Beelden slavenveiling verenigen Afrika en EU

Migratie

Pas nu de grootschalige mensenrechtenschendingen in Libië op beeld zijn vastgelegd, worden migranten gerepatrieerd. Maar de problemen in Libië zelf blijven onopgelost.

Beelden uit de inmiddels roemruchte reportage die CNN half november uitzond over de ‘veiling’ van migranten in Libië.

Het is 7 februari 2016 als Adaman Ouattara op een rubber boot van het merk Zodiac stapt in Sabratah, aan de Libische kust. Ouattara is 31. Vóór zijn vertrek repareerde hij televisies en radio’s. Met de opbrengsten moest hij zijn moeder, zijn broer en twee zussen onderhouden. Zijn vader is al jaren dood.

Ouattara heeft pech. De Libische kustwacht onderschept de Zodiac en pakt de 155 migranten aan boord op. Hij wordt drie weken vastgezet in een detentiecentrum en dan overgebracht naar een gevangenis, waar hij ruim een jaar wordt vastgehouden. „Een hel op aarde”, als je het Ouatarra nu vraagt. Er is nauwelijks voedsel. Er zijn geen medicijnen en mishandelingen zijn er aan de orde van de dag.

In mei dit jaar verschijnt een Libische zakenman aan de poort van het detentiecentrum. „Een Arabier”, noemt Ouattara hem, zoals hij alle Libiërs noemt. Hij zal zijn voornaam nooit leren kennen.

Op verzoek van de handelaar selecteren de gevangenbewaarders een aantal van de sterkste mannen in het detentiecentrum die hij mag keuren. Hij kiest er drie: Ouattara en twee mannen uit Mali en Burkina Faso. Ze worden in de achterbak van de handelaar geladen en na twee uur uitgeladen op een boerderij. Daar wordt hij te werk gesteld als aardappelrooier, onder voortdurende bedreiging van kalasjnikovs. Ze worden nooit betaald voor hun werk.

Na een maand en een dag overhandigt ‘de Arabier’ hem een telefoon en vraagt hij hem zijn moeder te bellen. Op het moment dat de telefoon overgaat, steekt een bewaker hem met een mes in zijn linker bovenbeen. Hij schreeuwt het uit. „Als je moeder je zo hoort schreeuwen, stuurt ze zeker al het geld dat ze heeft.” De lange halen van het mes zijn nog steeds zichtbaar op zijn been.

De lotgevallen van Adaman Ouattara zijn nooit gefilmd. Migranten moeten hun mobiele telefoons inleveren op het moment dat ze in handen vallen van de Libische milities of de kustwacht.

Lees ook: Gezamenlijke actie voor ‘slaven’ Libië

Maar zijn verhaal staat niet op zichzelf. In hetzelfde opvangcentrum van de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) in Abidjan vertellen nog twee andere mannen uit Ivoorkust, van 25 en 30 jaar, over ernstige mishandeling, afpersing en slavenhandel tijdens hun verblijf in Libië.

Vergelijkbare getuigenissen worden al ruim zes maanden gerapporteerd door verschillende mensenrechtenorganisaties. Geen enkel Afrikaans staatshoofd spreekt er over. Totdat de eerste beelden, gefilmd met een mobiele telefoon, deze nazomer in handen vallen van het Amerikaanse televisiestation CNN. Op de mistige video is te zien hoe migranten per opbod worden verkocht op een veiling. Twee jonge mannen worden voor 400 dollar verkocht aan een Libische landeigenaar, die doet denken aan de man die ook Ouattara gevangen nam.

Een camerateam van CNN reist in oktober naar de Libische hoofdstad Tripoli. Het team slaagt erin met verborgen camera’s vast te leggen hoe zeker zes migranten worden geveild in een huis in de hoofdstad. De beelden bevestigen wat Ouattara en veel andere migranten al maanden vertellen: Libië, de laatste halte voor Europa, is een bolwerk geworden van moderne slavernij.

Afhankelijk van geld migranten

De beelden van CNN redden de top van de Afrikaanse Unie en Europese Unie. De top mocht geen migratietop heten. „Investeren in de jeugd voor een duurzame toekomst”, dat is de officiële vlag waaronder de tachtig leiders zijn samengekomen om hun tegengestelde belangen te verdedigen.

De economieën van veel Afrikaanse landen zijn voor een groot deel afhankelijk van de inkomsten van migranten. Het geld dat migranten terugsturen naar een land als Mali, is goed voor liefst 7 procent van het nationaal inkomen. Migranten sturen jaarlijks drie keer zoveel geld terug naar Afrika als alle ontwikkelingshulp bij elkaar.

