Opinie

    • Bernt Schneiders

Een gekleurd oordeel over de burgemeester van Dokkum

Was NRC niet te vroeg met het oordeel dat het demonstratieverbod tegen Zwarte Piet was ingegeven door de inhoud, vraagt
Twee bussen van de actiegroep Stop Blackface worden door tegendemonstranten tegengehouden op de A7 bij Joure. Foto: ANP / Niels Wenstedt

De burgemeester van Dokkum besloot vorige week om een anti-Zwarte Piet-demonstratie in haar stad te verbieden. Dat leverde haar veel kritiek in NRC op.

Hoogleraar rechtswetenschappen Jan Brouwer schreef dat het betogingsrecht bij Dokkum is vermoord. En in het redactioneel commentaar viel te lezen dat burgemeesters demonstraties in beginsel moeten faciliteren en zich niet met de inhoud ervan moeten bemoeien.Met dat laatste ben ik het zeer eens. Maar ik vraag mij af of juist NRC haar blik niet te veel door de inhoud heeft laten bepalen.

Lees hier het opiniestuk van Jan Brouwer: Na Bonifatius is bij Dokkum het betogingsrecht vermoord.

De vrijheid van meningsuiting en het demonstratierecht behoren tot de fundamenten van onze rechtsstaat. De enige mogelijkheid om hierin enige beperking aan te brengen ligt in handen van de burgemeester.

Als die vreest voor verstoring van de openbare orde kan een demonstratie worden verboden. Naar mijn mening gaan burgemeesters hier niet lichtvoetig mee om.

De anti-Zwarte Piet-demonstratie mocht gewoon plaatsvinden. Er was zelfs een zichtbare plek voor de demonstranten ingeruimd. Ongetwijfeld heeft burgemeester Marga Waanders samen met de politie een inschatting gemaakt van de gevaren, en maatregelen getroffen om ordeverstoringen te voorkomen.

En toen bleek een groep Friezen de bussen van de demonstranten klem te rijden met het doel om hen het demonstreren onmogelijk te maken. Toen was er een nieuwe situatie. Want wat zou er gebeurd zijn als de agenten het voor de demonstranten hadden opgenomen en hen naar Dokkum hadden geëscorteerd? Ik ken de overwegingen van de burgemeester niet precies. Maar grote kans dat het haar inschatting was dat het in Dokkum uit de hand zou lopen. Met de nodige gevaren voor duizenden kinderen en hun ouders.

Ongetwijfeld zal ze zich tegenover de gemeenteraad verantwoorden over haar inschatting en keuze.

NRC en vele anderen hebben hun oordeel reeds geveld: zij zou zich door de inhoud van de demonstratie hebben laten leiden en een grondrecht hebben gefrustreerd. Maar waar is dat op gebaseerd? Is het niet eerder NRC die met twee maten meet?

Lees ook het commentaar dat NRC schreef: Burgemeesters let op, demonstreren moet blijven kunnen.

In maart dit jaar wilde een Turkse minister een toespraak in Nederland houden. Niemand vond dat een goed idee omdat wij ernstige bedenkingen hebben bij de Turkse democratie. De burgemeester van Rotterdam besloot dat de toespraak niet door mocht gaan en kondigde een noodverordening af omdat hij vreesde voor verstoring van de openbare orde.

Toen waren er geen oordelen over de beperking van het recht op vrijheid van meningsuiting. En werd niet de vraag gesteld of de ordeverstoringen niet juist het gevolg waren van de noodverordening die de minister het spreken onmogelijk maakte.

Burgemeesters moeten soms lastige besluiten nemen. Het is mijn overtuiging dat zij dat naar eer en geweten doen. Ook de burgemeester van Dokkum. De demonstranten waren immers welkom. Maar toen de veiligheid in het geding kwam heeft zij een andere afweging gemaakt. Ongetwijfeld in de wetenschap dat daar kritiek op zou komen. Een moedig besluit waarvoor zij waardering verdient. En niet een roetveeg op het ongeschonden blazoen.

    • Bernt Schneiders