Opinie

    • Bas Heijne

Mijn Nederland

Nog even over de Vlag. De langverwachte, door vrijwel iedere politieke partij vurig gewenste driekleur in ons parlement blijkt een goedkoop ding van het allerlulligste soort: onze Nationale Kaasprikker, futloos op een onooglijk houten sokkeltje, als een dodelijk commentaar op onze nationale trots. „De Action heeft de aanbesteding gewonnen”, twitterde iemand snedig.

„Wat een mooi moment”, verklaarde initiatiefnemer Kees van der Staaij van de SGP (drie zetels), als altijd genietend van zijn eigen ironie. Kamerlid Baudet van het Forum voor Democratie (twee zetels) zette de vlag op Twitter meteen honend naast de gigantische Stars and Stripes die in het Amerikaanse Congres hangt – dat is pas een vlag. Die in ons parlement was volgens hem „teleurstellend Madurodam-gedoe”.

Onbedoeld legde het Kamerlid daarmee de vinger op zijn eigen zere plek. Onze nieuw uitgevente nationale trots is vooral een poging tot imitatie. Andere landen nadoen, Amerikaatje spelen.

Er is niks Nederlandser dan Madurodam. Wees daar trots op, zou ik zeggen.

Vrijwel alles wat zich in Nederland de afgelopen jaren heeft aangediend onder de noemer nationale identiteit doet verzonnen of oneigenlijk aan – fake, dus. Van Trots op Nederland tot het dwepen met joods-christelijke wortels, het schelden op de zogenaamde oikofobie van de elite, het krampachtig verplicht stellen van het volkslied: het gaat zogenaamd over de Nederlandse cultuur, maar de manier waarop er vorm aan wordt gegeven, dat is allemaal geleend, het komt allemaal van buiten. Dat vlaggetje in de Tweede Kamer is onmiskenbaar echt, maar opzichtig Nederlands vlagvertoon buiten de sport of herdenking is gewoon imitatiedrift.

Die oplevende neiging naar machtige symbolen, grote woorden, retorische gebaren om natie en cultuur te vieren - onze grote, echt Nederlandse historicus Johan Huizinga had er al een woord voor: puerilisme.

Cultuur was voor Huizinga spel waardoor de mens zichzelf verwezenlijkte, maar dat kon ontsporen in kinderachtig gedoe. Hoe herken je culturele infantiliteit? Door „het ontbreken van gevoel voor humor, het warmlopen op een woord, de verregaande ergdenkendheid en onverdraagzaamheid tegenover niet-groepsgenoten, de mateloze overdrijving in lof en blaam, de toegankelijkheid voor elke illusie die de eigenliefde of het beroepsbesef vleit”.

Vijftien jaar publiek debat in één zin.

Nederlandse cultuur moet het juist niet van symbolen en grootse retoriek hebben – en dat roept bij velen in tijden van globalisering en immigratie de angst op dat hij onzichtbaar is of smadelijk miskend wordt. Mij lijkt het dat Nederland nog altijd een door en door protestantse cultuur heeft, waarin symbolen en rituelen als hindernissen bij het beleven van eigenheid worden gezien. Onuitgesproken saamhorigheid, plichtsgevoel, een pragmatische instelling tegenover maatschappelijke problemen – en elkaar ondertussen in de haren vliegen en de les lezen vanwege schandalige nalatigheid en foute denkbeelden. In de overtuiging rechtlijnig, in de praktijk pragmatisch. Is dat herkenbaar?

Je kunt de politiek verwijten dat ze die cultuur de afgelopen decennia uit het oog heeft verloren in het vieren van het ontketende individu en illusoir kosmopolitisme. Maar voor veel mensen die nu „opkomen voor onze cultuur” lijkt te gelden dat ze het wezen van de Nederlandse cultuur totaal niet begrijpen – en hun toevlucht kiezen tot aan het buitenland ontleende noties van trots en vermeende eigenheid. Niks Huizinga, dwepen met Spengler.

De Nederlandse cultuur bestaat heus nog – en precies daarom gaat het altijd mis wanneer we onze cultuur of geschiedenis in een lijstje of op een fraaie sokkel willen zetten. Denk aan de soap rondom het Nationaal Historisch Museum – dat ons historisch bewustzijn in één klap moest herstellen, door groepen schoolkinderen door een Canontoren te jagen. Faliekant mislukt, omdat politiek en samenleving het er niet over eens werden welk verhaal er over Nederland verteld moest worden. En hoe. En waar.

Land van kleine gebaren. Nu is onze regering er weer van overtuigd dat bij scholieren door een verplicht bezoek aan de Tweede Kamer het vertrouwen in de democratie zal toenemen.

Ik zeg: niet doen.

We willen zo graag, we kunnen het niet. Dus die zielige vlag in het parlement is best een mooi symbool. Laat ’m staan! Hij kostte maar honderd euro, want voor je het weet gaat het bij Pauw drie avonden lang over verkwisting van belastinggeld. Juist dat gebrek aan grandeur, die gereformeerde zuinigheid, het mislukte nationalisme, de aandoenlijke knulligheid, het geharrewar dat nog zal volgen – dat is mijn Nederland.

Bas Heijne schrijft elke week een column op deze plaats.
    • Bas Heijne