Recensie

Richard Groenendijk zou best wat vaker mogen zingen

Solo

Groenendijks oprechte woede over relevante maatschappelijke thema’s maakt veel indruk. Op dit soort momenten laat Groenendijk zien dat hij behalve volkskomiek en entertainer ook een uitstekend cabaretier is.

Richard Groenendijk in ‘Om alles’ Foto Roy Beusker

Toen comédienne en actrice Fien de La Mar op 67-jarige leeftijd van twee hoog naar beneden sprong en haar in het ziekenhuis gevraagd werd naar het waarom, antwoordde zij: ‘Om alles’. Deze uitspraak vormt het uitgangspunt van Groenendijks gelijknamige tiende cabaretsolo, waarin hij de onbestemde angst voor het leven beschrijft die hem elke dag weer overvalt.

Dit klinkt misschien ernstig, maar in Groenendijks nieuwe voorstelling valt er vooral ontzettend veel te lachen. Groenendijk heeft zijn angsten en onzekerheden verwerkt tot fantastische comedy, waarin hij zichzelf noch zijn omgeving spaart. Zoals altijd vertelt hij ook een aantal smakelijke anekdotes uit het artiestenleven, van zijn belevenissen met Patty Brard tot een prachtig verhaal dat we al kennen uit een eerdere show over zijn bezoekje aan een doodzieke mevrouw die heel graag Jopie Parlevliet wil ontmoeten, het televisietypetje waar Groenendijk met veel succes een talkshow omheen verzon.

Net als al die artiestenverhalen wat beginnen te vervelen, schakelt Groenendijk in het tweede deel van de show over op een ander register. In dit tweede deel krijgt zijn eigen generatie ervan langs. Zijn tirade tegen de veertigers en vijftigers die zo nodig moeten scheiden en in de weekenden coke snuiven om zich weer jong te voelen is bijzonder geestig en relevant. Indrukwekkend is ook Groenendijks aanklacht tegen de homofobie waar hij nog elke dag mee te maken heeft, zelfs onder collega’s. Groenendijks oprechte woede over relevante maatschappelijke thema’s maakt veel indruk. Op dit soort momenten laat Groenendijk zien dat hij behalve volkskomiek en entertainer ook een uitstekend cabaretier is.

Richard Groenendijk in ‘Om alles’ Foto Roy Beusker

Ter afwisseling van de conferences zingt Groenendijk ook nog twee wonderschone liedjes, waaronder Brigitte Kaandorps ‘Zeewind’, over de dood van een geliefde. Dat zingen zou Groenendijk vaker mogen doen. Zo had ‘Om alles’, dat Ivo de Wijs ooit schreef voor de musical Fien, prachtig in de voorstelling gepast. Dit lied is Groenendijk eigenlijk op het lijf geschreven.

Al met al levert Groenendijk met Om alles opnieuw een zeer geslaagd programma af. Het is misschien niet bijzonder vernieuwend wat Groenendijk doet en natuurlijk zit er hier en daar ook best een flauwe mop of een belegen anekdote tussen, maar met zijn grote dosis zelfspot en typerende vileine humor weet Groenendijk het publiek heel hard te laten lachen en af en toe ook een beetje aan het denken te zetten.