Decembermaand, spellenmaand: vier bordspellen om te geven en krijgen

Spelletjes
Met de feestdagen in aantocht bespreekt Lucas Brouwers deze week vier bordspellen.

Foto NRC

Een spel met nul procent geluk

Licht het anker, hijs de zeilen! In bordspel Captains of the Golden Age vaar je als zeventiende-eeuwse kapitein de wereldzeeën over. Thuis kunnen we geen genoeg krijgen van het geplunder en het ruime sop. Ja, Captains is een blijvertje.

Captains of the Golden Age is bedacht én uitgegeven door de Nederlandse spellenmakers Niek Jansma en Dick Severs. Ze sprokkelden zelf het geld voor de productie en distributie bij elkaar: via crowdfunding-website Kickstarter haalden ze 25.000 euro op.

Doel van het spel is om peper te verschepen van ‘de Oriënt’ aan de ene kant van het ronde spelbord naar een niet nader te noemen ‘republiek’ (oranje gekleurd) aan de andere kant. Daartussen liggen eilanden waar de handelswaren rum, hout, linnen en koper kunnen worden ingeladen.

De oriënt en republiek zijn de rustpunten van het spel. Hier kan je niet aangevallen worden en mag je je schip opwaarderen. Wil je meer kanonnen of meer bemanning? Extra zeilen of meer laadruimte? Elke uitbreiding maakt je schip sneller, gevaarlijker of ruimer.

Op de open zee loert het gevaar. Concurrenten kunnen je enteren om je lading te stelen of ze kunnen je aanvallen met kanonnen. De spanning is vooral te snijden als iemand de kostbare peper inlaadt. Zelfs piraten met grote mond worden poeslief als ze peper verschepen. Schipper-mag-ik-overvaren – alsjeblieft?

Het spelbord zit behoorlijk slim in elkaar. Het nut van de buitenste vakjes zee zagen we eerst niet zo, totdat iemand bliksemsnel en buiten het vaarwater van anderen een lading peper overzette. Aha!

Captains is een eerlijk spel. Of, zoals de makers zeggen, een spel met „nul procent geluk”. Dat wil zeggen zonder de willekeurigheid van dobbelstenen of kaartenstapel. Dat is heerlijk voor slimme strategen die vooruit willen denken.

Ze worden geholpen door de op zich simpele regels. Als je zeilen aan flarden geschoten worden, is dat gewoon omdat de tegenstander meer kanonnen heeft dan jij. En wordt je lading gestolen? Dan had je tegenstander meer bemanningsleden (één gestolen vracht voor elk bemanningslid).

Thuis hebben we de perfecte strategie nog lang niet gevonden. In het spannendste potje dat we speelden, ging het aanvankelijk de kapitein met het snelste schip voor de wind. Maar halverwege hadden de kapiteins met de meeste kanonnen het voor het zeggen. En uiteindelijk won juist de kapitein die koos voor de meeste laadruimte.

Niet het spel, maar de knikkers!

Tak! Tak! Wat klinken tegen elkaar tikkende knikkers heerlijk. In Potion Explosion van 999 Games knallen de knikkers volop.

Doel van dit vrolijke knikkerspel is om toverdranken te brouwen. Elke drank, gesymboliseerd door een kaartje, vereist een andere combinatie van knikkers. Met twee rode knikkers, één blauwe en één gele kun je bijvoorbeeld lava-extract brouwen. Alle voltooide kaartjes, eh, drankjes zijn punten waard aan het einde van het spel.

Ondanks al het karton hangt er een magisch Harry Potter-sfeertje rond Potion Explosion. Ingrediënten (knikkers) hebben namen als ogersnot, drakenrook en eenhoorntraan. De drankjes die je brouwt, heten bijvoorbeeld ‘drank van het bonte plezier’ en ‘zand der tijd’. En de handeling ‘drankje drinken’ klinkt als een toverspreuk: gulpere drankibus.

Foto NRC

Zelfs het knikkers pakken is spectaculair. Elke beurt mag je één knikker uit een knikkerbaan van de ‘drankenmixer’ pakken. Daardoor rollen knikkers uit het reservoir de baan op. Als nu twee of meer knikkers van dezelfde kleur op elkaar botsen, ‘ontploffen’ deze ingrediënten en mag je ook deze knikkers pakken.

Het is daarbij leuk én slim om kettingreacties in de knikkerbaan te veroorzaken, waarbij de ene ontploffing leidt tot de volgende. Met een dubbele explosie haal je zeker genoeg ingrediënten binnen om een drankje te voltooien. En met de zeldzame driedubbelklapper heb je meer dan genoeg ingrediënten voor een paar rondes.

Zodra je drankjes gebrouwen hebt, mag je die op tactische momenten inzetten. Met de ‘drank der wijsheid’ mag je bijvoorbeeld gratis een knikker uit een baan pakken. Zo kun je een explosief een-tweetje voor jezelf opzetten. En je kan tegenstanders dwarszitten: met het ‘sap der blinde liefde’ dwing je een medespeler om alle knikkers van één kleur af te geven.

Wie drie dezelfde dranken óf vijf verschillende drankjes brouwt wint extra punten. Verschillende drankjes brouwen is verreweg het leukst. Dan kun je meerdere effecten combineren tot een krachtige knikkerexplosie. Boem!

Potion Explosion kun je met maximaal vier spelers spelen. Op de doos staat dat het spel voor 8 jaar en ouder is, maar wij denken dat slimme tovenaars en heksen van een jaar of 6 prima kunnen meedoen.

Met vier volwassenen was bij ons thuis de concurrentie in de toverdrankenklas moordend. Er werd lang naar de mixer getuurd voordat er een knikker werd gepakt. En wie in een beurt géén drankje voltooide werd uitgelachen. Hier geldt: brouwen of verzuipen.

