‘Criminelen verdienen geen subsidie’

Mestfraude De provincie Brabant gaat boeren die subsidie krijgen beter controleren op mestfraude, zegt gedeputeerde Anne-Marie Spierings.

Gedeputeerde Anne-Marie Spierings: „Blijkbaar is mestfraude zo aantrekkelijk dat sommigen dat pad kiezen.”(De boerderij op de achtergrond is niet betrokken bij het mestfraudeschandaal.) Foto Olivier Middendorp

Het nieuws sloeg in als een bom. Tien dagen geleden, anderhalf uur voordat de Provinciale Staten definitief besloten 75 miljoen euro te besteden om het Brabantse boerenbedrijf duurzamer in te richten, onthulde NRC een omvangrijke mestfraude, vooral in Brabant. Gedeputeerde Anne-Marie Spierings (Agrarische Ontwikkeling, D66) is geschrokken.

Lees ook: Het Mestcomplot

Wist u niet dat er werd gefraudeerd?

„We wisten dat er sprake was van mestfraude. Je kunt het afleiden uit het feit dat het nitraatgehalte in het grondwater structureel te hoog is. Ook de kwaliteit van het oppervlaktewater is nog verre van goed. Maar de concrete cijfers waren bij ons niet bekend. Het Rijk is toezichthouder, dáár komen die cijfers binnen.”

Wat treft u het meest?

„Wat mij het meeste opvalt, is het structurele en doelbewuste karakter. Het gaat niet om een persoon die een keer de regeltjes niet naleeft. Er staat niet een vinkje per ongeluk fout. Er zijn partijen die precies weten waar ze mee bezig zijn. Die heel bewust de regels zo overtreden dat de pakkans ook nog eens heel klein is.”

Waarom gebeurt dit soort dingen zo veel in Brabant?

„Dat beeld over Brabant bestaat, ook met drugscriminaliteit. Er zijn verklaringen voor. Ooit was dit niemandsland, toen de Republiek der Nederlanden aan het vechten was met de zuiderburen. Er werd geroofd en geplunderd. Wij hebben toen geleerd onszelf te verdedigen en niet te vertrouwen op gezag. Dat zie je nog steeds terug in het aantal gildes. We zitten in een grensgebied, waar, bijvoorbeeld in de oorlog, volop werd gesmokkeld. Misschien heeft het ook iets te maken met het katholieke geloof, en de aflaten die je vroeger kon kopen. En: we zijn goed in samenwerken. Daar zijn we heel trots op als het gaat om bijvoorbeeld de bloeiende economie in brainport Eindhoven. Maar je kunt ook goed samen frauderen. Dat is niet de bedoeling.”

Mestfraude doorkruist uw beleid.

We hebben in juli beleid vastgesteld. Regels voor de uitstoot van stallen worden strenger. Regels om te voorkomen dat de hoeveelheid vee groeit, met name in De Peel. Ook hebben we bepaald dat mest alleen op het eigen bedrijf of op een industrieterrein mag worden verwerkt. Zodat we niet overal mestverwerkingsfabriekjes krijgen.”

Al ruim dertig jaar is mest een probleem. Maatregelen hielpen soms, meestal slechts tijdelijk. Lees ook: 33 jaar mestbeleid

Hebben de boeren het zó zwaar dat sommigen gaan frauderen?

„Wij vragen boeren te investeren in verouderde, afgeschreven stallen. We vragen hen te investeren in nieuwe stalsystemen. De varkenshouders hebben heel slechte jaren gehad. Ze hebben weinig geld verdiend. Dan is het moeilijk om te investeren.”

U wilt boeren daarbij helpen?

„We hebben die 75 miljoen vrijgemaakt om boeren die tegen hun pensioen lopen en geen opvolger hebben, te helpen eerder te stoppen. En om boeren die doorgaan te helpen met investeren in nieuwe technologieën. Niet alleen in energievretende luchtwassers, maar ook in systemen die de stal zelf schoner maken, door de mest weg te spoelen en meteen te verwerken. Daar zijn allerlei technieken voor. We helpen met een investeringsfonds. We helpen boeren die biologisch willen gaan werken.”

