Recht & Onrecht

Wie blind een autoriteit volgt krijgt een verkeerd beeld van macht

Autoritaire studentenverenigingen lopen het risico om net die mensen aan te trekken die zich in dat regime thuis voelen. Ze oogsten wat ze zaaien, schrijft Pieter Desmet in de Gedragscolumn.

Het pand van Studentenvereniging Vindicat aan de Grote Markt in Groningen Foto Siese Veenstra/ ANP

Door Pieter Desmet

“Zo doe je niet tegen ouderejaars.” De twee tikjes die het aspirant-lid teruggaf betekenden blijkbaar heel wat anders dan de twee tikjes uitgedeeld door hemzelf, de ouderejaars en aspirant-veroordeelde-voor-zware-mishandeling. Studentenverenigingen bieden studenten veel kansen om zichzelf te ontplooien en competenties bij te leren die nuttig zijn voor hun latere leven, zoals werken in een team en het opzetten en onderhouden van netwerken. Het functioneren in een hiërarchische organisatie en het leren omgaan met verantwoordelijkheid en macht over andere leden is er daar ook een van.

Wat een nuttige leerervaring voor de meesten is, blijkt echter niet altijd even gemakkelijk voor iedereen, zoals het recente voorval in Groningen pijnlijk duidelijk maakt.

Cortisol en stress

Op zich is het hebben of voelen van macht over anderen niet per se slecht en is macht ook geen gegarandeerd recept voor misbruik en agressie. Het ervaren van macht leidt tot een hoop positieve gedragingen. Zo zijn mensen die macht ervaren beter in staat om abstract te denken en het grotere plaatje te zien. Ze zien ook meer keuzemogelijkheden en zijn meer proactief in het nemen van belangrijke beslissingen. Mensen met macht hebben ook lagere concentraties van het stresshormoon cortisol, waardoor ze minder stress ervaren. Ook geeft macht zelfvertrouwen, waardoor mensen zich minder beperkt voelen in hun kunnen. Macht opent dus de deur om je vrijer en onbeperkter te gedragen en meer jezelf te kunnen zijn.

Eerder misdragen

Toch zit in die onbeperktheid ook de valkuil van macht, want mensen met minder mooie kantjes gaan zich onder invloed van macht ook eerder misdragen. Zo gaan enerzijds mensen die meer pro-sociaal georiënteerd zijn zich onder invloed van macht nog pro-socialer opstellen. Terwijl anderzijds mensen die eerder op zichzelf gericht zijn net egoïstischer worden als ze macht krijgen. Toch is het niet zo dat het louter de “rotte appels” zijn die zich gaan misdragen onder invloed van macht. Zo stellen mensen met macht zich in het algemeen hypocrieter op en zijn ze minder tolerant tegenover valsspelers. Terwijl, als de gelegenheid zich voordoet om zelf vals te spelen, mensen met macht net degenen zijn die dit het meeste doen.

Stanford prison

Situaties kunnen echter soms zo sterk zijn dat ook de braafste burgers zich misdragen als ze macht krijgen. Het klassieke onderzoek dat in die context telkens afgestoft wordt is het Stanford Prison Experiment, opgezet door Philip Zimbardo in 1971. Zimbardo wilde daarin eigenlijk aantonen dat onder druk van een situatie iedereen tot wreedheden in staat is en daarom gaf hij aan de helft van de proefpersonen (de bewakers) macht over de andere helft (de gevangenen). Het experiment moest vroegtijdig stopgezet wegens verregaande misdragingen door de bewakers, waarin Zimbardo bevestiging voor zijn hypothese zag. Later bleek echter dat het experiment zelf verre van zuiver was en dat de bewakers instructies kregen om bepaalde misdragingen te plegen. Een poging tot replicatie van deze resultaten door de BBC slaagde er trouwens ook niet in hetzelfde gedrag te genereren, integendeel: daar trad er socialisatie op tussen bewakers en gevangenen.

Wat Zimbardo’s studie ons dus eigenlijk eerder leert is hoe mensen in machtsrelaties bereid zijn om blind de instructies van een autoriteit (in dit geval de onderzoekers) te volgen zonder deze in vraag te stellen.

Totalitaire regimes

Voor organisaties die machtsmisbruik tegen willen gaan, schuilt misschien net daarin een dreiging die mogelijk gevaarlijker is dan het louter geven van macht en verantwoordelijkheid over anderen. Namelijk de mate waarin men opereert als een autoritaire organisatie waarin niet alleen veel belang gehecht wordt aan machtsverschillen en een ongenaakbare autoriteit, maar ook aan blinde gehoorzaamheid en strikte disciplinaire maatregelen bij overtreding. Het bestaan van en de manier waarop strafcomités opereren, een zwijgplicht en een boete van 25.000 euro voor aspirant-leden die verhalen naar buiten brengen, zijn praktijken die eerder doen denken aan totalitaire regimes dan aan studentenverenigingen.

Oogsten wat je zaait

Voor zover het studentenleven je voorbereidt op het latere leven is het de vraag wat je leert uit dergelijke praktijken. Als je al geen mensen creëert met een verkeerd beeld over macht, gezag en de daar bijhorend privileges en verantwoordelijkheden, dan selecteer je er misschien net op: organisaties die sterk autoritair functioneren lopen het risico om net die mensen aan te trekken die zich in een dergelijk autoritair regime thuis voelen. Mensen met een autoritaire persoonlijkheid zijn echter ook agressiever naar alles wat die autoriteit ook maar in de weg kan staan, dus op die manier blijf je als organisatie oogsten wat je zaait.

Pieter Desmet is als universitair hoofddocent in Behavioural Law and Economics verbonden aan de Rechtenfaculteit van de Erasmus Universiteit Rotterdam

 

 

 

 

Blogger

Folkert Jensma

Journalist en jurist Folkert Jensma (1957) werkt sinds 1985 voor NRC Handelsblad op de terreinen bestuur, justitie, politiek en Europa. Hij schreef als correspondent Brussel over de Europese eenwording door de verdragen van Schengen in 1985 en van Maastricht in 1992. Als hoofdredacteur, tot september 2006, was hij mee verantwoordelijk voor de introductie van nrc.next, de bijlage Opinie & Debat, het magazine M en de introductie van Europa- en Wetenschapspagina's in de dagkrant. Sindsdien schrijft hij als commentator recht en bestuur hoofdartikelen, jurisprudentie-rubrieken en columns voor NRC Media. Voor zijn columns ontving hij in 2013 de Jacques van Veen jubileumprijs en in 2014 de J.L. Heldringprijs.