Een selfie en daarna het begrotingsdebat

Begroting Infrastructuur en Waterstaat

Cora van Nieuwenhuizen en Stientje van Veldhoven moeten een balans vinden tussen investeringen in asfalt en spoor.

Cora van Nieuwenhuizen (links) en Stientje van Veldhoven woensdag bij de begrotingsbehandeling. Foto Peter Hilz/HH

Het was in oktober een nooit eerder vertoonde wissel op het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat: de dossieroverdracht van de vertrekkende minister Melanie Schultz (VVD) en staatssecretaris Sharon Dijksma (PvdA) aan de nieuwe minister Cora van Nieuwenhuizen (VVD) en staatssecretaris Stientje van Veldhoven (D66). Een louter vrouwelijke aangelegenheid, die deze week een vervolg kreeg tijdens de begrotingsbehandeling van hun ministerie in de Tweede Kamer. Met de armen over elkaars schouders maakten Van Veldhoven en Van Nieuwenhuizen selfies in vak K, voordat ze aan hun bijdrage aan het debat begonnen.

Een begroting waar ze allebei een eigen accent aan konden geven: in de formatie kregen ze voor de komende drie jaar 2 miljard euro extra om uit te geven aan nieuw spoor en wegen.

Van Nieuwenhuizen zette zichzelf neer als de minister van meer asfalt. Dat moest ze ook, een flink deel van de Kamer (VVD, CDA en PVV) verwacht dat van haar. En Van Nieuwenhuizen leverde: tot 2030 komt er minstens duizend kilometer aan rijstroken bij, beloofde ze. Maar, zo temperde ze direct de verwachtingen, de files blijven stijgen tot 2022. Zeker nu de economie maar blijft groeien.

Hoofdpijndossiers

Van Nieuwenhuizen overtuigde in haar eerste grote debat met de Tweede Kamer, hoewel de dossiers nieuw voor haar zijn. Haar expertise als bestuurder, eerder in Brabant, de Tweede Kamer en het Europarlement, betrof vooral sociaal beleid, asielbeleid en financiën.

Ze kreeg brede steun voor een harde aanpak van misbruik van smartphones achter het stuur. Maar ook de hoofdpijndossiers werden duidelijk: de uitbreidingsplannen voor Schiphol en Airport Lelystad leiden tot grote weerstand bij omwonenden. Een ander pijnpunt is de meerjarenbegroting van Rijkswaterstaat voor het onderhoud van wegen. Daar prijkt een tekort op van 1,2 miljard euro dat voormalig minister Schultz achterliet. Hoewel de helft van dat bedrag volgens Van Nieuwenhuizen inmiddels is gedekt, moet de rest worden opgebracht door onderhoud beter te plannen en goedkoper uit te voeren.

Maar de echt moeilijke onderwerpen heeft staatssecretaris Van Veldhoven onder haar hoede. Zij moet ProRail omvormen tot een staatsbedrijf. En de NS krijgt het de komende jaren zwaar te verduren op het landelijk intercitynetwerk, waar het spoorbedrijf nu nog een monopoliepositie heeft. Binnen de coalitie is er zware druk om dat monopolie te beëindigen en bij nieuwe concessies ook marktpartijen toe te laten. Ook moet ze met provincies, vervoersregio’s en gemeenten overeenstemming bereiken over de 2 miljard euro extra voor investeringen in wegen en spoor. Ze zal moeten laveren tussen de lobby’s van de randstad en die van de rest van het land. Haar ervaring in de Kamer zal haar daarbij van pas komen: Van Veldhoven voerde jarenlang het woord over spoor in de Tweede Kamer.

Dat de twee vrouwen het zichtbaar goed kunnen vinden, komt goed van pas: ze zullen samen moeten zoeken naar evenwicht tussen investeringen in spoor en asfalt. Of tussen milieu en de uitbreiding van Schiphol en Airport Lelystad. Of dat in de toekomst ook leidt tot meer selfies, is afwachten. De meeste debatten zullen ze niet meer samen, maar afzonderlijk moeten voeren.