‘Harm, waar ben je toch aan begonnen?’

Harm van Veldhoven, directeur Roda JC

Harm van Veldhoven keerde als technisch directeur terug bij Roda, waar hij eerder trainer was. De club staat laatste in de eredivisie. „Intern zijn er fouten gemaakt.”

Harm van Veldhoven, technisch directeur Roda JC: „Anelka had beter gepast bij een club als Ajax.” Foto Chris Keulen

Zoals veel mannen heeft Harm van Veldhoven de gewoonte na zijn werk zijn vrouw te bellen om te zeggen hoe laat hij thuis is. Diepgaande gesprekken zijn het niet, eerder bondige onderonsjes zodat zij weet waar ze aan toe is.

Zo niet het gesprek dat ze eind september voeren als de technisch directeur van Roda JC met een kater naar huis rijdt na de nederlaag bij Heracles Almelo. Zes wedstrijden gespeeld, nul punten, bitter chagrijn. En dan zegt zijn vrouw: „Harm, waar ben je toch mee bezig?” Hij, beduusd: „Waar bemoei jij je eigenlijk mee. Laat mij nou.”

Alsof hij zelf niet wist dat hij aan een complexe missie begon toen hij afgelopen zomer terugkeerde bij de club waar hij tussen 2008 en 2012 al trainer was. De geboren Brabander (55), die zijn leven lang in België voetbalde en daar eind jaren tachtig de nationaliteit van zijn vrouw en kinderen aannam, moet Roda terug op aarde brengen na de tumultueuze jaargang 2016-2017.

Meest opmerkelijk was de bombastische entree van een Zwitsers-Russische investeerder die in de winter zijn ambitie uitsprak om Roda binnen enkele jaren naar de Champions League te loodsen. De in Dubai wonende Alexei Korotaev maakte de komst van negen nieuwe spelers mogelijk en stelde de Franse oud-topvoetballer Nicolas Anelka aan als adviseur, voordat hij zelf zeven maanden in de cel belandde wegens het verstrekken van een ongedekte cheque van 17,7 miljoen euro. Via zijn advocaat kreeg de beoogde clubeigenaar in mei te horen dat Roda op het nippertje was behouden voor de eredivisie. Technisch directeur Ton Caanen, de voorganger van Van Veldhoven, was toen al ontslagen. Ook Anelka werkt niet meer voor Roda.

Wat deed Anelka nou precies?

„Kan ik moeilijk over oordelen. Maar laat ik zeggen dat het moeilijk is om zijn wereld en die van Roda bijeen te brengen. Anelka denkt op een ander niveau. Hij had grote tactische plannen, terwijl Roda een club is die het moet hebben van trots en werkkracht. Anelka had beter gepast bij een club als Ajax.”

Hoe beleefde u Korotaevs presentatie?

„Kijk, ik heb nergens een club in één of twee jaar tijd omhoog zien schieten. Punt is: mensen lezen en horen graag zulke verhalen. Maar wie de voetbalwereld kent, weet dat het meestal tot ontgoocheling leidt. Zeker op korte termijn verandert er niks. Die negen spelers die erbij zijn gehaald, hebben echt niet de redding van Roda gerealiseerd. Er zaten best aardige bij [drie zijn er gebleven red.], maar zat er ook een visie achter?”

Moet Korotaev een tweede kans krijgen?

„Iemand verdient altijd een tweede kans. Wat ik merk is dat deze man veel onrecht is aangedaan. Hij is daardoor een speelbal geworden van met name de media. Als zo’n man een fout maakt en bestraft kan worden, dan wordt de rekening meteen geëffend. Voor hem is dat pijnlijk, vooral omdat hij waarschijnlijk wordt vrijgepleit. Nooit zal hij meer hersteld krijgen wat er allemaal over hem is geschreven. Dat Roda daar ook onder heeft geleden komt ook doordat er intern fouten zijn gemaakt. Had de club de plannen wel zo moeten lanceren? Vergeet echter niet dat dit voor de club een moeilijk traject is. Over Anderlecht las ik laatst ook een verhaal dat sponsor Betway niet helemaal netjes is. Maar zit de club dan fout? Je weet dat mensen niet snel rijk worden door alles netjes te doen. Is dat verkeerd? Nee. Is dat altijd correct? Nee. Voor Roda is het bijna onmogelijk om zo’n investeerder volledig te controleren.”

Is dat niet te makkelijk gezegd?

„Het probleem is de nood waarin gehandeld wordt. Clubs hebben steeds vaker tekorten en zoeken investeerders om die te dekken. Contracten met investeerders worden soms binnen twee weken ondertekend omdat de nood zo hoog is. Dat maakt clubs kwetsbaar. Wanneer vervolgens alles verkeerd samenvalt, zoals hier, ben je een vogel voor de kat.”

