Militaire missies moeten succesjes brengen

Mali en Afghanistan

De Kamer steunt de verlenging van de militaire missies in Afghanistan en Mali, bleek maandag. De gebreken in Mali zijn verholpen, zegt de minister van Defensie. Er is wel scepsis over de resultaten.

Enkele van de 140 voertuigen die in 2014 vanuit de Eemshaven naar West-Afrika zijn verscheept voor de missie van de Verenigde Naties in Mali, waaraan Nederland deelneemt. Foto Catrinus van der Veen/ANP

Met militairen vechten in een land en tegelijk hetzelfde land opbouwen, gaat dat nog altijd samen? Een meerderheid van de Tweede Kamer vindt van wel en steunt dan ook de verlenging van de Nederlandse militaire aanwezigheid in Mali en Afghanistan. Dat bleek maandag tijdens een debat van de Kamer met de drie meest betrokken ministers.

De verwachtingen over het effect van militaire aanwezigheid in arme, nauwelijks functionerende staten zijn niet meer zo hooggespannen als tien jaar geleden toen Nederland voor het eerst grootschalig in Afghanistan aanwezig was. In het kader van een NAVO-operatie moesten de opstandelingen van de Talibaan bestreden worden. Maar nadat een groot deel van de buitenlandse troepen zich had teruggetrokken, keerde de Talibaan terug.

In Mali waar een troepenmacht van de VN op uitnodiging van de Malinese regering met ruim 13.000 militairen en 2.000 politiefunctionarissen zit, is volgens het kabinet sprake van lichte vooruitgang. Minister Sigrid Kaag (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, D66) wilde maandag niet spreken „van successen maar succesjes”. Het gaat volgens om haar om een „lang proces” maar „nietsdoen is geen optie”.

Minister Halbe Zijlstra (Buitenlandse Zaken, VVD) zei het in hetzelfde debat iets pregnanter: „Het is in Mali beter dan vier jaar geleden. Toen dreigde het land te vervallen tot een kalifaat.”

Het was allemaal niet overtuigend voor de PVV, SP en Denk, altijd al uitgesproken tegenstanders van het uitzenden van Nederlandse militairen naar Mali en Afghanistan. Deze partijen menen dat het terrorisme alleen maar is toegenomen door de buitenlandse aanwezigheid. „De terroristische dreiging is groter dan ooit. De grondoorzaken van het conflict in Mali worden niet aangepakt. Dan is het gewoon een mission impossible”, aldus Kamerlid Sadet Karabulut (SP) .

Haar collega Raymond de Roon (PVV) noemde de VN-missie in Mali „de dodelijkste en minst effectieve” en pleitte ervoor dat Nederland zijn militairen onmiddellijk terughaalt. Selcuk Özturk van Denk zei dat zijn fractie niet wil meewerken „aan de schimmige geopolitieke spelletjes die gespeeld worden.”

Veiligheidssituatie

Maar de meerderheid van de Kamer is – vaak met de nodige scepsis – toch voor. Zoals Kamerlid Bram van Ojik (GroenLinks) het vertolkte: „Het is allebei waar. Ik denk dat er zaken zijn verslechterd én verbeterd.”

Formeel zal de Kamer volgende week een eindoordeel geven, maar nu al is duidelijk dat behalve de coalitiepartijen VVD, CDA, D66 en ChristenUnie ook de oppositiepartijen GroenLinks, PvdA en SGP geen bezwaren hebben tegen het kabinetsbesluit.

Bij een groot deel van de Kamer leefden aanvankelijk nog wel zorgen over de veiligheidssituatie voor de militairen. De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) constateerde eind september in een hard rapport dat Defensie bij de missie in Mali „ernstig tekort” was geschoten in de zorg voor de veiligheid van uitgezonden Nederlandse militairen. Het ging hierbij zowel om de veiligheid van munitie als goede militaire gezondheidszorg.

Het rapport van de OVV werd opgesteld naar aanleiding van een ongeval tijdens een oefening in Mali met een mortiergranaat. Hierbij kwamen twee Nederlandse militairen om het leven en raakte een derde zwaargewond. Volgens minister Ank Bijleveld (Defensie, CDA) zijn alle tekortkomingen weggenomen.

    • Mark Kranenburg