NRC checkt: ‘Tienjarige kinderen in DDR kregen systematisch doping’

Dat schreef Jacques Brinkman in zijn wekelijkse column in De Telegraaf.

Karin Kania (DDR) en Yvonne van Gennip tijdens het WK Schaatsen, 1986. Foto Koen Suyk/ ANP

De aanleiding

Jacques Brinkman, sportcolumnist van De Telegraaf, is voorstander van het vrijgeven van doping omdat we volgens hem in veertig jaar tijd geen stap verder gekomen zijn in de strijd voor een schone sport. Daarvan is het systematische dopinggebruik in Rusland het bewijs. Brinkman vergelijkt dat met het dopingprogramma van de DDR in de jaren zeventig, waarin „jonge mensen van tien jaar systematisch prestatiebevorderende middelen kregen”. Dat checken we.

Waar is het op gebaseerd?

Aan de telefoon zegt Brinkman na een zoekactie op internet te hebben geconcludeerd dat kinderen in de DDR „op zeer jonge leeftijd” prestatiebevorderende middelen kregen. Brinkman mailt de bronnen die hij voor zijn column gebruikte: een artikel van de Berliner Zeitung waarin staat dat zwemsters van dertien jaar anabole steroïden kregen, en de Wikipedia-pagina van de DDR op de Olympische Spelen. Daar staat dat „doping en hormoonpreparaten in de DDR op grote schaal aan sporters werden toegediend, zelfs aan talentvolle kinderen van tien jaar”.

En, klopt het?

Olympische medailles waren sinds 1974 in Oost-Duitsland, de voormalige DDR, een staatsaangelegenheid. Doel was om aan te tonen hoe superieur de communistische republiek was. Kinderen vanaf zes jaar waren welkom op Kinder- und Jugendsportschulen (KJS). Ze werden gescreend op fysieke vermogens om de wereldtop te halen. Het was een eer om naar zo’n school te gaan, is te zien in de ZDF-documentaire Medaillen um jeden Preis. Dat daar doping werd gebruikt is geen geheim. Na de val van de Muur zijn er boeken over volgeschreven. Olivier de Hon van de Dopingautoriteit vertelt dat er een standaardwerk is over dit onderwerp. Het heet Doping Dokumente, von der Forschung zum Betrug en het werd in 1992 uitgebracht door Brigitte Berendonk, een oud-meerkampster. Ze kreeg toegang tot de archieven van de Stasi – het ministerie voor staatsveiligheid dat in 1974 besloot tot het dopingprogramma – waarin werd bijgehouden wie welke soort doping aan wie verstrekte.

Op pagina 215 van het boek staat dat er in de DDR geen middel werd geschuwd om medailles te winnen. „Dokter Jochen Neubauer uit Potsdam gaf androgenen aan dertien- en veertienjarige zwemsters.” Dat ging, staat verderop in het boek, zonder dat de zwemsters daarvan afwisten.

De bekende Duitse dopingjager Hajo Seppelt stelt dat Brinkman gelijk heeft als hij zegt dat kinderen in de DDR vanaf tien jaar doping kregen. „Maar op die leeftijd ging het om enkelen. Niet systematisch.” Seppelt wijst op een documentaire die hij maakte in 1997 met de titel Staatsgeheimnis Kinderdoping. Oud-zwemster Dagmar Schoeler zegt daarin dat ze mysterieuze pillen kreeg vanaf klas vijf, rond haar twaalfde. Voormalig zwemster Nicole Lenz: „We kregen tabletten uit drie flesjes. Ik was tien jaar, denk ik.”

In de genoemde documentaire van de ZDF komt oud-sprintster Ines Geipel aan het woord. Zij staat dopingslachtoffers bij. Uit interviews die zij had, zou blijken dat kinderen van acht jaar al tabletten met verboden middelen kregen toegediend, onder de noemer ‘vitaminepillen’.

Conclusie

In de DDR werd doping aan minderjarigen verstrekt. Dat blijkt uit publicaties die zijn gebaseerd op archiefstukken van het Oost-Duitse ministerie van staatsveiligheid en uit interviews met sporters die in de jaren zeventig doping kregen. Vooral zwemsters van dertien, veertien jaar slikten anabolen. Een enkeling zegt dat het nog eerder gebeurde, maar systematisch is dat niet. We beoordelen de stelling als grotendeels waar.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt

Correctie (10-12-2017): In een eerdere versie van dit stuk stond de boektitel ‘Doping Dokumente, von der Forschung zum Betruck’. Die titel klopte niet. ‘Betruck’ moest ‘Betrug’ zijn. Ook stond vermeld dat het op naam stond van professor Werner Franke en oud-meerkampster Brigitte Berendonk. Het stond alleen op naam van Berendonk. Het stuk is aangepast