Op een bijeenkomst met zo’n driehonderd kritische supporters hoorde Van Veldhoven onlangs een opmerking die hij niet snel zal vergeten. Een man zei hem dat hij zo graag weer trots zou zijn op Roda. Van Veldhoven schrok. Als de trots al is verdwenen, wat rest er dan nog van het supportersschap? „Die opmerking heb ik de spelers ook voorgehouden.”

Lees ook: Roda JC blijft zwalkend en bibberend overeind.

Trekken die zich dat aan?”

Ja, dat denk ik wel. Net als de staf moeten zij weten wat er onder supporters leeft, waar de onzekerheid vandaan komt die er op de tribunes heerst.”

Als trainer van Cercle Brugge zei u dat spelers één keer per maand ander werk zouden moeten doen. Vindt u dat nog?

„Het is moeilijk te realiseren, maar ik vind dat spelers soms onvoldoende beseffen in wat voor wereld zij leven. ‘Verwende profs’ is te kort door de bocht, maar zij zien niet altijd in hoe hard anderen moeten werken voor een bepaald bedrag. Vergeleken met mijn vorige periode bij Roda zijn spelers veranderd. Wij verlangen ambitie, gedrevenheid, maar ze leven steeds meer in hun eigen wereld, met hun telefoons. Sommigen kunnen niet eens meer een gesprek voeren.”

Moeten spelers van u nog hun auto wassen voor de wedstrijd?

„Inderdaad. Ik vind het geen stijl als er bij een thuiswedstrijd een bemodderde auto voor het stadion staat. Ik was hem zelf ook voor elk duel. Gewoon met de hand.”

Trainer zal Van Veldhoven voorlopig niet meer worden. Hij vindt dat oefenmeesters een wegwerpproduct zijn geworden en wil niet aan een job beginnen die misschien maar drie maanden duurt. Zeker in België, waar hij na zijn spelerscarrière trainer was bij zeven clubs, ziet hij dat coaches nauwelijks nog respijt krijgen. Verzuchtend: „Van de 24 trainers in de twee hoogste klasses van België zijn er alweer dertien ontslagen.”

Het Nederlandse voetbal kent in zijn ogen meer structuur. Het is daarom ook dat ondanks de laatste plaats een vertrek van trainer Robert Molenaar niet aan de orde is. Van Veldhoven heeft in Kerkrade al te veel trainers zien vertrekken. „Een goede ploeg opbouwen kost soms wel twee jaar.”

Hoe blijft u kalm in deze situatie?

„In eerste instantie door een visie uit te stippelen. Ik ben geen dromer die zes spelers wil halen in de winter. Als daar geen kapitaal voor is, wil ik daar niet eens aan denken. Soms duurt het gewoon even voordat je investeringen renderen. Nederlandse clubs hebben daar meer geduld voor dan die in België. Daar is het een mirakel als een coach twee jaar blijft.”

Stel we zetten u voor een Nederlandse en Belgische selectie. Merkt u het verschil?

„Meteen. Als ik spelers voor de warming-up twee rondjes laat inlopen, gaan de Belgen direct lopen. Nederlanders vragen eerst waarom ze moeten lopen. Terwijl ik in België twintig minuten over mijn wedstrijdbespreking deed, duurde die bij Roda een uur. ‘Ja, maar trainer’ hoorde ik continu. Meedenken oké, maar alle spelers dachten dat ze gelijk hadden.”

Dat eigenwijze is typisch Nederlands, zegt Van Veldhoven. Wanneer hij in Zeist vergadert met andere directeuren, merkt hij hoe diep de Hollandse denkpatronen zijn ingesleten. „Eigenwijsheid kan een kracht zijn, maar Nederlanders moeten ervoor waken dat ze niet te veel blijven geloven in hun opvattingen. Je moet openstaan voor invloeden van buitenaf.”

Lees ook: The sky is the limit in Kerkrade.

Zien collega’s u als buitenstaander?

„Ik denk het. Ik hoor vaak: ‘Harm, heb jij daar met een andere inkijk nog een mening over?”

Waarmee ze suggereren dat dat zo is omdat u Belg bent?

„Ja, en vaak denk ik er ook anders over. Neem de play-offs in België. Daar is vaak lacherig over gedaan hier, maar in België hebben ze wel echt iets bereikt. De voordelen? Met die tien onderlinge duels tussen de beste ploegen creëer je meer weerstand, wat resulteert in beter voetbal en een sterkere competitie. Zie daar het succes van de Belgische nationale ploeg. De eredivisie terugbrengen naar zestien clubs? Goed idee. Alle clubs zullen scherper worden omdat de kans op degradatie groter wordt. Maar zo’n verandering zie ik niet gebeuren. Vijftien van de achttien clubs moeten vóór zo’n besluit stemmen. De meeste denken alleen aan zichzelf. Logisch dat er niks verandert.”

Jullie zouden anders zelf het kind van de rekening kunnen worden.

„Je moet zo’n overgang naar zestien clubs ook niet meteen het jaar erna doen, maar over twee of drie seizoenen. Dan heeft iedereen de kans om zich omhoog te werken. Lukt dat niet, pech.”

    • Fabian van der Poll