Pechtold benadrukt: D66 neemt wél verantwoordelijkheid

Op het partijcongres van D66 was vooral lof te horen. Alleen over de ‘sleepwet’ werd gediscussieerd.

Het D66-congres in de WTC Expo. Het najaarscongres wordt in Friesland gehouden vanwege de aankomende herindelingsverkiezingen. Foto Jeroen Jumelet / ANP

D66 doet wél mee. Partijleider Alexander Pechtold kon het niet genoeg benadrukken. Na ruim tien jaar oppositie zit D66 weer in een kabinet. Reden voor een feestje op het partijcongres in Leeuwarden. Maar ook reden voor een scherpe verdediging van de deelname aan het kabinet met VVD, CDA en ChristenUnie.

Pechtold kwam er in zijn toespraak telkens op terug: D66 moest verantwoordelijkheid nemen, waar anderen dat niet deden. „In Nederland hebben we nu een rechtse Kamermeerderheid. En toch is het ons gelukt een coalitie te vormen die allesbehalve rechts is.” Hij wees op de klimaatplannen van het kabinet, de investeringen in onderwijs, het weer verwelkomen van vluchtelingen en de zes weken partnerschapsverlof.

Pechtold gebruikte het podium om zich fel af te zetten tegen de linkse partijen in de Tweede Kamer. Hij verweet „de andere linkse partijen” SP, GroenLinks en PvdA met „gestrekte draf op langdurige verantwoordelijkheidsvakantie” te zijn gegaan. Pechtold kwam terug op de mislukte onderhandelingen met GroenLinks: „Ik weet dat de meeste D66’ers een coalitie wensten met GroenLinks. Ik ook.”

Kritiek op links

Maar weglopen bij de onderhandelingen met de ChristenUnie was geen optie. „Althans niet voor ons.” Kritiek op links vormde een rode draad in de toespraken van de partijtop op het congres. „Regeren in tijden van consensus kan iedereen, zelfs GroenLinks,” zei europarlementariër Sophie in ’t Veld.

D66 is de partij die het politieke midden de meerderheid bezorgt, legde vicepremier en minister van binnenlandse zaken Kajsa Ollongren het congres uit. Want het zetelaantal van partijen die zich opsluiten in het eigen gelijk neemt volgens Ollongren toe. En dat gebrek aan constructiviteit zag ze nog wel het meest bij de linkse partijen. „Twee wilden niet eens aan de onderhandelingstafel komen.”

Dat het najaarscongres van D66 voor leden van de partij dit keer in Leeuwarden was, was niet toevallig. Woensdag zijn er verkiezingen voor de gemeenteraad vanwege een herindeling van de gemeente. Zo kon de D66-leider meteen even folders uitdelen in de stad. Op het congres waren veel D66’ers uit de gemeentepolitiek te vinden die ideeën wilden opdoen voor de verkiezingen in maart.

In de wandelgangen klonken onder leden weinig onvertogen woorden over het regeerakkoord. Het afschaffen van de dividendbelasting gaf sommige leden, jong en oud, een nare smaak in de mond. Maar op de medisch ethische afspraken met de ChristenUnie viel weinig gemopper te horen. Van verzet tegen regeringsdeelname met de ChristenUnie was geen sprake, ondanks het verzet tegen de ChristenUnie van Pechtold en Ollongren voordat de onderhandelingen begonnen.

Discussie over de wiv

Er was waardering onder leden voor het feit dat Pechtold in de Kamer blijft. En dus niet kiest voor het ministerschap. Leden zeiden trots te zijn op de zes bewindslieden in het kabinet: vier van de zes zijn vrouw. Met name ministers Sigrid Kaag en Kajsa Ollongren konden op waardering rekenen. En D66 heeft voor het eerst een minister van Sociale Zaken: Wouter Koolmees. Dat vonden veel leden belangrijk, al waren er nog wel zorgen over de plannen in het regeerakkoord met arbeidsgehandicapten met een Wajong-uitkering. Laurens Jan Brinkhorst, oud-minister van Economische Zaken: „Eindelijk hebben we portefeuilles in het kabinet die ertoe doen.”

Eén afspraak in het regeerakkoord zorgde wél discussie: de wet op de inlichtingendiensten wiv, door tegenstanders omgedoopt tot de sleepwet en de aftapwet. D66 stemde als oppositiepartij tegen deze wet: de privacy was niet genoeg gewaarborgd. Nu moet nota bene D66-minister Ollongren de wet invoeren. Tweede Kamerlid Kees Verhoeven moest dat besluit de hele dag verdedigen. In een vol zaaltje met veel jonge D66-leden vroeg hij hen de wet niet meer de sleepwet te noemen: „stap niet in dat frame”.

Verhoeven houdt zich vast aan een zin in het regeerakkoord waarin staat dat van het massaal en willekeurig verzamelen van gegevens van burgers „kan, mag en zal geen sprake zijn”. Voor de jongeren van de Jonge Democraten is die zin niet genoeg. Want die waarborg staat niet in de wet. Voorzitter Kevin Brongers gaat dan ook campagne voeren tegen de wet bij het aanstaande referendum: „Ollongren zegt dat ze ervoor zorgt dat er niet op grote schaal data verzameld worden. Ik heb daar vertrouwen in. Maar een volgende minister dan?”

Veel bijval was er van jonge D66’ers voor een motie waarin de Jonge Democraten de Tweede Kamerfractie opriepen een nee-stem te adviseren bij het referendum dat tegelijk wordt gehouden met de gemeenteraadsverkiezingen op 21 maart. De motie haalde het uiteindelijk niet. Tot opluchting van Verhoeven: „Anders had ik tegen mijn eigen regeerakkoord campagne moeten voeren.”

Een andere motie van de Jonge Democraten kreeg wel genoeg bijval: de Tweede Kamerfractie moet een nieuw voorstel voor een ‘correctief’ referendum gaan maken, nu het raadgevend referendum door het kabinet wordt ingetrokken. Dat klinkt beter dan het is: niemand, ook voorzitter Brongers niet, verwacht dat dat deze kabinetsperiode gaat gebeuren. „Het politieke klimaat zit nou eenmaal niet mee”, zei Brongers. Die berusting, ook over een lang gekoesterde wens van D66 als het referendum, viel de hele dag onder leden te horen: wie regeert kan niet in alles zijn zin krijgen.