Column

Busje komt zo

Fred Teeven wordt buschauffeur. Maar dat was hij toch al? Wat je bent kan je niet worden. Dat was het eerste wat ik dacht toen ik vrijdagochtend op Teletekst over de opmerkelijke carrièremove van de ex-staatssecretaris las. Hij heeft volgens mij de kop en de buik van een rasechte touringcarbestuurder. En ook de tongval en het taalgebruik. Dat hij een tijdje in politiek Den Haag heeft rondgestruind is bijzaak. Dat was een wat uit de hand gelopen hobby. Hij begon ooit in een splinterpartijtje dat later nog onderdak bood aan de diepgestoorde borderliner Emile Ratelband. Voor Fred was dat toen een mooie reden om naar de VVD over te stappen. En binnen die partij maakte hij tot zijn eigen verbazing een stevige carrière. Zo moeilijk is het niet binnen dat clubje.

Maar nu gaat hij dus doen waarvoor hij eigenlijk geboren is. En dat gaat hem vast en zeker heel gemakkelijk af. Ik zie hem probleemloos met een bus buitenlandse bejaarden richting de Keukenhof tuffen. Of met een roedel nerveuze huisvrouwen naar een droeve kerstmarkt in Aken. Af en toe een flauw grapje in de microfoon en dan weer moedig voorwaarts. Volgens mij is Fred in dat soort bussen op zijn best. Je moet hem niet met een stelletje anti-Zwarte Piet-demonstranten richting Dokkum laten rijden. Dan gaat hij steeds onnodig op de rem staan. En dat doet hij zo vaak dat de club actievoerders op een gegeven moment kotsmisselijk over de vangrail hangt.

Ik word wel vrolijk van dit opmerkelijke nieuwsbericht. Gewoon omdat ik het moedig vind van Fred. Hij had gemakkelijk als een Tofik Dibi week in week uit geeuwend zijn wachtgeld kunnen cashen, maar hij kiest voor een baan waar hij ook nog apart voor opgeleid moet worden. Ik reken wel op een beetje humor van Fred. Dus als er iemand instapt die niet meteen zijn OV-chipkaart tevoorschijn kan toveren, hoop ik dat hij zegt: „Doe rustig, ik heb ook ooit heel lang naar een bonnetje gezocht!” Dat brengt een hoop lucht in de bus. Ik denk sowieso dat je met Fred wel kan dealen. Dat is het leuke aan deze ex-politicus. Hij doet niet ingewikkeld. En hij huldigt het oer-Hollandse principe: Je moet werken voor je geld.

Of hij de orde kan bewaren in een bus hooligans? Ik vrees van wel. Ik denk dat hij ze met gesloopte bus en al aflevert op een heel ver politiebureau. Kortom: ik verwacht veel van Fred en ga zeker een keertje met hem mee. Waarheen? Maakt me niks uit.

Als ik maar een beetje met Fred kan babbelen. Over alles en nog wat. Over zure literaire polderdwergen die Michel van Egmond en René van der Gijp de NS-Publieksprijs niet gunnen. En over Joris Voorhoeve die tot mijn grote verbazing zonder stotteren bij Pauw over Ratko Mladic zat te babbelen en vergat het over de toen niet gegeven luchtsteun te hebben.

En over alle Nederlandse voetbalclubs die kansloos uit alle Europese bekers geknikkerd zijn. En over de koninklijke huisjesmelker Bernhard, die samen met zijn drie broertjes, net als hun tante Christina ooit deed, op ordinaire wijze de Nederlandse fiscus genaaid heeft via allerlei enge belastingparadijzen. En over die zielige stamelbejaarde Martin van Rooijen, die op zijn oude dag hoopte in het Guinness Book of Records te komen door samen met een tweedehands PVV’er urenlang te gaan staan babbelen over een volslagen oninteressant kulonderwerp en daardoor de kiezers nog meer van de Haagse poppenkast vervreemd heeft.

En over de bijna vergeten Geert Wilders, die hoopt weer wat aandacht te krijgen als hij naar het democratische Rusland gaat om daar over mensenrechten en oorlogsmisdaden te babbelen. En over die leuke Lutz Jacobi, die de bijna overleden PvdA weer gereanimeerd lijkt te hebben. En over die goeie ouwe Robert Mugabe, die voor mij een voorbeeld is dat je op je hoogtepunt moet stoppen. En over de gangsters van de farmaceutische industrie, die je af en toe een stevige taaislijmziekte gunt. Dat soort dingen wil ik graag in de bus bespreken met onze Fredje. Maar ik vrees dat hij zacht zal stamelen: „Zo is het leven Youpie. Zo zitten de mensen in elkaar en het zal nooit veranderen.”

Maar ik zal hem tegenspreken en zeggen dat er uitzonderingen zijn die deze regel bevestigen. Voorbeeld? Een ex-staatssecretaris die buschauffeur wordt.