Begroting Justitie en Veiligheid

Linkse oppositie trekt samen op voor rechtsbijstand en afschaffing griffierecht

GroenLinks, PvdA en SP willen dat er extra geld wordt uitgetrokken voor de rechtsbijstand. De kans dat de voorstellen het halen, lijkt echter klein.

Foto Roos Koole

Opnieuw trekt de linkse oppositie samen op: ze willen 125 miljoen euro extra voor de rechtsbijstand. Ook moet het griffierecht worden afgeschaft voor de laagste inkomens. Die plannen dienen GroenLinks, PvdA en SP gezamenlijk in tijdens de begrotingsbehandeling van het ministerie van Justitie en Veiligheid, woensdag en donderdag in de Tweede Kamer.

Het extra geld voor de rechtsbijstand is volgens de drie partijen nodig om de kwaliteit van het stelsel op peil te houden. „Het geld dat er is voor de rechtsbijstand, matcht niet met de principes van het stelsel”, zegt GroenLinks-Kamerlid Kathalijne Buitenweg. Ofwel: ook advocaten van minima zouden een „redelijk inkomen” moeten hebben, maar hebben dat vaak niet, concludeerde de commissie-Van der Meer, die onderzoek deed naar rechtsbijstand. Veel advocaten krijgen niet genoeg betaald voor al hun werkuren.

Daarnaast willen de drie linkse partijen dat het griffierecht wordt afgeschaft voor de laagste inkomens. Dat is het bedrag dat mensen moeten betalen voor het starten van een civiele of bestuursrechterlijke zaak bij de rechter.

Met de gezamenlijke plannen trekt de linkse oppositie opnieuw samen op. Buitenweg: „We hebben samen aan de moties en amendementen geschreven en dienen ze samen in.” Vorige week kwamen de drie al met een plan om geneesmiddelen goedkoper te maken. Eind oktober presenteerden ze alternatieven voor het regeerakkoord.

De hernieuwde linkse samenwerking komt deels voort uit de zwakte van links in de Kamer; de drie partijen hebben samen 37 zetels – twintig minder dan voor de Tweede Kamer-verkiezingen van maart. Om politieke doelen te realiseren, is samenwerking noodzakelijk.

De kans dat de voorstellen het halen, lijkt echter klein. Het regeerakkoord geeft de coalitiepartijen weinig ruimte; veranderingen van het stelsel van rechtsbijstand moeten binnen „budgettaire kaders”.