Recensie

De meester van het knaleffect knalt even niet

Een web van familiegeheimen in de dertigste thriller van Harlan Coben.

Twee tieners komen ’s nachts op een verlaten treinspoor onder een trein. Zelfmoord, of een fataal spel waarbij drank en drugs een rol speelden? Al vijftien jaar probeert Nap Dumas, agent in het stadje Westbridge, te achterhalen wat die fatale zomernacht is gebeurd met zijn tweelingbroer Leo en diens vriendin Diana, dochter van het hoofd van de politie. Als bij een moordzaak de vingerafdrukken opduiken van zijn vermiste ex-vriendin, raakt Nap Dumas verstrikt in een web van familiegeheimen.

Laat niet los is de dertigste thriller van Harlan Coben (1962), de populaire Amerikaanse schrijver die de laatste jaren gemiddeld twee boeken per jaar publiceert. Vooral met zijn serie over sportmakelaar en speurder Myron Bolitar maakte hij naam. Slimme, spannende en geestige actie-thrillers, die garant staan voor een paar uur ontspanning en die Coben een enorme schare fans bezorgden.

Allerlei liefdadigheidsinstellingen laat de schrijver profiteren van zijn populariteit. Want wie bereid is een royale donatie te doen, koopt het voorrecht dat zijn naam als romanpersonage wordt gebruikt. In zijn nieuwe boek bedankt Coben tien personen die dat hebben gedaan en roept hij anderen op hun voorbeeld te volgen (mail naar charity@harlancoben.com).

Laat me los is een zogenoemde stand-alone thriller. Een boek dat heimwee oproept naar Bolitar en zijn vaste maat Windsor ‘Win’ Horne Lockwood III. Coben, die door Bas Heijne eens is uitgeroepen tot ‘de hedendaagse meester van het knaleffect’, is in zijn nieuwste boek minder knal dan anders.

Zijn openingszin – ‘Daisy droeg een strakke zwarte jurk met een decolleté zo diep dat zelfs De denker van Rodin ervan zou opkijken’ – is nog veelbelovend. Maar daarna zijn de typische Coben-beschrijvingen (over het No-Tell Motel: ‘met de glamour en uitstraling van een herpesbesmetting, die je hier waarschijnlijk kosteloos kunt oplopen’) dun gezaaid.

De personages van Laat niet los zijn ook een fractie minder over the top dan anders. Cobens stelregel dat je als lezer een biertje met zijn romanpersonages moet willen drinken omdat ze zo intrigerend zijn, gaat dit keer niet op. Zijn plot daarentegen, over een voormalige raketbasis die veranderd is in een black site voor het verhoor van terrorismeverdachten, een geheim dat de overheid ten koste van alles wil toedekken, is juist weer te grotesk.

Ook grote schrijvers leveren wel eens een minder boek af.