Recensie

Spike Lee kan het nog steeds

Netflix In de serie She’s Gotta Have It bouwt de regisseur voort op zijn gelijknamige film uit 1986.

Kunstenares Nola Darling (DeWanda Wise) in haar appartement in Fort Greene, Brooklyn.

Kunstenares Nola Darling (DeWanda Wise) uit Brooklyn, New York, heeft drie minnaars. En dan is het lastig om enige balans in je leven te houden, toont She’s Gotta Have It.

De nieuwe Netflix-serie is gebaseerd op Spike Lee’s gelijknamige zwartwitfilm uit 1986, die hem in één klap beroemd maakte. Sindsdien daagt de inmiddels zestigjarige regisseur wit Hollywood uit met zijn maatschappijkritische films over racisme en armoede zoals Do The Right Thing en Malcolm X.

In She’s Gotta Have It kan Nola niet kiezen tussen de narcistische fotograaf Greer Childs (Cleo Anthony); de uitbundige maar naïeve hiphopfanaat Mars Blackmon (een legendarische rol van Lee in de film, nu van Anthony Ramos); en de oudere, bezitterige bankier Jamie Overstreet (Lyriq Bent).

Tekst gaat door na video.

Guerrilla-kunst

Seks en flirten zijn alleen leuk als het tweerichtingsverkeer is, toont Spike Lee in de serie. Een simpele gedachte, maar niet voor iedereen. Een scène waarin vreemde mannen één voor één recht de camera inkijken en gore opmerkingen naar Nola maken zou regelrecht uit een nieuwe #MeToo-campagne kunnen komen, maar is grotendeels overgenomen van de film uit 1986.

Sommige openingszinnen zijn hilarisch („You so fine, baby, I’ll drink a tub of your bath water”), maar er valt weinig te lachen als Nola op een avond door een dergelijk type op straat wordt aangevallen als ze niet ingaat op zijn ‘vleierijen’. De scène is huiveringwekkend en helaas al te herkenbaar voor vrouwen die te maken krijgen met intimidatie op straat.

Hierna gaan meerdere afleveringen over Nola’s verwerking van de gebeurtenis: ze zet haar machteloosheid om in guerrilla-stijl kunstwerken die ze ophangt in de straten van Fort Greene. Haar werk gaat viral en Nola wordt anoniem de feministische stem van Brooklyn.

Kritiek rechtgezet

De realistische manier waarop de serie omgaat met seksueel geweld is een enorme vooruitgang ten opzichte van de film. Destijds ging Lee de mist in met een scène waarin Nola werd verkracht door een van haar minnaars, die haar polyandrie zat is.

De nonchalance waarmee hij in de film de wandaad in beeld bracht zorgde voor veel kritiek. Zijn vrouw, executive producer Tonya Lewis Lee, bracht hem op het idee om een remake te maken van She’s Gotta Have It. Met behulp van vijf zwarte vrouwelijke schrijvers weet de TV-serie de kritiek op de film recht te zetten. Dagelijkse ervaringen met seksisme komen voluit in beeld. Na de aanranding op straat krijgt Nola juist steun van haar vriendjes, maar dit slaat over naar victim blaming als ze in een kort, zwart jurkje naar een date komt. „Misschien moet je je niet zo kleden als je geen aandacht wil trekken,” zegt Jamie, waarna ze even geen mannen meer wil zien.

Spike Lee over de kritiek op zijn eerste film. Tekst gaat door na video.

Nola woont in Fort Greene, een voormalig Afro-Amerikaanse wijk in Brooklyn waar Spike Lee opgeroeide. We zien hoe de buurt de afgelopen decennia gebukt gaat onder gentrificatie. Zwarte gemeenschappen worden de buurt uitgedreven door hoge huurprijzen, het zoveelste biologische koffietentje en nieuwe, rijke witte bewoners.
In vergelijking met series als Girls en zelfs het etnisch diverse Master of None, is Nola veel radicaler: ze is onderdeel van het oude, authentieke Brooklyn en laat zich niet wegjagen door vastgoedhandelaren die veel geld bieden voor haar appartement. Of zoals haar vader ze tussen neus en lippen noemt: „These newbie motherfuckers and their inflation-lovin’ asses.”

Platenhoezen

She’s Gotta Have It is een esthetische ode aan Brooklyn en de Afro-Amerikaanse cultuur. Ook muzikaal. Platenhoezen van de gespeelde jazz, hiphop en soul komen als visuele voetnoten in beeld: van Jill Scott tot Stevie Wonder, van Sade tot Maxwell. Als Nola tekenles geeft aan basisschoolkinderen, moedigt ze hen aan hun eigen albumcover te maken, gebaseerd op het werk van hiphop-artiesten. Lee pakt elk moment aan om te verwijzen naar Afro-Amerikaanse musici en denkers. In één van de meest ontroerende scènes legt Nola bloemen op de graven van zangers Celia Cruz, kunstenaar Jean-Michel Basquiat en schrijver James Baldwin.

    • Janet Lie