Recensie

Volgens Haitink klinkt Mozart nobel naturel

Concert

Sopraan Eva-Maria Westbroek bracht Wagners broeierige Wesendonck Lieder met verve over het voetlicht, al liep ze soms wat haastig vooruit op Haitinks kalme fraseringen.

Bernard Haitink Remko de Waal/ANP

Bernard Haitink en het Chamber Orchestra of Europe (COE) zijn op Mozart-missie. In januari waren dirigent en orkest al in Amsterdam te horen met Mozarts 41ste symfonie (Jupiter), afgelopen donderdag verscheen de 36ste (Linz) op de lessenaars en vrijdag klonken nummer 35 en 38 (respectievelijk de Haffner en de Praagse). Tussendoor soleerde sopraan Eva-Maria Westbroek in Wagners Wesendonck Lieder.

Lees ook de recensie van Haitink met het COE afgelopen donderdag (‘Betoverend’)

Met zijn 88 jaar is Haitink wat je noemt een oude meester. De podiumtrap in de Grote Zaal verruilt hij tegenwoordig wijselijk voor de minder verraderlijke zij-opgang, maar eenmaal op de bok overheerst vitaliteit. Tel daarbij op een uitstekend spelend COE - bekijk hier wat Haitink over het orkest zegt - en je krijgt een Mozart-interpretatie van een zeldzame elegantie en monterheid.

Mozart volgens Haitink klinkt nobel naturel: licht, energiek, bij vlagen geestdriftig, maar gespeend van de vinnigheid die bij de oude-muziek-specialisten soms opsteekt. Zo klonk het openingsdeel van de Haffner symfonie dynamisch zonder triomfantelijk te worden en kreeg het ‘Andante’ een straf tempo zonder te haasten. Mooi ook hoe Haitink in het afsluitende ‘Presto’ de luid-zacht-contrasten op scherp wist te stellen met minutieuze gebaren van de linkerhand.

Broeierige allure

In de Praagse symfonie liet de dirigent meer ruimte voor dramatiek. Getuige de met koper dooraderde klankzuilen en plotseling striemende violen in de trage introductie, en de manier waarop hij de melancholische houtsoli in het ‘Andante’ uitlichtte. De contrapunctische motiefstapelingen in de doorwerking van het eerste deel waren vlekkeloos. De finale een speelse werveling van explosieve tutti’s, lenig hout en snedige motivische een-tweetjes.

Wagner componeerde zijn Wesendonck Lieder als een voorstudie voor zijn hunker-opera Tristan und Isolde. Eva-Maria Westbroek bracht die broeierige, operateske allure met verve over het voetlicht: groot geluid, genereus vibrato, expressieve voordracht. Jammer dat haar hoge uithalen soms wat bruusk waren en ze hier en daar wat haastig vooruitliep op Haitinks kalme fraseringen.