Lees ook: In uiteengevallen Libië komt het recht nog uit een geweerloop

De Europese leiders die woensdag in Abidjan arriveerden, weten dat, maar voelen in eigen land de hete adem van het rechts-populisme in hun nek. Op zijn spoedbezoek aan Mali zei premier Mark Rutte dinsdag dat economische vluchtelingen „het draagvlak bedreigen voor de opvang van echte vluchtelingen”. Later die dag spreekt hij 280 Nederlandse soldaten toe op de legerbasis in Gao, in het oosten van Mali, en zegt hij dat „we natuurlijk niet willen dat er met die vluchtelingen terroristen meekomen.” Bij geen enkele aanslag in Europa is ooit een Malinees betrokken geweest.

Het gros van de migranten uit Mali reist naar Europa, met name naar Frankrijk, uit economische motieven. Hoe belangrijk die inkomsten voor Mali zijn, bleek vorig jaar nog toen toenmalig minister Bert Koenders (Buitenlandse Zaken, PvdA) na een reis door de Sahel wereldkundig maakte dat Mali had ingestemd met een verzoek uitgezette migranten terug te nemen. Er braken direct protesten uit in de hoofdstad Bamako en de Malinese minister van Buitenlandse Zaken ontkende met klem de deal. Ziedaar de kloof die concrete afspraken tussen de Europese en Afrikaanse leiders op de top in Abidjan over migratie vrijwel onmogelijk maakt.

Maar CNN heeft Afrikaanse leiders het alibi verschaft voor de onmiddellijke evacuatie van Afrikaanse migranten uit Libië. Geen enkel Afrikaans staatshoofd wil gezien worden als iemand die de ogen sluit voor slavernij in 2017. De Nigeriaanse president en zijn collega in Ghana beloven direct honderden landgenoten terug te halen. De Afrikaanse Unie belooft medewerking aan een reddingsbrigade, in samenwerking met de EU en de VN.

Het is de meest concrete uitkomst van twee dagen vergaderen in Ivoorkust. Ook de Europese leiders kunnen pronken: onder de vlag van mensenrechten worden migranten teruggebracht naar hun landen van herkomst, ver weg van de Europese kusten.

Iedereen heeft schuld

„Iedereen handelt nu volgens zijn emoties”, zegt Issiaka Konaté. Hij is de directeur-generaal voor ‘Ivorianen in het buitenland’, verbonden aan de regering van president Ouattara. „Iedereen heeft schuld aan deze toestanden in Libië: Europa, Afrika, de smokkelaars en de migranten zelf. Wat ik mis, is dieper nadenken over wat nu werkelijk moet gebeuren. En dat is de stabilisering van Libië.”

De val van Moammar Gadaffi in 2011, geassisteerd door NAVO-landen als Nederland, betekende niet alleen dat er niet langer een dictator was om deals mee te sluiten en migranten te stoppen. Libië gaf werk aan meer dan 1 miljoen Afrikanen. Bovendien eindigden Gadaffi’s wapenvoorraden in handen van Touareg-nomaden en jihadisten, die binnen een jaar het noorden van Mali onder de voet hadden gelopen.

„We moeten voorkomen dat die instabiliteit die Europa omringt onze kant op komt. Daarom zijn jullie hier”, zei premier Rutte dinsdagavond tegen de 280 Nederlandse soldaten die in Gao zijn gelegerd, als onderdeel van een missie die de opmars van de jihadisten in Oost-Mali moet stoppen. Maar in Mali ruimen de Nederlandse troepen nog steeds het puin van de interventie in Libie. „Geen enkel Afrikaans land kan verantwoordelijk worden gehouden voor de chaos in Libie”, zegt Konaté. Gadaffi was een gevierde held in West-Afrika, die zijn oliedollars naar hartelust investeerde in de rest van het continent. „Als Europa werkelijk de grondoorzaken van migratie wil bestrijden, moet het in Libië beginnen”, zegt hij. Aangezien een oplossing voor de chaos in Libië nog ver weg is, geeft hij een tweede advies: „Europa moet ophouden met die paniek over migratie. Veruit de meeste Afrikanen migreren binnen het continent. Een kwart van de bevolking in Ivoorkust komt van buiten. Welk Europees land kan dat nazeggen?”

    • Bram Vermeulen