Klimaat

Beperk het recht op spotgoedkope vliegvakanties

Opinie Als Europa daadwerkelijk nog maar een paar jaar broeikasgassen mag uitstoten, moet het dan niet zaken gaan verbieden die slecht zijn voor het klimaat, vraagt politicoloog Hein-Anton van der Heijden zich af.

Foto AP

Volgens een recent onderzoek van de Universiteit van Manchester mag de Europese Unie, in het huidige tempo, nog maar negen jaar CO2 uitstoten. Daarna heeft Europa zijn aandeel van broeikasgassen die wereldwijd nog in de atmosfeer terecht mogen komen volledig verbruikt.

In een ingezonden brief in NRC roept Kees den Blanken de minister van Economische Zaken en Klimaat daarom op de economie per direct om te bouwen naar een ‘oorlogseconomie’ om fatale klimaatverandering tegen te gaan. Alleen een overheid die, met alle beschikbare wettelijke middelen, krachtig ingrijpt in economische praktijken en processen, kan de klimaatverandering tot staan brengen.

Dat betekent volgens Den Blanken bijvoorbeeld een verbod op kolencentrales, vliegvakanties en het eten van rood vlees. Ook moeten kolen binnen drie jaar, olie binnen zes jaar, en gas binnen negen jaar volledig worden uitgefaseerd.

Naomi Klein

De vergelijking van de urgentie van de strijd tegen klimaatverandering met een ‘staat van oorlog’ is niet nieuw. Ook Naomi Klein gebruikt hem in haar klimaatboek No Time, en ook de meeste klimaatwetenschappers zijn het erover eens dat de huidige aanpak veel te traag is. En dat, volgens politiek-ecologen onder hen, de tegenkrachten (bijvoorbeeld de olie-, auto-, vlees- en toerisme-industrie) nog altijd veel te veel macht hebben.

De kans dat het huidige kabinet onze economie ombouwt tot een oorlogseconomie is natuurlijk nul. Daarvoor is het neoliberalisme te sterk verankerd in de Nederlandse beleidspraktijk, en daarvoor is Nederland ook te zeer verbonden met Europa. Toch stemt de vergelijking van de oorlog tegen klimaatverandering met een oorlog in de klassieke betekenis van het woord tot nadenken.

De oproep tot selectieve economische groei en een krachtig sturende overheid om klimaatverandering te stoppen, zou echter niet zozeer aan de Nederlandse, maar primair aan de Europese politiek gericht moeten zijn. Over anderhalf jaar zijn er weer verkiezingen voor het Europees Parlement, en de komende maanden stellen de politieke partijen hun verkiezingsprogramma’s op. Waarom zouden met name de linkse partijen in die programma’s niet erkennen dat klimaatverandering met de huidige neoliberale aanpak niet kan worden gekeerd en dat er een volwaardig alternatief narratief nodig is? Een narratief waarin klimaatverandering, mondiale klimaatrechtvaardigheid en het bestrijden van economische ongelijkheid met elkaar in verband worden gebracht?

Waarom zouden zij geen voorstellen doen die inderdaad tornen aan een aantal neoliberale heilige huisjes, zoals het recht op onbeperkte en spotgoedkope vliegvakanties? Het zou Europa op mondiaal niveau opnieuw veranderen in de voortrekker op klimaatgebied die het nog niet zo lang geleden was. En het zou de Europese Unie haar relevantie teruggeven als politiek-economisch blok waar de rest van de wereld in het verleden zo vaak een voorbeeld aan kon nemen.

Blogger

Hein-Anton van der Heijden

Hein-Anton van der Heijden is schrijver en politicoloog. Recent schreef hij het boek Na het neoliberalisme. Klimaatverandering, sociale bewegingen en politiek (Uitg. Eburon).

    • Hein-Anton van der Heijden