Iedere oudere een eigen type huis

Huisvesting

Ouderen moeten zo lang mogelijk thuis wonen. Anders is er het verpleeghuis. Een tekort aan alternatieve woonvormen dreigt.

Woonzorgcomplex De Bolder in Rijssen-Holten (links) en de plek aan de rand van de Holterberg waar Stichting Olde Hove achttien appartementen wil bouwen. Foto’s Eric Brinkhorst

Vanuit hun appartement op de vierde verdieping zien Jan en Jannie Meijerink de Holterberg in herfsttooi. Door grote ramen valt het zonlicht binnen. Witte muren, strak parket. Het is dat er een piekfijn verzorgd oud orgel in de woonkamer staat, anders zou je denken dat dit moderne appartement van een jong stel is.

Jan en Jannie zijn respectievelijk 82 en 81 jaar oud. Hun woning op de bovenste verdieping van het gebouw De Bolder maakt deel uit van een woon-zorgcomplex in de Twentse gemeente Rijssen-Holten. Op de begane grond is de gemeenschappelijke ruimte waar wekelijks bingo is en ook weleens smartlappen worden gezongen. Hier zijn ze „met voorbedachten rade” komen wonen, zegt mevrouw Meijerink. Het echtpaar kan nu nog alles zelf, maar als ze straks zorg nodig hebben, is die dichtbij. „Mijn dochter zei: ‘Kijk nou vooruit’.”

Sinds de nieuwe Wet maatschappelijke ondersteuning van kracht is (2015), ziet de overheid officieel eigenlijk maar twee woonvormen voor ouderen: zelfstandig of in een verpleeghuis. Steeds langer blijven ouderen thuis wonen. Een verpleeghuis wordt pas een optie als ze aantoonbaar zorg nodig hebben.

Lees ook het opiniestuk een van oud-directeur van een verzorgingshuis: Blaas het verzorgingshuis nieuw leven in

Maar ouderen komen niet in twee smaken. Hun verscheidenheid aan voorkeuren past niet bij het huidige beleid. „Tot voor kort hoefde je niet over je oude dag na te denken, want je kon naar het bejaardentehuis”, zegt Annette Duivenvoorden van Platform31, een onafhankelijke kennisorganisatie die ruimtelijke en woontrends bijhoudt in stad en regio. „Nu kan dat niet meer. En op een gegeven moment voldoet de eigen woning ook niet meer.” Maar wat als dat te vroeg is voor een verpleeghuis?

Grijze druk

Voor de groep die tussen zelfstandig thuis en verpleeghuis valt, blijkt nu een tekort aan woningen. Huizen genoeg, dat is het probleem niet, maar te weinig ervan zijn geschikt om oud in te worden. Duivenvoorden: „Mensen gaan steeds eerder in hun leven nadenken over waar ze oud willen worden. Maar er zijn momenteel maar weinig woonvormen waar ze naartoe kunnen.”

Volgens de Bouwagenda, waarin overheid, bouwbedrijven en opdrachtgevers samenwerken, zijn er nu 86.000 geschikte woningen te weinig. Dat tekort loopt op tot 750.000 in 2040. Debet daaraan is de ‘grijze druk’; in 2040 is de helft van de Nederlandse volwassenen 65 jaar of ouder. Nu is dat 30 procent. Duivenvoorden: „We moeten nu gaan investeren in geschikte woningen en dit ook opschalen, anders voldoen we in de toekomst niet meer aan de vraag.”

Het tekort verschilt per gebied. Ouderenbond ANBO liet vorig jaar al zien dat het probleem vooral speelt in gemeenten met minder dan 100.000 inwoners. Regionaal blijkt het in de Randstad, maar ook bijvoorbeeld in Brabant, op de Veluwe en in Twente. Onderzoek van Overijssel bracht de provincie vorige maand zelfs tot een waarschuwing voor het gebrek aan geschikte huisvesting voor ouderen.

Rijssen-Holten, met ruim 38.000 inwoners, is exemplarisch. Hier moet volgens de provincie meer dan de helft van de te bouwen woningen geschikt zijn voor ouderen.

Waarom zoveel ouderen in Overijssel een woning zoeken, daar weet de provincie niet goed de vinger op te leggen, erkent gedeputeerde Monique van Haaf (Woningbeleid, VVD). Een „combinatie van factoren”, vermoedt ze. „Mensen komen hier naartoe voor ruimte en betaalbaarheid.”

