Een derde Noorse wereldkampioen

Harry Mulisch schreef eens dat er voor ieder mens een spel is waarin hij wereldkampioen zou zijn, als dat spel zou bestaan. Helaas is voor de meeste mensen hun spel nooit bedacht en voor al die ongelukkige miljarden zal het voor hen op maat gesneden spel ook nooit bedacht worden, laat staan echt gespeeld. Willem Frederik Hermans, een collega van Mulisch die een minder rooskleurige kijk op de wereld had, haalde voor een van zijn romans als motto de woorden aan: ‘Niets, wordt er, niets, uit talloos veel miljoenen.’ Wat een uitzonderlijke geluksvogels zijn dan de wereldkampioenen die wij kennen. Het zijn uitverkorenen, doordat hun spel door een wonderlijk toeval echt bestaat.

Het jeugdwereldkampioenschap (voor spelers die op 1 januari 2017 nog geen 20 jaar waren) werd van 13 tot 25 november gespeeld in Tarvisio, een stadje op het drielandenpunt van Italië, Slovenië en Oostenrijk.

Wie in oude tijden jeugdwereldkampioen werd, kon denken dat hij de sterkste schaker van zijn generatie was, en soms was dat ook zo. Spassky, Karpov, Kasparov en Anand werden eerst jeugdwereldkampioen en later kampioen bij de volwassenen.

Tegenwoordig doen de beste jonge schakers vaak niet mee, want ze zijn te druk met de wedstrijden van de grote mensen. Magnus Carlsen bijvoorbeeld heeft na zijn dertiende niet meer in jeugdwedstrijden gespeeld.

De Nederlandse afvaardiging naar Tarvisio bestond uit grootmeester Jorden van Foreest en in zijn gevolg vier jonge Nederlandse meesters, waaronder zijn broer Lucas. Jorden was de hoogste in rating van het toernooi. Hij kon goede hoop hebben om wereldkampioen te worden.

Het scheelde een haartje. In de laatste ronde moest hij tegen de Noor Aryan Tari. Als Van Foreest zou winnen, was hij wereldkampioen. Tari kreeg het moeilijk, maar hij hield remise en hij werd kampioen.

Taris is een 18-jarige Noor van Iraanse afkomst. De derde Noorse schaakwereldkampioen, want behalve Magnus Carlsen is er ook nog Ivar Bern, die tussen 2002 en 2005 wereldkampioen correspondentieschaak was. Of het verband met elkaar heeft weet ik niet zeker, maar op de Human Development Index van de Verenigde Naties staat Noorwegen ook meestal eerste.

Jorden van Foreest - Alexey Sorokin (Rusland), World Junior Tarvisio 2017

1. e4 c5 2. Pf3 d6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 Pf6 5. Pc3 a6 6. Le2 e5 7. Pf3 h6 8. Pd2 b5 Deze voortijdige expansie leidt tot problemen. 9. a4 b4 10. Pd5 Pxd5 11. exd5 Le7 Met 11...a5 kon zwart zijn b-pion beschermen, maar dat zou na 12. Lb5+ Pbd7 13. Pc4 Le7 14. Dg4 ook lastig voor hem zijn, omdat 14...0-0 niet goed gaat wegens 15. Lxh6. 12. a5 Lf5 13. Pc4 Pd7 14. Ld2 Zwart kan zijn b-pion niet meer dekken. Na 14...Tb8 15. Pe3 hangt pion a6. 14...Le4 Zwart had zich met pionverlies moeten verzoenen. De actie die hij onderneemt maakt het erger. 15. Lxb4 Db8 16. c3 Lxg2 17. Tg1 Le4 18. Txg7 Lg6 19. Lh5 Kf8 Zo wint zwart een kwaliteit, maar de prijs is hoog.

Zie diagram

20. Txg6 fxg6 21. Lxg6 Kg7 22. Lc2 Materieel staat het ongeveer gelijk, maar zwarts koning staat op de tocht. 22...Pf6 23. Dd3 De8 Iets beter was 23...e4, maar na 24. Dg3+ Kh7 25. Pxd6 staat wit gewonnen. 24. Pxd6 Lxd6 25. Dg3+ Zwart hoopte na 25. Lxd6 Dh5 nog te kunnen spartelen, maar nu gaf hij op.