Beleggers die blaffen én bijten

Activisten Het gevecht om de macht en de toekomst van AkzoNobel is onderdeel van een trend. Britse en Amerikaanse beleggers breiden hun werkterrein uit. Geen bedrijf is meer veilig.

Angst verbroedert. Topmanagers, politici en vakbonden zijn het zelden volledig met elkaar eens. Maar nu delen zij één sentiment, dat de afgelopen maanden steeds sterker is geworden. Dat is hun weerzin tegen en hun angst voor activistische beleggers.

De angst is ingegeven door de strijd om AkzoNobel en de toekomst van zo’n 5.000 Nederlandse werknemers. Het verf- en chemieconcern, waar alles bij elkaar 46.000 mensen werken, bevocht dit voorjaar een dure overwinning in een overnamestrijd met zijn Amerikaanse branchegenoot PPG. Met steun van politici, personeel én de rechter wist AkzoNobel zijn belager af te schudden. Maar het concern bleef zitten met een groep aandeelhouders die met rechtszaken en boze brieven ageren tegen het ondernemingsbestuur. Hun aanvoerder is de Amerikaanse activistische grootaandeelhouder Elliott, die bijna 10 procent van de aandelen zegt te bezitten.

Dat hedgefonds probeerde bijvoorbeeld zonder succes via de rechter president-commissaris Antony Burgmans te wippen. De nieuwe topman Thierry Vanlancker – zijn voorganger vertrok in het heetst van de strijd om gezondheidsredenen – wist Elliott met toezeggingen over onder meer de benoeming van nieuwe commissarissen uiteindelijk tot een wapenstilstand van drie maanden te bewegen. Die liep donderdag af.

Lees alles over de overnamestrijd tussen AkzoNobel, belager PPG en aandeelhouder Elliot in het NRC-dossier AkzoNobel vs. PPG

De Amerikanen komen

De strijd om de macht en de toekomst van AkzoNobel is onderdeel van een trend. Activistische beleggers zijn van oudsher Amerikanen en Britten. In de VS en Engeland heb je de meeste beursgenoteerde bedrijven. Maar hun werkterrein beperkt zich al lang niet meer tot Angelsaksische bedrijven, zoals levensmiddelenfabrikant Procter & Gamble (omzet 65 miljard dollar). Daar claimde activist en miljardair Nelson Peltz deze week na een hertelling van de stemmen op de aandeelhoudersvergadering tóch een commissariszetel.

Hij is sinds kort ook commissaris bij industrieel conglomeraat General Electric (GE, omzet 124 miljard dollar). GE moest afgelopen week vanwege een winstval zijn dividend halveren. Onder druk van beleggers kondigde het concern een drastische afslanking aan. In Procter én GE heeft Peltz miljarden dollar belegd.

AkzoNobel laat zien dat zo’n rumoerige en brutale agitatie ook in het Europese bedrijfsleven steeds meer business as usual is. Bij het Duitse industriële conglomeraat ThyssenKrupp ageert de Zweedse activist Cevian tegen de directie. Deze pressie heeft er bijvoorbeeld toe geleid dat de Duitsers hun staalbedrijven nu willen samenvoegen met die van Tata Steel Europe, het voormalige Corus/Hoogovens in IJmuiden. Activisten blokkeerden onlangs ook een grote Zwitsers-Amerikaanse chemiefusie. En een Zwitserse activist heeft het op Credit Suisse voorzien.

De omvang van een bedrijf is geen drempel meer voor activisten. Zie GE. Zie Procter. Maar kijk ook naar het Zwitserse voedingsmiddelenconcern Nestlé (omzet 84 miljard euro). Daar wil de Amerikaanse belegger Third Point wijzigingen in het beleid. Die belegger werkt samen met Jan Bennink, voormalig topman van Numico, de Nederlandse producent van Olvarit.

Aandeelhoudersactivisme is sterker dan ooit

Jim Rossman, directeur zakenbank Lazard

Nog nooit meegemaakt

Activistische hedgefondsen uit de VS en Groot-Brittannië hebben dit jaar al 120 Europese en 423 Amerikaanse bedrijven op de korrel genomen, blijkt uit cijfers van data-verzamelaar Activist Insight. Dat betekent een toename van 30 procent ten opzichte van vijf jaar geleden, het laatste jaar waarvoor Activist Insight cijfers beschikbaar heeft. Zakenbank Lazard berekende bovendien dat activisten dit jaar al 45 miljard dollar hebben ingezet voor hun campagnes, dubbel zoveel als in heel 2016. „Aandeelhoudersactivisme is sterker dan ooit”, concludeerde Jim Rossman van Lazard onlangs in het Amerikaanse zakenblad Forbes.

Waarom boezemen de activisten zoveel angst in? Zij tasten, om te beginnen, de autonomie van de directie aan. Ze bemoeien zich rechtstreeks met het beleid. Dat doen grote beleggers eigenlijk nooit. Maar de activisten doen het op alle mogelijke manieren. Soms vriendelijk, met een hoffelijke brief dat het best goed gaat, maar dat het beter kan. Soms in de rechtszaal, met een dagvaarding en wat modder gooien. „Dit niveau van agressie heb ik nog nooit meegemaakt”, verzuchtte president-commissaris Burgmans van Akzo na weer een rechtszaak van Elliott.