Maar zijn boeren zo wanhopig dat ze gaan frauderen?

„Dat weet ik niet. Wat ik wel weet is dat het afvoeren van een kuub mest meer dan 20 euro kost. En als je bedenkt dat het bijvoorbeeld gaat om één tot twee kuub mest per varken per jaar, loopt dat aardig in de papieren. Je verdient serieus geld met fraude. Blijkbaar is het zo aantrekkelijk dat sommigen dat pad kiezen.”

Hoe maak je er een einde aan?

„Dat is de grote vraag. De minister heeft de sector vier weken gegeven om zelf met een plan te komen. Het Rijk houdt toezicht en moet handhaven. Wij zijn bereid om daaraan bij te dragen. We zouden toezichthouders van onze omgevingsdienst, die toch al volop in het buitengebied rondlopen, ook voor de NVWA kunnen inzetten. Tot op heden is daarop nog geen ja gezegd.”

Wat kan de provincie zelf doen?

„We gaan kijken hoe het zit met boeren die geld krijgen voor innovatie of geld om eerder te stoppen. We kijken of ze altijd aan de regels hebben voldaan, dat wil zeggen of ze zich niet aan doelbewuste fraude schuldig hebben gemaakt. Criminelen krijgen geen subsidie. Iemand die doelbewust heeft gefraudeerd, heeft geld genoeg verdiend. Voor de grote aanvragen gaan we kijken of het gepast is om de Wet Bibob in te zetten. We hebben een Bibob-team in huis.”

Lees ook het interview met oud-bewindslieden op Landbouw Laurens-Jan Brinkhorst en Henk Bleker: ‘Snoeihard aanpakken, de gasten die dit flikken’

Wanneer krijgt een boer dan geen subsidie?

„Op basis van de gepleegde delicten maak je als bestuur een afweging. Je kunt iets weigeren. Je kunt extra voorschriften in de vergunningen opnemen. We gingen daar bij de veehouderij tot nu toe niet op een strakke manier mee om.”

Doen gemeenten wel genoeg? Wordt boeren niet soms de hand boven het hoofd gehouden? Veel gemeenten staan gigantische uitbreidingen gewoon toe.

„Er spelen in Brabant twee aanvragen voor uitbreidingen waar veel commotie over is. Maar als iemand een vergunning aanvraagt voor zestienduizend vleesvarkens, wil dat niet zeggen dat hij een fraudeur is. Ik ken geen gevallen waarvan ik denk: hier gebeurt iets heel raars.”

Hoe schadelijk is mest?

„Mest is een groot probleem voor de waterkwaliteit. Ons grondwater is ons drinkwater. Extra reiniging moeten wij als consumenten betalen. En dan hebben we het nog niet gehad over bedrijven als Bavaria, Heineken, Refresco en Fuji. Die zitten in Brabant vanwege de goede kwaliteit van ons grondwater.”

En de natuur?

„Wij hebben doelen die we steeds maar niet bereiken. Bij lange na niet. Onze paarse heiden groeien vol met grassen zoals pijpenstrootje. De stikstofdepositie in bijvoorbeeld De Peel is drie keer hoger dan de natuur aankan, en daalt maar een klein beetje. Afspraken met Europa over de kwaliteit van kwetsbare natuurgebieden zoals De Peel en De Kampina halen we niet door stikstofdepositie en door de verdroging. In beken als De Dommel zijn vele soorten verdwenen door te veel meststoffen. Het is beter dan dertig jaar geleden. Maar het is bij lange na niet genoeg. Van alle wateren in Brabant voldoet 80 procent niet aan de norm van de Kaderrichtlijn Water.”

Zijn er niet gewoon te veel dieren?

„Wij vinden dat we voldoende vee hebben in het Brabantse zandgebied, driekwart van de provincie.”

U bedoelt: er mag niks meer bij.

„Ja. Wij hebben gezegd: er mag in het zandgebied geen dier bij. In de Peel-gemeenten mag je alleen een nieuwe stal bouwen als je een oude stal plus 10 procent stalruimte sloopt. Daardoor krijgen we uiteindelijk een lichte afname.”

    • Arjen Schreuder