Foto Alexa Clay

Buitenbeentje op je werk? Dat is niet erg

Interview Bedrijven zouden rebelse werknemers moeten koesteren, betoogt econoom Alexa Clay. Hun onaangepastheid zorgt namelijk voor vooruitgang.

‘Buitenbeentjes verlangen naar de vrijheid om te dromen”, zegt econoom Alexa Clay. „Ze houden niet van strenge hiërarchieën en omgevingen die sterk op regels zijn gebaseerd. Bedrijven hebben daarom moeite met het rekruteren en behouden van misfits.”

Samen met politiek econoom Kyra Maya Phillips publiceerde Clay in 2015 The Misfit Economy, in het Nederlands vertaald als De buitenbeentjeseconomie (2016). Het boek gaat over wat we kunnen leren van criminelen, bendeleden, piraten en hackers. Clay en Phillips bezochten onder meer Somalische piraten, de Parijse hackersbeweging Urban Experiment, en de leiders van de Latijns-Amerikaanse straatbende Latin Kings.

Onlangs besprak Clay tijdens een conferentie van cursusinstituut The School of Life vijf succesvolle strategieën uit die informele economie. Sjacheren bijvoorbeeld: de rusteloze energie iets van de grond te krijgen, door koppige vasthoudendheid en vindingrijkheid. Een andere strategie was iets namaken of je illegaal toe-eigenen zoals bijvoorbeeld Napster ooit deed, een illegaal downloadprogramma dat de zwakke plekken in de muziekindustrie uitbuitte. Een derde strategie was hacken: een bestaand systeem slopen, om het te verbeteren of het gezag van een organisatie aan te vechten. Of provoceren: het porren en stoken in de gewone gang van zaken, zodat anderen nieuwe mogelijkheden gaan zien. Tot slot noemde ze kunnen ‘bijsturen’: snel van koers durven veranderen als iets niet werkt.

Clay en Phillips waren onder de indruk van het ondernemerschap van de buitenbeentjes en wilden onder de aandacht brengen hoeveel bedrijfskundig talent zich in die schaduweconomie bevond. In het verlengde daarvan betogen ze dat normale organisaties buitenbeentjes en hun onorthodoxe manieren van opereren zouden moeten koesteren. Het zijn immers juist de non-conformisten die het denkvermogen hebben zich andere structuren en nieuwe mogelijkheden voor te stellen.

Maar het zijn tegelijkertijd dit soort types die sneuvelen in bureaucratische bedrijven. „Persoonlijkheden die zich een beetje vervreemd voelen van de rest worden outsiders,” zegt Clay. „Dat betekent dat ze niet zo vatbaar zijn voor de normen van een organisatie en minder snel ten prooi vallen aan groepsdenken. Daardoor zijn ze in staat op een vrijere, creatievere manier te denken.”

Waarom zouden buitenbeentjes überhaupt in dienst willen bij een groot bedrijf?

„Omdat ze zich aangetrokken voelen door de invloed en de middelen van deze bedrijven”, zegt Clay. Stel dat je een bevoorradingsketen wil verduurzamen. Dan kan het beter zijn om voor Unilever te werken dan voor een non-profitorganisatie of als activist. Bij Unilever kun je het systeem van binnenuit verbeteren, dat is effectiever. „Maar de meeste buitenbeentjes houden het niet lang uit in die bedrijven.”

Clay is een van de oprichters van de League of Intrapreneurs: een wereldwijde organisatie die idealistische buitenbeentjes in multinationals ondersteunt. „Intrapreneurs zijn het type buitenbeentjes dat verder wil denken dan het belang van het bedrijf”, zegt ze. „Het zijn de mensen binnen Shell, British Petroleum en General Motors die nieuwe bedrijfsmodellen opzetten met een maatschappelijke waarde, bijvoorbeeld voor hernieuwbare energie. Dat zijn kwetsbare posities, want soms gaan hun ideeën tegen het bedrijfsbelang in. Ze zouden daarom door mensen hoog in de organisatie moeten worden beschermd.”

Geef ze vrijheid, minder regels. Ze hebben vaak autonomie nodig om te functioneren

In haar boek geeft Clay het voorbeeld van Gib Bulloch, consultant bij organisatieadviesbureau Accenture. Tijdens een vrijwilligersperiode als bedrijfsadviseur op de Balkan merkte hij dat er een groot gebrek aan zakenexpertise was in ontwikkelingsorganisaties. Dat hij binnen Accenture een non-profit tak kon opzetten, waar collega’s hun professionele vaardigheden mochten inzetten voor ontwikkelingsprojecten, kon alleen dankzij de welwillendheid van de hoogste baas.

The League, binnenkort ook met een afdeling in Amsterdam, steunt dit soort kwetsbare buitenbeentjes in bureaucratische multinationals, overheidsinstanties en bij ngo’s. Clay: „Hoe zoek je steun voor je onconventionele ideeën in een bureaucratische organisatie? Hoe maak je er een haalbaarheidsstudie van? Hoe blijf je overeind in de bedrijfspolitiek?” Ook zetten ze supportgroepen op met mentoren voor dit soort eenlingen.

Lees ook: Zo kom je op nieuwe, briljante ideeën

Hoe kunnen bedrijven de juiste buitenbeentjes herkennen en houden?

„Een buitenbeentje zijn gaat niet alleen over het hebben van ontwrichtende ideeën. Ze kunnen op verschillende manieren helpen. Bijvoorbeeld door een katalysator van veranderingen te zijn of door op te treden als probleemoplosser. Geef ze vrijheid, minder regels. Ze hebben vaak autonomie nodig om te functioneren.”

In opvoeding en onderwijs ligt de nadruk op aanpassen en meedoen, zou het beter zijn rebellie te koesteren?

„Honderd procent mee eens! Er is dat fantastische boek van William Deresiewicz: Excellent Sheep. Dat gaat over de uitblinkers van elitescholen die in dienst komen bij investeringsbanken als Goldman Sachs en de belangrijke advocatenkantoren. Zij zijn tijdens hun studie nooit aangemoedigd rebels en kritisch te zijn. Mede daardoor verraden ze nu onze samenleving: ze streven hun eigen promoties en prestaties na, zonder na te denken over de impact van hun acties. Liberaal onderwijs zou ons vrijdenkers moeten maken, het zou ons in staat moeten stellen onze maatschappij te verbeteren door normen uit te dagen. In plaats daarvan leert het ons te voldoen aan de verwachtingen van het systeem. We zijn voor maatschappelijke en bedrijfskundige hervormingen altijd afhankelijk geweest van rebelse geesten. Maar dan moeten we ze wel in ons midden opnemen.”

    • Annemiek Leclaire