Commentaar

Gooi bitcoin niet weg met het badwater

Het was een wilde rit, het prijsverloop van de kryptomunt bitcoin deze week. Op maandag steeg de waarde naar rond de 8.500 dollar, dinsdag sneuvelde de grens van 10.000 dollar. Dat is tien maal zoveel als de prijs waarmee de munt het jaar begon, om maar te zwijgen over de 30 cent die de munt begin 2011 nog kostte.

Woensdag tikte bitcoin zelfs 11.400 dollar aan, om vervolgens met bijna een kwart te kelderen maar daarna weer deels op te veren. Toezichthouders reageerden aanvankelijk ongemakkelijk op de opkomst van de kryptomunt, zoals de ouders van een puber die voor het eerst met vrienden op vakantie gaat: bezorgd dat het uit de hand zou lopen, maar meteen verbieden stond ook weer zo ouderwets.

Nu het wel erg wild wordt op de camping verandert die toon. Toezichthouder AFM en De Nederlandsche Bank hebben inmiddels gewaarschuwd voor het beleggen in de munt en zijn kleinere soortgenoten. Nobelprijswinnaar Joseph Stiglitz pleitte deze week voor een verbod van de munt, die ‘geen enkel maatschappelijk doel dient’. Econoom Nouriel Roubini, bekend van zijn waarschuwing voor de financiële crisis, noemde bitcoin een ‘gigantische speculatieve zeepbel’.

De koersexplosie oogt inderdaad riskant. Inmiddels is de opgetelde waarde van alle bitcoin op papier meer dan 150 miljard dollar. Het creëren van nieuwe bitcoin (‘mining’), door het oplossen van in complexiteit toenemende berekeningen, kost steeds meer computerkracht –en stroom. Er is al berekend dat er over een paar jaar de gehele jaarlijkse energieconsumptie van een land als Denemarken mee gemoeid kan zijn.

Er worden verschillende oorzaken genoemd voor de snelle prijsstijging. Er waait een anti-autoritaire wind door de Westerse samenlevingen, waar de anarchistische bitcoin goed bij aansluit. Er is ruimte voor nieuwe theorieën over geld en economie. En het hardnekkige wantrouwen in het financiële systeem dat na de crisis van 2008 oplaaide, is een goede voedingsbodem.

Dat maakt het narratief achter de kryptomunten voor veel mensen aansprekend. Toch lijkt de belangrijkste reden achter de prijsexplosie van de laatste tijd de toestroom van nieuwe kopers en de opkomst van nieuwe mogelijkheden om in bitcoin te beleggen, bijvoorbeeld met termijncontracten. Veel nieuwe toestromers zijn bang achter te blijven en de boot te missen. Dat lijkt op een klassiek stadium bij elke zeepbel.

Toch moet worden geconstateerd dat de munt in zekere zin geen eendagsvlieg is. De onderliggende techniek, de zogenoemde ‘blockchain’, is zeer innovatief. Het staat een netwerk van transacties toe dat zonder centrale leiding of administratie kan functioneren. Betalingen kunnen zo buiten het gangbare financiële systeem worden verricht. Maar blockchain is ook daarbuiten breed toepasbaar. Veel financiële instellingen die weinig van bitcoin moeten hebben, verdiepen zich wel degelijk in de blockchain-technologie.

In dit opzicht zijn er al vergelijkingen getrokken met de dotcom-hausse van rond de eeuwwisseling. Ook destijds waren er wilde speculaties in jonge internetondernemingen, waarvan de waarde stratosferisch opliep. Veel daarvan hebben het niet gehaald, en beleggers zaten met de schrammen en de bulten. Maar onder al dat overmatige enthousiasme, dat destijds leidde tot een geweldige zeepbel, zat wel degelijk de belofte van het opkomende internet.

Zo bezien zit er enige tragiek in de prijsexplosie van bitcoin. De kryptomunt werd al gebruikt voor transacties in de schemerzones van de samenleving. Maar nu de prijs door het dak gaat, trekt de munt voorspelbaar niet alleen nieuwe onervaren beleggers aan, maar ook het gebruikelijke circus van charlatans en financiële potsenmakers dat bij elke zeepbel pleegt op te duiken. Zo stijgt het risico dat niet alleen bitcoin besmet wordt zijn eigen succes, maar ook de ook de onderliggende technologie. Dat zou zonde zijn.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.