NS en ministerie strijden voort om hogesnelheidslijn

Spoor

NS blijft voorlopig de baas op de hogesnelheidslijn. Maar het ministerie kan nog steeds dreigen met het toelaten van concurrentie.

Trein op de hogesnelheidslijn bij Berkel en Rodenrijs. Foto Jerry Lampen/ANP

Wie heeft gewonnen? De dinsdag gepubliceerde Marktverkenning vervoer HSL-Zuid is een belangrijke slag in de strijd om de hogesnelheidslijn tussen Amsterdam en Breda. Aan de ene kant staat het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, dat NS probeert te dwingen tot betere prestaties op de lijn. Aan de andere kant staat NS, dat bestaande rechten wil behouden en nieuwkomers probeert te weren. Beide kunnen de laatste slag claimen.

NS faalde met de Fyra en schiet tekort met de opvolger, de IC Direct. In reactie op de parlementaire enquête over de Fyra besloot het kabinet te laten onderzoeken of andere vervoerders, al dan niet samen met NS, voor een betere treindienst kunnen zorgen. Dat was in april 2016. Anderhalf jaar, en naar verluidt 250.000 euro, later is het onderzoek van bureau Rebel Group af. Wie de tekst samenvoegt, komt uit op elf A4’tjes.

Volgens Roger van Boxtel, bestuursvoorzitter van NS, is de conclusie van het onderzoek helder. „Onze concurrenten hebben geen treinen, ze willen niet met ons samenwerken en ze willen geen aanvullende diensten op de hsl leveren. Wij doen ons stinkende best om die lijn te verbeteren. Ik hoop dat we nu met z’n allen de moed kunnen opbrengen om te zeggen: streep eronder.”

Een overtuigende aanval op het NS-monopolie kan de marktverkenning inderdaad niet worden genoemd. Omdat de vervoerders concurrentiegevoelige informatie prijsgeven, blijven ze anoniem. Erg coöperatief waren ze niet. Van de dertien binnen- en buitenlandse vervoersbedrijven die werden benaderd hebben er vijf echt meegewerkt. Nog eens vijf bedrijven beperkten zich tot „afstemming over het onderzoek”. Concurrent Arriva weigerde medewerking, omdat NS er met hun ideeën voor de hsl vandoor zou kunnen gaan.

Toch heeft het ministerie wel degelijk iets om mee te schermen. Drie van de NS-concurrenten „hebben aannemelijk gemaakt” dat zij beter dan NS kunnen presteren als het gaat om punctualiteit. Ook al hebben ze op korte termijn geen treinen voor de hsl, er is dus een alternatief voor NS. Dat is relevant voor als NS drie jaren op rij onder de norm op dezelfde prestatieafspraak met het ministerie scoort. Of als de concessie vanaf 2025 wordt aanbesteed in plaats van aan NS gegund, zoals nu is gebeurd.

Ook concludeert Rebel dat NS nog acht maatregelen kan nemen om de prestaties te verbeteren. Jammer dat de verbeteringen, net als de bedrijven, niet worden benoemd. Het ministerie benadrukt dat NS zelfstandig dingen kan verbeteren.

Dat hebben we al volop gedaan, zegt Van Boxtel. Vorige week zocht hij de publiciteit met een voorschot op de scores voor 2017. Het gevaar van three strikes – drie te lage scores – is vrijwel zeker geweken, aldus Van Boxtel. De scores voor de kans op een zitplaats in de spits, punctualiteit en klanttevredenheid gingen de laatste maanden fors omhoog. NS komt volgende week ook met een eigen onderzoek naar verbeteringen die nog kunnen worden uitgevoerd.

Juist vanwege die inspanningen kan het ministerie ook de overwinning claimen. Alleen al de dreiging van concurrentie heeft NS onder druk gezet om het hsl-vervoer te verbeteren. Missie geslaagd, zelfs voordat de marktverkenning naar buiten kwam. Het is duidelijk dat NS veel wil doen om verlies van de hsl te voorkomen. En voor de toekomst biedt de magere verkenning het ministerie toch een stok achter de deur: er zijn drie vervoerders die waarschijnlijk beter zouden presteren op de hsl dan NS.