Andermans angstzweet doet autist niet schrikken

Lichaamsgeuren Autisten voelen niks bijzonders als ze angstzweet ruiken. Maar ze kunnen prima angstzweet van sportzweet onderscheiden.

Zweet op een mensenhuid. Sportzweet of angstzweet? Iedereen ruikt het verschil, maar mensen met autisme reageren niet op angstzweet. Istock

Mensen met autisme worden niet alert als ze, onbewust, aan de lucht van angstzweet zijn blootgesteld. Mensen zonder autisme zijn dan juist wel op hun hoede. Die vertrouwen iemand die angstzweet uitdampt ook niet voetstoots. Autistische personen maakt dat niet uit.

Dit blijkt uit onderzoek van het Weizmann Institute in Rehovot. Het Israëlische onderzoek werpt nieuw licht op de moeite die autisten hebben om de emoties van anderen te ‘lezen’. Misschien komt dat óók doordat lichaamsgeuren voor hen geen emotionele lading hebben, zo denken de onderzoekers. Ze hebben in elk geval een ‘sociale reukzinstoornis’, schrijven ze in een maandag online gezet artikel in Nature Neuroscience.

Er zijn veel van die emotiegeuren. Bijvoorbeeld een stofje dat een gevoel van groepsbinding geeft, dempt een schrikreactie bij niet-autisten als die er onbewust aan zijn blootgesteld. Maar mensen met autisme die ongemerkt aan dat stofje blootstaan schrikken even hard als anders van een plotseling hard geluid.

Het verschil met niet-autisten was er alleen als de autistische en niet-autistische proefpersonen in de experimenten in Israël onbewust aan verschillende lichaamsgeuren werden blootgesteld. Die onbewust ervaren signaalstoffen in de lucht veroorzaken overduidelijk tegengesteld gedrag bij autisten en niet-autisten.

Het betekent niet dat autisten die geuren niet kunnen ruiken. In een experiment met twee monsters met lichaamsgeur van één persoon en één met de lichaamsgeur van iemand anders, kunnen autisten de twee monsters van die ene persoon net zo feilloos aanwijzen als niet-autisten. En angstzweet kunnen ze desgevraagd ook heel goed onderscheiden van sportzweet. Maar sociaal doet het hun niets, als ze er onverwacht en ongemerkt aan worden blootgesteld.

Die sociale reukzinstoornis is niet dé oorzaak van het onvermogen van sociale communicatie bij autisten, schrijven de onderzoekers die geïnteresseerd zijn in geur en psyche. Autisten kunnen niet alleen onbewuste geuren sociaal niet goed interpreteren, maar ook bij gezichtsuitdrukkingen en bij emotionele geluiden en woorden lukt dat vaak niet goed.

Misschien, schrijven de onderzoekers, kunnen we naar feromoonachtige stoffen gaan zoeken waar autisten zich beter door velen. Zij hebben die stoffen nog niet ontdekt, maar bij kinderen met autisme zijn al specifieke reacties op de lichaamsgeur van hun moeder gezien.