In Twente zijn het zeer gelovige Rijssen en het toeristische Holten populair, zegt wethouder Roland Cornelissen (Woonbeleid, CDA) van Rijssen-Holten. „Mensen komen en blijven hier graag wonen, onder meer vanwege de gemeenschapszin.” Hij ziet dat de vraag naar geschikte ouderenwoningen er duidelijk is gestegen. „Mensen willen niet meer zolang mogelijk in hun óúde huis wonen, maar vragen zich af hoe ze zolang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen.” De gemeente probeert daarbij te helpen. Zo kondigde ze deze zomer de ‘blijverslening’ aan, een regeling van het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting. Daarmee kunnen ouderen onder gunstige voorwaarden geld lenen om hun huis te verbouwen, waardoor ze er langer kunnen blijven wonen.

Van serviceflat tot zorghotel

Wat een geschikt huis is, verschilt per oudere. Een paar overeenkomsten zijn er altijd: grondgebonden, gelijkvloers, drempelloos. Kenniscentrum Wonen-Zorg, van corporatiekoepel Aedes en zorgbranchevereniging Actiz, onderscheidt liefst veertien veelvoorkomende woonvormen, van serviceflat tot woon-zorggebied, van thuishuis tot zorghotel.

Rijssen-Holten kent er diverse van. Zo is De Bolder een van de drie spierwitte gebouwen op een woon-zorgcomplex met zo’n 140 appartementen, opgezet door corporatie De Goede Woning (0). Zelfstandige ouderen als het echtpaar Meijerink kunnen in drie gebouwen terecht, in de andere twee gebouwen wonen mensen die 24 uur per dag (zware) zorg nodig hebben.

Dat die drie gebouwen bij elkaar staan, biedt voordelen, zegt DGW-directeur Jan van der Spek. „De zorginstellingen hebben genoeg aan één nachtopvang, er is veel onderling contact en de zelfstandige ouderen bieden zich vaak aan als vrijwilliger.”

Nieuwe woonvormen leveren ook nieuwe inzichten. In 2014 werd het derde gebouw – Eltheto, zoiets als ‘Uw rijk kome’ – opgeleverd. Zo’n gebouw zou Van der Spek nu al niet meer neerzetten, zegt hij. „Dit is te specifiek gebouwd voor zorg, het mist flexibiliteit. Je moet bouwen om te wonen. Daar kun je ook zorg bieden.” Wat Van der Spek bedoelt: voor iedere bewoner staat plezierig wonen voorop, zorg moet er pas zijn als dat nodig is. „Zoals Hendrik Groen woont, dat willen we niet meer.”

Anderhalve kilometer verderop leggen bouwvakkers de laatste hand aan appartementencomplex Otje van Potje. De twintig moderne appartementen – 180.000 tot 200.000 euro – waren snel verkocht, en allemaal aan ouderen, vertelt projectontwikkelaar Jan Harbers. Hoe hij – een plaatselijke ondernemer die groot werd als truckdealer – van die vraag wist? „Noem het onderbuikgevoel”, zegt Harbers. Wethouder Cornelissen: „Jan doet veel vrijwilligerswerk. Dan krijg je geluiden mee uit de gemeenschap.”

Voorzieningen in Otje van Potje getuigen van de doelgroep die Harbers voor ogen had. Er is een lift van kelder – met berging en gemeenschappelijke ruimte – tot bovenste etage. Gangen zijn ruim, drempels met de rolstoel makkelijk te nemen. Harbers: „In één appartement hebben we de intercom lager gehangen, zodat de bewoner die in een rolstoel zit, erbij kan.”

Op de Holterberg

Rijssen-Holten wil de komende jaren 870 nieuwe woningen bouwen, meldt haar Woonvisie 2017-2021. Dat moeten ‘levensloopbestendige’ woningen worden, geschikt voor elke levensfase. Gedeputeerde Van Haaf: „Elke woning moet raak zijn. We moeten voorkomen dat we bouwen voor leegstand.” Want Twente verwacht ook krimp. Wethouder Cornelissen: „De woningen die we nu bouwen moeten niet alleen ouderen passen, maar ook op lange termijn een goede investering zijn.”

Een volgend zorgwooncomplex in de gemeente dient zich alweer aan. Verscholen tussen de bomen aan de rand van de Holterberg moeten achttien appartementen verrijzen, en een centrale zorgfaciliteit met een viertal verpleeg- en ontvangstkamers. „Dat was de wens van de vrouw van wie dit land was”, vertelt voorzitter Ton van Wijck van de Stichting Olde Hove, de initiatiefnemer.

Zo zelfstandig mogelijk wonen voor ouderen, is het idee, met ‘zorg op maat’. Het ontwerp voor de paden houdt er rekening mee: die stijgen niet meer dan 3 procent, het maximum voor rolstoel en rollator. Er komt een zorghotel met vier kamers, waar ook familieleden kunnen overnachten, en een ruimte voor ‘sociale activiteiten’.

Hoewel de bouw nog zeker een jaar op zich laat wachten, zit ook dit complex al bij voorbaat vol, vertelt Van Wijck. „ Er zijn nu al zo veel mensen die aan de deur kloppen.”