Niemand kent New York beter

Tijdschrift wordt 50

Niemand kent New York City beter dan New York. Het blad viert zijn vijftigjarig bestaan met een lijvig feestboek.

Eind 1972. Een vrouw komt de redactie van New York oplopen. „Ik heb een Nixon-aubergine.” Ze haalt een aubergine met neus uit een schoenendoos. „Wat is de big deal, het is een aubergine”, zegt design director Milton Glaser. „Oja?” zegt de vrouw. Ze draait de aubergine om en verdomd! Het is Nixon! Glaser zet de aubergine paginagroot in het blad.

De aubergine laat zien waarin het tijdschrift New York anders is dan The New Yorker of The New York Times. Brutaler, speelser, meer van de straat, minder van de instituties.

Het blad, dat voor het eerst in de winkel lag op de dag dat Martin Luther King werd doodgeschoten, viert zijn vijftigste jaar en heeft een feestboek met het gewicht van een gezonde baby gebaard (3.549 gram, om precies te zijn). Het vertelt over de legendarische beginjaren. Tom Wolfe en Gloria Steinem zaten op de redactie in de jaren dat je ’s winters met handschoenen aan moest typen, zo koud was het er – en zo arm was het blad. Anna Wintour (nu hoofdredacteur van Vogue) had een bureau naast de wc. En natuurlijk staat het boek vol journalistieke hoogtepunten. De redactie claimt schaamteloos de ontdekking van Madonna en Justin Bieber, ze spraken met Bill Clinton (Who is this guy?) voordat iemand buiten Arkansas ooit van hem gehoord had. Maar ontdekkingen zijn net zo goed de beste nieuwe pastarestaurants, Greenpoint als nieuwe hipsterbuurt en de tv-serie Girls, waarvan ze bij aflevering 1 al voorspelden dat die een televisierevolutie zou veroorzaken.

Het uitgangspunt was vanaf het begin dat New York niet alleen het onderwerp was, maar vooral het gezichtspunt. New York als hoofdstad van de wereld, de plek van waaruit je naar de rest van de wereld kijkt. Het voordeel was dat New York altijd een ‘early adapter’ is geweest. Sociale veranderingen, lifestyle trends, kunst – veel begint in New York.

New York was erbij toen de stad aan de grond zat. Toen er moordrecords werden gebroken, Times Square door hoeren en dealers werd overlopen en je in de Lower East Side niet dood gevonden wilde worden (terwijl de kans daarop aanzienlijk was). Maar de redactie was er ook bij toen eind jaren zeventig voorzichtig de spiraal omhoog begon. Het blad maakte verhalen over het verband tussen coke en sportscholen (yuppies), de boot van Trump, de laatste plekken waar je nog een betaalbaar appartement kon vinden. Niemand kent New York beter dan New York. Iedereen die geïnteresseerd is in de moderne geschiedenis van New York, zou dit boek boek moeten lezen.

Sinds 2014 verschijnt het tijdschrift, tot groot verdriet van abonnees over de hele wereld, niet meer wekelijks maar eens in de twee weken, in een oplage van iets meer dan 400.000 exemplaren. Online is New York juist meer gaan doen, met zelfstandige sites als Vulture (cultuur en media), The Cut (mode) en Grub Street (eten). De moedersite nymag.com telt 28 miljoen pageviews per maand.

De vernieuwing vindt online plaats, maar het tijdschrift is in sommige opzichten niet te overtreffen. Het feestboek is de ultieme bloemlezing van het cadeau dat de ‘papieren’ abonnees elke twee weken in de bus krijgen. Met fotografie en vormgeving waar de energie, bravoure en humor die zo bij de stad horen vanaf spatten. Alsof de redactie een besloten feestje geeft waar je als lezer stiekem partycrasht.