Opinie

    • Hugo Camps

Peptalk

Dinsdagavond in Sevilla. Minuut 93, Guido Pizarro trapt de onverhoopte 3-3 voorbij Liverpool-doelman Loris Karius. Elf spelers stormen naar de zijkant en overstelpen coach Eduardo Berizzo met een knuffelmarathon. De trainer wordt gezoend, bepoteld en gejonast. Het is dé emotie van een avondje Champions League.

Bij de rust stond Sevilla achter met 0-3. Een smadelijke nederlaag lag in het verschiet, op de tribunes werden de eerste witte zakdoekjes bovengehaald. In de kleedkamer zaten alleen nog opgewarmde lijken. Eduardo Berizzo nam het woord. Hij zei: „Jongens, ik heb prostaatkanker.” Na de wedstrijd juichte een speler met tranen in de ogen dat ze voor hun coach hadden gescoord. Het bekendmaken van zijn medisch bulletin in de rust had het team herbewapend. Sevilla zou een antwoord geven op het droevige nieuws.

Het werd alsnog een gelijkspel.

Verwijzen naar kanker als peptalk: het is een precaire doorbraak in het motivatiefeuilleton van trainers en spelers. Maar moet je dat wel willen? En werkt het ook, prostaatkanker als zweepslag? Mocht ik in de kleedkamer van Sevilla hebben gezeten en tijdens de rust hebben vernomen dat mijn coach ernstig ziek is, had ik geen bal meer beroerd. De benen gecoupeerd door nostalgie en ontreddering. Dan beter uithuilen aan een waterkant.

Ik wil Sevilla-coach Eduardo Berizzo met zijn uitspraak niet langs de ethische meetlat leggen. Alleen lijkt me een kleedkamer niet de geijkte plaats voor een mededeling over ziekte en malheur, al helemaal niet als er nog een halve wedstrijd moet gespeeld worden. Kan je de integriteit van een lichaam zomaar uitleveren aan peptalk voor voetballers? Hoort daar misschien dan ook een pijnspiegel bij? Traumatische gebeurtenissen inzetten als motivatietechniek heeft iets schunnigs.

Het gaat mij te ver.

Persoonlijk leed gooi je niet zomaar in de groep, anders wordt het een tikje ordinair, en dat kan leed niet hebben. Viel er tijdens de rust in Sevilla niets anders te doen dan een striptease van gekneusde ingewanden? Een donderpreek kan ook helpen. Of de spelers insuikeren door de nadruk te leggen op hun talenten en op wat ze bereikt hebben. Het uitstallen van de prostaat als kerststal was nergens voor nodig. Ik denk ook niet dat mevrouw Berizzo daar heel gelukkig mee was.

Je kan in een zwak moment als coach best iets loslaten over verdriet en ongemakken, maar niet in het vuur van een wedstrijd. Dan wordt kanker bijna instrumenteel en kwets je andere patiënten. Je huurt het noodlot van een omgewoeld privéleven toch niet in voor een paar doelpunten. De kleedkamer als decor deugt niet voor intimiteiten. Het is niet voor herhaling vatbaar.

Mooi dat de spelers van Sevilla na de sombere mededeling van de coach nog drie keer scoorden. Maar voor evenveel medeleven hadden ze geparalyseerd in verlammende ontreddering over het veld gesjokt. Naar nergens heren.

Ieder jaar vallen voetballers en wielrenners weg na een verloren strijd tegen leukemie of andere enge ziektes. Hartfalen is ook altijd genereus aanwezig. Ook daarom: van kanker maak je geen weerbericht. Alleen al in eerbiedige nagedachtenis van de slachtoffers misbruik je een ziekte niet voor een peppraatje. Je houdt het stil of bespreekt het in een klein hoekje met de juiste mensen, bij gedempt licht. Ik denk trouwens dat Eduardo Berizzo nu al spijt heeft van zijn tragische loslippigheid.

Hugo Camps is journalist, columnist en schrijver.
    • Hugo Camps