Recensie

Jim Carrey op zijn irritantst

Setdocumentaire Jim & Andy: The Great Beyond toont hoe Jim Carrey ontregelde door ook buiten de filmset maandenlang volledig in de huid te kruipen van zijn idool, komiek Andy Kaufman.

Jim Carrey als Andy Kaufman. Francois Duhamel / Netflix

Setdocumentaires horen bij de filmpromotie. Een blikje achter de schermen. Maar studio Universal begroef beelden van de opnames van Milos Formans Man on the Moon (1998) indertijd diep in de kluis. De hoofdrolspeler van toen begrijpt best waarom. „Ze waren bang dat het publiek me een eikel zou vinden”, vertelde de 56-jarige komiek Jim Carrey begin september op het filmfestival van Venetië. „Ze moesten mijn imago beschermen.”

In het bewust onmogelijk getitelde Jim & Andy: The Great Beyond - Featuring a Very Special, Contractually Obligated Mention of Tony Clifton zien we Jim Carrey inderdaad op zijn irritantst. Maar zijn imago is geen prioriteit meer nu Man on the Moon half vergeten is en Jim Carrey met kluizenaarsbaard meer schildert dan acteert. Dus mochten producer Spike Jonze en regisseur Chris Smith zo’n honderd uur aan opnames alsnog uit de kluis halen. „Eigenlijk moet dít de film zijn”, riep regisseur Rob Reiner toen hij in 1998 de surrealistische setbeelden zag. Na het zien van Jim & Andy geef je hem gelijk: de setdocumentaire is wijzer, grappiger én ontroerender dan de film zelf.

Jim Carrey was in 1998 ’s werelds grootste komiek; een lawaaiclown met rubberlijf die vier jaar eerder met drie hitkomedies op rij doorbrak: Ace Ventura, The Mask, Dumb and Dumber. Door een ander trio hits, Man on the Moon, The Truman Show en Eternal Sunshine of the Spotless Mind, werd hij een serieus acteur.

Man on the Moon is een biopic over de in 1984 op 35-jarige leeftijd overleden komiek Andy Kaufman. Hij introduceerde in de jaren 70 een verwarrend, hoogst ongemakkelijk soort humor. In zijn stand-ups speelde Kaufman van angst verstijfde komieken of Tony Clifton, een vunzige nachtclubzanger die met iedereen ruzie zocht. Hij hield ‘intergender’-worsteltoernooien waarin hij vrouwen onder machogebral tegen de mat kwakte, zijn tv-optredens eindigden soms in vechtpartijen. Als de kijker wist dat ze in scène waren gezet, was de lol er voor Kaufman al af. Hij genoot van afschuw, chaos en verachting.

Kaufman was Jim Carrey’s idool. Zijn komische stijl was maniakaal, met ogen op steeltjes. En Carrey schuwde het schandaal evenmin: zo schold hij tv-presentator Arsenio Hall pseudodronken uit voor „black bastard”. Voor de opnames van Man on the Moon besloot Carrey volledig in de huid van Andy Kaufman en Tony Clifton te kruipen: hij bleef drie maanden ‘in karakter’. Zoals Kaufman de ‘vierde muur’ met het publiek doorbrak, doorbrak hij de scheiding tussen filmset en realiteit.

Andy Kaufmans ex-vriendin filmde achter de schermen het resulterende pandemonium: in Jim & Andy zien we Carrey met papieren zak over zijn hoofd lopen, een auto in de prak rijden, een feest op het Playboy Mansion ontregelen, in een ambulance worden afgevoerd. Soms wordt er gevochten, soms zijn er tranen: Andy Kaufmans moeder gebruikt Carrey als een soort medium om met haar dode zoon te praten.

Jim & Andy weeft daar handig Jim Carrey’s biografie doorheen. Met soepbaard en diepe frons filosofeert de komiek over zichzelf en Kaufman, over identiteit, personage en perfomance. Van Man on the Moon herstelde hij nooit echt. Na al die maanden als Kaufman was hij zichzelf vergeten en kon hij alleen nog maar de paljas uithangen – ‘Mr. Hyde’ – die hij in het openbaar was, aldus Carrey. Alles bereikt, doodongelukkig: in de loop van de 21ste eeuw liep Carrey leeg als een poreus luchtbed.

In Venetië fluisterde de komiek – plots zonder baard – pseudoboeddhistische wijsheden de zaal in: „Er is een personage dat Jim Carrey speelt, weet je. Mijn hele leven lang al. Ik besta niet, ik ben een pakketje energie op zoek naar een anker. Ik heb mezelf zo’n beetje in elkaar geknutseld.” Niet uit te sluiten is dat het ook een act is, en zulk acteursgeneuzel is vrij schaars in Jim & Andy, dat door Carreys herinneringen en meditaties extra balans en betekenis krijgt. Een wonderlijke documentaire is het: hoe kan je een brok in je keel krijgen als de hufter Tony Clifton nasaal REM’s titelsong ‘Man on the Moon’ inzet? Toch gebeurt dat.

    • Coen van Zwol