Recensie

Zonder culinaire goocheltrucs bereide vis op de Boompjes

In Langoest, nieuw op de Boompjes bij de Leuvebrug, staan niet meer dan twee vleesgerechten op de kaart. „Voor de mensen die bang zijn voor graten”, grapt de jongeman die ons op deze zaterdagavond bedient.

Zou vis het nieuwe vegetarisch zijn of is dat te kort door de bocht? (Ja, ik weet dat er vegetariërs zijn die vlees noch vis eten.) Hoe het ook zij: vis is een trend in restaurerend Rotterdam, in die zin dat steeds vaker restaurants zich nadrukkelijk toeleggen op de bereiding van vis en daar soms in de naam al geen misverstand over laten bestaan. In de hier eerder besproken zaken Vis op de Dijk, The Walk’In Fish, The Fish Market en Zeezout speelt vlees op zijn hoogst een bijrol. Zo ook dus bij Langoest – dat overigens geen langoest serveert.

Eigenaar/chef Shi Qian Yi kennen we van Fjord, een sympathiek restaurant aan de kop van de Leuvehaven waaruit hij, zo wil het verhaal, zich terugtrok om een wereldreis te maken. Die zit er nu op. Geregeld horen we, gezeten aan een flinke ronde tafel met wit-marmeren blad, naast de open keuken, personeel ‘Shi!’ roepen.

„Nee, zo héét de chef,’’ zegt de leuke jongeman als we opperen dat ‘shi’ misschien een verbastering is van ‘chef’. „We maken er wel eens grappen over.” Hij zingt Bill Withers’ regel: „Ain’t no sunshine when Shi’s gone.

Hij is 22 en studeert nog, maar hij lijkt ons nu al geknipt voor de horeca. Hij kent de kaart uit zijn hoofd en praat ons uitvoerig bij over de corvina, een op zeebaars gelijkende vis afkomstig uit de Middellandse Zee. Het haar draagt hij in een knotje, hij krijgt een blos op zijn gezicht naarmate de avond vordert en meer tafeltjes om zijn aandacht vragen en beveelt ons met overtuiging een fles grüner veltliner aan die met 23,75 euro buitengewoon vriendelijk is geprijsd. (De duurste witte wijn, een chassage-montrachet, kost 85 euro en die lusten wij ook.)

Ook met het zicht op buiten zit je hier goed. Boven de huizen van het Noordereiland straalt de Hef, meer naar het westen schittert de Erasmusbrug en daarachter maken de torens van de Wilhelminapier het grootsteedse panorama compleet.

Van de bij dit alles vergeleken simpele kaart kiezen we bij een glas prosecco – je moet ergens beginnen – de sashimi mix (13 euro): tonijn, zalm, coquille, zalmeitjes en gember geserveerd met sojasaus en wasabi op een schaal vol schaafijs. De enige kritische opmerking bij dit gerecht is dat het eten van zalmeitjes met stokjes tot frustratie leidt.

De bouillabaisse (12 euro) komt met een doorzichtige rouille op tafel en is volgens mijn vrouw goed gevuld. Onze dochter koos de bouchotmosselen (9 euro) die zoals het hoort een klein maatje hebben. Als er spatjes mosselnat op haar wijnglas zijn terechtgekomen, krijgt zij stilzwijgend een schoon glas – zo opmerkzaam is de bediening. De garing van mijn halve kreeft (16 euro) is precies pas, in de schaar zelfs nog bijna rauw.

De hoofdgerechten heten bij Langoest naar het hoofdingrediënt griet, tonijn, zalm, zeebaars, corvina, tong of kreeft. Het duurst is de fruits-de-merschotel van 60 euro, maar daar eet je met twee personen ruim van. Beide eerder gememoreerde vleesgerechten zijn van het black-angusrund.

Charlie krijgt twee sliptongetjes (21 euro), mijn vrouw de corvina (18 euro) met kreeftensaus en ik een fraaie moot griet (21 euro) met mosseltjes. De griet laat zich gemakkelijk van de graat verwijderen en is perfect gebakken. Van mijn tafelgenoten hoor ik goedkeurende geluiden. Wel zij opgemerkt dat iets meer saus wat ons betreft geen kwaad had gekund.

Samenvattend kunnen we stellen dat Rotterdam met Langoest een goed visrestaurant rijker is. De bereidingen zijn eenvoudig maar doen tegelijkertijd de ingrediënten alle eer aan.