II-voor-de-beker-moment’, dat duel waar zijn voorganger Peter Bosz het elftal in elkaar klikte, en de rest werd moderne Ajax-geschiedenis. Dat was eind september vorig jaar, al te veel punten waren er nog niet verspeeld.

Het is december en de coach van Ajax schiet nog steeds uit de heup. Dat is enerverend, want onvoorspelbaar – maar verre van solide. De coach wordt niet geholpen door een lamgeslagen defensie op links. Daley Sinkgraven is (weer) lang herstellend van een kniekwetsuur, de nuttige Nick Viergever moet tot januari toekijken. Waardoor tegen FC Twente rechtsback Veltman naar links verhuisde toen Max Wöber met nekklachten na een val de strijd in de rust moest staken. Invaller Deyovaisio Zeefuik bleek stokebrand in eigen kring.

Toen de 2-1 van Stefan Thesker zomaar mocht vallen uit een hoekschop, glipte Ajax de wedstrijd door de vingers. Er was geen touw meer aan vast te knopen. Vlak voor de aftrap na een wondergoal van weer Thesker (2-2) maakte Lasse Schöne met malende armgebaren duidelijk waar het aan schortte: Ajax kon de bal niet vasthouden. „Als je veel aan de bal bent komt de tegenstander rond de zestien te spelen”, zei Keizer. „Maar als je hem onderweg al verliest, sta je redelijk open. Dat is een risico.”

Naar het – defensieve – balbezitspelletje van de twee seizoenen geleden afgezwaaide Frank de Boer verlangt vermoedelijk geen mens terug, maar de rusteloosheid van Ajax onder Keizer brak de ploeg tegen FC Twente op. Balbezit om balbezit mag dan ‘not done’ zijn, maar zoals Brendan Rodgers in zijn tijd bij Swansea City eens zei om zijn on-Britse hang naar gevaarloos rondtikken te verdedigen: „Als we de bal hebben, rusten we.”

Ajax-principes

Ajax hield de bal na rust nooit lang meer vast en zo sijpelden de krachten weg in Enschede. De zegen – of vloek – van het jaar-Bosz is dat een meer gereserveerde modus amper nog gepruimd wordt in Amsterdam. Hij bracht evidente Ajax-principes als diepte voor breedte nadrukkelijk terug en kietelde de achterban met gejaagd spel en ‘verticaler’ voetbal. Spelers geloofden erin, daarom werkte het. Maar het succes dat Bosz had dwingt opvolgers om die lijn voort te zetten. Een zware opgave voor een mindere trainer, zijnde Keizer nu, met een minder selectie, zijnde deze.

Is het allemaal voorbij, nu al? De serie schrale zeges van de koploper doet onoverwinnelijkheid vermoeden, terwijl AZ nu het overtuigendst door de eredivisie marcheert. Zondag treft Ajax PSV, daarna AZ-uit en tussendoor Excelsior-thuis. Keizer moet een topweek afleveren, maar hijzelf noch zijn ploeg geeft blijk zo’n krachttoer momenteel aan te kunnen. Maar op een willekeurige dag kan alles zo ineens goed vallen, want bij Ajax regeert de impuls.