De sandalen van de slachtoffers liggen er nog, een dag na de aanslag op de moskee Al-Rawda in Bir al-Abed, afgelopen vrijdag. Daarbij vielen zeker 305 doden .

Foto AP

‘Regeringstroepen maken geen verschil’

Mohannad Sabry

Vergelding voor de aanslag op een moskee in de Sinaï is zinloos, zegt analist Sabry. „Als militair geweld hielp, was het conflict al opgelost.”

Een beetje meewarig heeft Mohannad Sabry aangehoord hoe de Egyptische president Sisi keiharde vergeldingsmaatregelen in het vooruitzicht stelde tegen de daders van de aanslag op een moskee in de Sinaï van vrijdag. Daarbij vielen zeker 305 doden.

Dit weekend hadden de eerste luchtbombardementen plaats. „Als militair geweld hielp, zou het conflict allang zijn opgelost”, zegt Sabry, voorheen journalist in Egypte en nu een onafhankelijke analist. „Maar ongeacht hoeveel troepen de regering stuurt, dat zal geen verschil maken.”

Aangenomen wordt dat de tak van Islamitische Staat in de Sinaï achter de bloedige aanslag in het plaatsje Bir al-Abed zat. Groepen gewapende radicale moslims zitten al jaren in het gebied en het Egyptische leger voert sinds 2013 een niets en niemand ontziende campagne tegen hen. Sabry: „Maar tot nu toe heeft dat de toestand in de Sinaï alleen maar moeilijker gemaakt.”

Sabry kan het weten. Hij bestudeerde de Sinaï uitgebreid en bracht maandenlang door in het gebied. In 2015 publiceerde hij er een boek over Sinai: Egypt’s linchpin, Gaza’s lifeline, Israel’s nightmare. Het bevatte veel kritiek op de Egyptische aanpak van de problemen in de Sinaï. Om niet opgepakt te worden, vluchtte Sabry vervolgens naar het buitenland. „Nu zit ik in Istanbul en volg ik de ontwikkelingen van daaruit”, zegt hij aan de telefoon.

Al-Qaeda en Osama bin Laden

Het is volgens Sabry niet het geval dat de bevolking in de Sinaï nu zo verrukt is van een streng fundamentalische islam, maar meer dat de Egyptische regering de Sinaï al heel lang zo stiefmoederlijk bedeelt. „De extremisten profiteren alleen maar van de zwakte van de Egyptische overheid. Het is precies dezelfde reden waarom Al-Qaeda voet aan de grond kreeg in Jemen en Osama bin Laden destijds in Afghanistan.”

Volgens Sabry heeft het leger geopereerd zonder zich te bekommeren om de burgerbevolking, die voor 80 procent uit bedoeïenen bestaat. „De mensen kunnen nauwelijks meer overleven in de Sinaï. Velen leven in plastic tentjes. Elektriciteit en water zijn er dikwijls niet en het leger heeft de belangrijkste bron van inkomsten van het gebied, de fruitteelt, met zijn acties voor 90 procent verwoest, zonder betaling van compensatie.”

Vluchten naar andere delen van Egypte, waar het leven beter is, kunnen de zwaar beproefde inwoners van de Sinaï evenmin. „Ze worden bij een van de vele controleposten tegengehouden”, zegt Sabry. „Het is vrijwel onmogelijk voor hen om zomaar hun boeltje te pakken en met hun familie te vertrekken. Ze zitten feitelijk in een soort gevangenis.”

Lokale tribale leiders die van de regering in Kairo economische ontwikkeling eisten of een einde aan de onderdrukking van de bevolking van de Sinaï worden vaak opgepakt. De regering wil niet naar hen luisteren. De aanpak van het leger heeft te maken met de minachting die het voor de lokale bewoners koestert. Sabry: „In de ogen van het Egyptische leger zijn bedoeïenen slechts drugssmokkelaars, bandieten of spionnen van Israël (dat aan de Sinaï grenst, red).”

In een eerder gepubliceerd artikel gaf Sabry als voorbeeld van het diepe wantrouwen in Egypte jegens de bedoeïenen uit de Sinaï het verhaal van twee boeren, beiden bedoeïenen, die naar Kairo reisden om onderdelen voor nieuwe irrigatie-apparatuur te kopen. Toen de verkoper van de buizen en timers in de gaten kreeg dat zijn klanten uit de Sinaï kwamen, wist hij genoeg: terroristen die bommen wilden maken. Prompt werd het tweetal door de politie gearresteerd en pas maanden later vrijgelaten.

Overspoeld met wapens

Hoewel de Egyptische regering vaak suggereert dat het om buitenlandse jihadstrijders gaat, komen de militante strijders volgens Sabry vrijwel allemaal uit eigen land en zelfs grotendeels uit de Sinaï. Het zijn vaak mensen die zelf, of hun familieleden, zwaar te lijden hebben gehad onder operaties van het leger.

Aan wapens komen is niet moeilijk. De Sinaï is al heel lang een gebied vol wapens geweest. Sabry: „Sinds de Libische revolutie van 2011 is het hele land ook overspoeld met goedkope wapens.”

Zal de Egyptische regering van koers veranderen na de bloedige aanslag van vrijdag?

Sabry lacht een beetje schamper. „Het is naïef zoiets te verwachten. Zo’n koersverandering zouden ze wel eerder hebben ingezet. Er zijn immers al honderden militairen ook om het leven gekomen in de Sinaï en toen zijn ze ook niet van richting veranderd.”

    • Floris van Straaten