Recensie

Een charmante en attente hypnotiseur als president

Franse politiek

President Macron is extreem intelligent, hardwerkend, sociaal voelend. Zes maanden na zijn aantreden is het land tot rust gekomen. Hoe deed hij dat?

President Emmanuel Macron Foto Jacques Demarthon/AFP

Toen schrijver Emmanuel Carrère onlangs een week optrok met de Franse president Macron, was hij op het Caribische eiland Sint-Maarten getuige van een ontmoeting met een door het natuurgeweld getroffen inwoonster. Ze schold de president de huid vol, maar kreeg toch een ferme handdruk. Totdat ze haar hand geschrokken weer terugtrok. Daarmee probeerde ze, schreef Carrère in The Guardian, ‘te ontsnappen aan de hypnose van de president, aan zijn overtuigingskracht de Rattenvanger van Hamelen waardig, aan zijn bijna beangstigende verleidelijkheid’.

Het mag bij deze vrouw dan net niet gelukt zijn, maar vrijwel iedereen die Emmanuel Macron ontmoet valt voor zijn charmes. Dat is een constante in de nog korte carrière van de 39-jarige president, noteert Niek Pas in zijn biografische schets Macron en de nieuwe Franse revolutie. Hij weet vooral oudere mensen te verleiden. Niet alleen zijn latere vrouw en voormalige theaterdocent Brigitte, over wie inmiddels kranten zijn volgeschreven, maar ook mannen op leeftijd in politiek, wetenschap en bedrijfsleven die in Macron een betere versie van zichzelf zien. Hij is extreem intelligent, maar ook attent en sociaal voelend, kan enorm veel werk verzetten en luistert als geen ander.

Zo heeft Macron, zes maanden na zijn aantreden, heel Frankrijk gehypnotiseerd. Was een jaar geleden het politieke debat nog ten diepste gepolariseerd, sinds de meest spectaculaire Franse verkiezingsrace in jaren is het land tot rust gekomen. Met een ruime meerderheid in het parlement en een helder hervormingsmandaat, loodsen zijn ministers, al ‘polderend’ met vakbonden, de ene na de andere verkiezingsbelofte door het parlement.

Macrons boodschap van hoop en vooruitgang is ‘de antithese van het pessimisme van cultuurcritici’ als Alain Finkielkraut die de afgelopen jaren het publieke debat domineerden, constateert Pas terecht. Voor wie wil weten hoe dat zo gekomen is, is zijn zeer actuele terugblik onmisbaar. In kort bestek volgt hij de levensloop van Macron vanaf de jezuïetenschool in Amiens, via de bestuurdersopleiding ENA, zakenbank Rothschild en het ministerschap naar het Élysée. Hoewel Pas, historicus aan de UvA, vooral papieren en audiovisuele bronnen gebruikt, hanteert hij een soepele stijl die suggereert dat hij bij Macrons campagne steevast op de eerste rij zat. Hij voorziet het zorgvuldig opgebouwde levensverhaal van Macron (‘le storytelling’) van goede nuances en een noodzakelijke Franse context.

Macron mag inmiddels aan populariteit hebben ingeboet (een ‘inflatiecorrectie’), volgens peilingen zouden de Fransen hem nu nog massaler tot president kiezen dan in mei, ook al is dat te danken aan een machtsvacuüm op rechts. De ‘sociale basis van het macronisme’, schrijft Pas, blijft ‘nogal smal’. Zijn verkiezing (met slechts 24 procent van de stemmen in de eerste ronde) was een combinatie van ‘slimme strategie en toeval’.

Om duurzaam te kunnen moderniseren zal hij ook het Frankrijk moeten bereiken dat het minder voor de wind gaat en niet voor hem gekozen heeft, concludeert Pas. Maar het is, zeker voor een historicus, nog wat prematuur om te zeggen of dat gaat lukken.