Nederlandse regering blokkeerde zélf het aanblijven van Dijsselbloem

Een meerderheid van de eurolanden wilde dat PvdA’er Dijsselbloem nog minstens een half jaar zou aanblijven als Eurogroep-voorzitter. Maar Nederland hield dat tegen. Waarom?

Jeroen Dijsselbloem had langer kunnen aanblijven als Eurogroep-voorzitter, als Nederland het niet had geblokkeerd. Foto ANP/Bart Maat

Het mogelijk langer aanblijven van Jeroen Dijsselbloem als voorzitter van de Eurogroep is onlangs door Nederland zelf geblokkeerd, terwijl een meerderheid van de eurolanden vóór verlenging was. Dat zeggen bronnen in Brussel, waar maandag over de opvolging van de Nederlandse ex-minister (PvdA) zal worden gestemd. Nederland wilde zo zijn kansen op een andere hoge post vergroten.

In Europese hoofdsteden heerst verbazing over het Nederlandse ‘veto’. Het komt zelden voor dat een land een landgenoot laat vallen, als die langer op een Europese toppost kan blijven zitten. EU-leiders willen medio 2018 bovendien belangrijke beslissingen nemen over verdere versterking van de eurozone. Dat Nederland de kans laat lopen om hier, vanaf de eerste rij, een stempel op te drukken, wordt moeilijk begrepen.

De Eurogroep is het machtige gremium van ministers van Financiën uit eurolanden en speelt een hoofdrol bij het maken van economisch beleid in Europa. Frankrijk en Duitsland maakten zich eerder deze maand sterk voor Dijsselbloems aanblijven, na het aflopen van zijn termijn in januari, niet in de laatste plaats omdat de Duitsers volledig in beslag worden genomen door een lastige formatie. Ook in andere eurolanden bleek er brede steun om de alom gewaardeerde Nederlander nog een half jaar en mogelijk zelfs een heel jaar te laten zitten. Maar door het Nederlandse nee was het einde verhaal.

Maandag wordt bekend wie de nieuwe voorzitter van de Eurogroep wordt. Lees daarover: de nieuwe Dijsselbloem wordt een Europese superminister

In een reactie laat een woordvoerder van minister Wopke Hoekstra van Financiën (CDA) weten dat Nederland vindt dat de Eurogroep moet worden geleid door een zittende minister, „die het erbij doet”.

Intussen ligt Nederland volgens ingewijden flink overhoop met België en Luxemburg over de opvolging van Dijsselbloem. Donderdag werd bekend dat vier ministers zich voor de topbaan hebben gekandideerd, onder wie de Luxemburger Pierre Gramegna. Het had voor de hand gelegen dat Rutte hem steunt: Nederland, België en Luxemburg opereren binnen de EU vaak als Benelux-trio en worden alledrie geleid door liberalen. Maar Rutte heeft hele andere plannen, tot woede van de buurlanden.

„Rutte toont zich hiermee niet loyaal aan de Europese liberale familie, we kunnen hem dus niet vertrouwen”, zegt een Europese topambtenaar.

De ministers van Financiën van Letland, Luxemburg, Portugal en Slowakije willen voorzitter worden van de Eurogroep. Lees daarover: Kandidaten voor opvolging Dijsselbloem zijn bekend.

‘Dure belofte’

Volgens ingewijden aast Nederland op een andere topfunctie: die van de EWG (Eurogroup Working Group), de werkgroep die alle Eurogroepen inhoudelijk voorbereidt en die volgens sommigen belangrijker is dan de Eurogroep zelf. De termijn van de huidige EWG-voorzitter, de Oostenrijker Thomas Wieser, loopt in januari af. Als Dijsselbloem aanblijft, kan Nederland moeilijk lobbyen voor deze post, omdat Noord-Europa dan wel erg dominant wordt. Hetzelfde argument gaat op voor Gramegna.

Bovendien zou Rutte aan coalitiegenoot D66 hebben beloofd dat topambtenaar en D66’er Hans Vijlbrief naar voren wordt geschoven voor het EWG, naar verluidt omdat hij tijdens de formatie buiten de boot viel bij de verdeling van ministersposten. Ook dit is een argument om Gramegna maandag niet te steunen, omdat hij – net als Vijlbrief – tot het Europese liberale kamp behoort. Een ingewijde spreekt van „een dure belofte”. Voor een antwoord op de vraag of er een belofte aan D66 is geweest, verwijst de Rijksvoorlichtingsdienst naar het einddebat over de formatie in oktober. Rutte ontkende toen dat er afspraken zijn gemaakt over vacatures.

Om politiek-strategische redenen lijkt het erop dat Nederland maandag de Portugese kandidaat, Mário Centeno, zal gaan steunen. De woede hierover bij de Luxemburgers en de Belgen is enorm. Centeno is allesbehalve liberaal, hij is minister in een socialistische regering. Van alle kandidaten staat hij inhoudelijk het verst af van wat Nederland doorgaans beoogt in de Eurogroep, namelijk een ‘Noord-Europees’ streng begrotingsbeleid. Betrokkenen verwachten dat de kwestie dit weekeinde ook nog ter sprake zal komen tijdens het partijcongres van de Europese liberalen (ALDE), dat dit jaar in Amsterdam wordt gehouden.

Banencarrousel

Behalve Centeno en Gramegna zijn ook Peter Kazimir (Slowakije) en Dana Reizniece-Ozola (Letland) in de race om Dijsselbloem op te volgen. Dat landen aandrongen op uitstel van de stemming heeft deels te maken met de grote Eurozone-hervormingen die er aankomen. Dijsselbloem heeft zich in het verleden bewezen als het perfecte oliemannetje om lastige dossiers los te trekken, zoals tijdens het opzetten van de Bankenunie, de vuurwal die om de financiële sector heen is gezet.

Bovendien wordt eind volgend jaar een grote banencarrousel verwacht in Brussel, onder meer in verband met de Europese verkiezingen in 2019 en met het aflopen van de termijn van Mario Draghi als voorzitter van de Europese Centrale Bank (ECB). De Eurogroep-post had zich in dat complexe schaakspel kunnen ontpoppen als een welkom extra stuk. Duitse media tippen voorzitter Klaas Knot van de Nederlandsche Bank als mogelijke opvolger van Draghi.

Minister Wopke Hoekstra liet deze week in een gesprek met RTLZ al doorschemeren dat hij geen verlenging verwacht voor Dijsselbloem. „Kijk, als ik op alle plekken Nederlanders zou kunnen benoemen, dan zou ik dat natuurlijk dolgraag doen”, aldus de minister. „Maar ik begrijp de anderen ook, en die zullen zeggen: er is een Nederlander geweest. Er is nu een nette procedure en deze of gene overweegt vast om zijn of haar hand op te steken.”

Lees ook over Jeroen Dijsselbloem: Dijsselbloem beheerde de schatkist streng