Een spel dat om verteltalent vraagt

Ai, er is een acteur vermoord. Aan de keukentafel denken we na over onze volgende stap. Sommigen willen naar de taxistandplaats. Taxichauffeurs weten misschien wie er rond het tijdstip van de moord in de theaterbuurt waren.

Anderen pleiten voor een bezoekje aan de fameuze tabloid-journalist Langdale Pike. Áls er smeuïge roddels over ons slachtoffer de ronde gaan, dan is Pike daar zeker van op de hoogte.

We spelen Sherlock Holmes: Consulting Detective. In dit spel probeer je als groepje detectives een moordmysterie op te lossen. In victoriaans Londen scharrel je samen net zo lang aanwijzingen bij elkaar totdat je dader, motief en moordmethode durft aan te wijzen.

Foto NRC

Thuis waren we onder de indruk van het prachtige drukwerk dat uit de doos tevoorschijn kwam. Er zijn oude kranten met nieuws en advertenties. Er is een gedetailleerde kaart van Londen zoals het eruitzag aan het einde van de negentiende eeuw. En een Gouden Gids met adressen van personen en bedrijven.

En dan zijn er de tien geïllustreerde case files, het hart van het spel. Deze files bevatten elk een verhaal met aanwijzingen. Als groep beslis je welke locatie of verdachte je bezoekt. In de case file leest steeds iemand anders de bijbehorende aanwijzing voor. Simpel zat.

Het knappe is dat je je in Sherlock écht detective voelt. Je wéét je dat alle aanwijzingen ergens in Londen verstopt zijn. Je hoeft ze alleen te vinden, op de juiste manier te interpreteren en aaneen te rijgen. Je rechercheert actiever dan wanneer je een politieserie of detectiveroman consumeert.

Hoe minder aanwijzingen je nodig hebt om de moord op te lossen, hoe meer punten je scoort aan het eind van het spel. Die beloning van snelheid is een beetje tegenstrijdig, want dit spel is niet gemaakt om doorheen te jakkeren. Neem de tijd, snuif de victoriaanse sfeer van pijptabak en opium op.

Is Sherlock eigenlijk wel een bordspel? Niet in de traditionele zin van het woord. Dit is een vertel- en luisterspel.

Een Nederlandse vertaling is er helaas nog niet, dus om echt mee te doen moet je het Engels beheersen. En met een vleugje verteltalent doe je je medespelers ook een groot plezier. In principe is de groep waarmee je Sherlock kunt spelen oneindig groot, maar vier à vijf mensen is een praktisch maximum om de conversatie te blijven volgen.

Tien case files betekent dat je Sherlock tien keer kunt spelen, daarna zijn alle mysteries opgelost. Is dat erg? Nee. Voor 40 euro speel je tien avondvullende spellen. Dat is 4 euro per heerlijk avondje.

Goede vragen, maar het spel werkt niet

Tijdens het trivia-spel Kwis ’t! gebeurde iets raars. De veelweter van het gezelschap beantwoordde expres ál zijn vijf vragen fout. Zo kon hij later ‘bluffen’ dat hij drie vragen goed had om extra bonuspunten te verdienen. Briljante strategie? Nee, spelbederf! Maar het mocht wel.

Kwis ’t! is een uitgave van Waterfall Games, een nieuwe, Nederlandse spellenuitgever die in 2013 is opgericht door Ruben Dijkstra en Ruurd Lammers.

Op het eerste oog doet Kwis ’t! alles goed. Het futuristische spelbord is overzichtelijk. De vragen zijn bij vlagen moeilijk, maar nooit onmogelijk.

Foto NRC

Maar op een cruciaal spelonderdeel wringt het spel. Elk kennisspel moet een Grote Gelijkmaker bevatten, zodat de feitjesman (meestal is het een man) niet áltijd wint. Bij Triviant is dat de dobbelsteen. Bij Kwis ’t! zou dat het bluffen moeten zijn. Alleen: het bluffen werkt niet zoals zou moeten in een gezellig spel.

Het gaat zo. Aan het eind van elke vragenronde moet je zeggen hoeveel vragen je goed denkt te hebben. Dan kan je liegen dat je er meer goed hebt dan in werkelijkheid. Het spel noemt dat: bluffen. Als je niet betrapt wordt, verdien je daarmee bonuspunten. In feite zeg je dan: ‘Haha! Sukkels, ik had er maar twee goed. Kom maar op met die extra punten.’

Aan bluffen kleeft wel énig risico. Elke speler krijgt na iedere ronde de vraag: wil je iemand anders controleren? Als je bluf doorzien wordt door een controleur, krijgt die de bonuspunten die jij met je bluf verdiend zou hebben.

De listige tactiek om vragen expres fout te beantwoorden werkte maar één keer. Nadat we een paar potjes gespeeld hadden en onze naïviteit hadden verloren, veranderde de blufdynamiek. Iedereen werd gecontroleerd. Áltijd.

Met wantrouwen heeft dat niets te maken. We hadden simpelweg uitgedokterd dat controleren loont.

Probleem is dat die permanente controles niet spannend zijn. Ze halen alle strategie uit het bluffen. Het evenwicht is zoek.

Dat bluffen en vragen stellen goed samen kunnen gaan, bewijst triviaklassieker Met het Mes op Tafel. Het bordspel dat van dat tv-programma is afgeleid is alleen nog tweedehands te verkrijgen. Waarom werkt bluffen wel bij ‘Het Mes’? Bij een foute ‘controle’ (je spelgenoot loog niet) verlies je de hele pot. Dan denk je wel twee keer na voor je iemand anders controleert.

Ergens zit wel een leuk kennisspel verstopt in Kwis ’t!, maar in de huidige vorm werkt het niet. Jammer!