Naast hun confronterende stijl hebben activisten ook hun eigen opvattingen over het (financiële) bedrijfsbeleid. Activisten richten hun pijlen bij voorkeur op ondernemingen die met hun beurskoers en hun winsten zwak presteren in vergelijking met branchegenoten. In beursjargon: zij mikken op bedrijven die ‘ondergewaardeerd’ zijn. Activisten zien juist daar kansen om op korte termijn „verborgen waarde te ontsluiten”.

Hoe? Door leuke dingen voor beleggers te doen, zodat de koers gaat stijgen. Zij stellen maatregelen voor als: kosten besparen. Of een overname die extra inkomsten oplevert én kosten bespaart door activiteiten samen te voegen. Of juist de verkoop van de onderneming. Of van onderdelen. Of extra geld lenen om meer dividend uit te keren.

Het navrante van het Akzo-voorbeeld is: veel van wat activisten doorgaans in de praktijk willen brengen, doet AkzoNobel zelf. Het concern belooft beleggers op korte termijn een superdividend én splitsing in een apart verf- en chemiebedrijf. Zo moet de som der delen meer waard worden dan het huidige geheel.

Om hun doel te bereiken weten activisten dat zij het niet alleen kunnen. Zij zoeken daarom altijd achter de schermen medestanders onder de zwijgende meerderheid van grote beleggers, zoals pensioenfondsen en beleggingsmaatschappijen. Daar vinden zij doorgaans wel weerklank. Voor die zwijgende beleggers zijn de activisten de waakhonden van het aandeelhouderskapitalisme dat rendement wil zien. Gewone beleggers blaffen misschien bij ondermaatse prestaties van topmanagers, maar activisten bijten ook.

Voet tussen de deur

De angst voor nieuwe Akzo’s voedt in Nederland de lobby om activistische beleggers in te tomen. Het kabinet Rutte III kondigde in het regeerakkoord maatregelen aan. Zo kunnen bestuurders straks een beroep doen op een bedenktijd van 250 dagen wanneer ze op een aandeelhoudersvergadering worden geconfronteerd met voorstellen tot een „fundamentele strategiewijziging”. Bovendien moeten grotere beleggers in grote beursvennootschappen (omzet van 750 miljoen euro of meer) zich eerder melden bij het bedrijf. Dan worden bestuurders niet verrast als een activist zijn voet tussen de deur zet.

Met zoveel angst en politiek misbaar is de vraag: hoe schadelijk zijn die activisten? De geleerden zijn het niet eens.

De meest gehoorde kritiek: activisten kiezen voor profijt op korte termijn en gooien de continuïteit van het bedrijf op de lange termijn te grabbel. Dat is echter nooit overtuigend aangetoond.

Wetenschappers van de universiteiten van Harvard en Columbia onderzochten recent de resultaten én de beurskoersen van bedrijven in de vijf jaar nadat ze voor het eerst met activisten te maken hadden gekregen. Als een onderneming op lange termijn de prijs betaalt voor de invloed van een activist, zo redeneerden ze, dan moet dat na een paar jaar tot uiting komen in zwakkere prestaties en een achterblijvende koers. Dat was echter niet wat ze vonden. Integendeel zelfs.

Logisch, zeggen voorstanders van aandeelhoudersactivisme. Want de aanwezigheid of mogelijke terugkeer van partijen als Elliott en Trian houdt bestuurders scherp. En omgekeerd: met dociele beleggers is de verleiding voor bestuurders groter om de teugels te laten vieren en de beloningen voor de top te verhogen.

Maar er is natuurlijk meer dan een beurskoers. Bedrijven zijn er, zeker in het Nederlandse gedachtegoed, behalve voor de aandeelhouders óók voor hun werknemers, klanten, innovatie, kortom, voor de maatschappij. En die is meestal niet gebaat bij activistische beleggers, concludeerde de Canadese professor corporate governance Yvan Allaire al in 2015. Hij liet toen zien dat de invloed van activisten veelal leidt tot personeelsreducties en lagere investeringen in onderzoek en ontwikkeling, óók op de langere termijn.

Geen wonder dat AkzoNobel zijn personeel dit voorjaar gemakkelijk kon mobiliseren tegen belager PPG en Elliott. Want zoals Akzo-medewerker Jos Hofma zei op de aandeelhoudersvergadering in april: die activistische beleggers, „die kijken alleen maar op hun telraampjes.”

Wie zijn de activisten?

Corporate raider: Nelson Peltz en investeringsmaatschappij Trian.

Ervaring? Peltz (1942) vestigde zijn reputatie in de wilde jaren tachtig van de vorige eeuw als klassieke corporate raider. Hij kocht aandelenpakketten, zette bedrijven vervolgens onder druk om zich te laten overnemen en incasseerde de koerswinst op zijn aandelen.

Hoeveel? Trian heeft naar eigen zeggen meer dan 10 miljard dollar in beheer.

Waar? Zijn grootste interventie is nu bij Procter & Gamble, de Amerikaanse producent van A-merken in voeding en persoonlijke verzorging. Peltz wil als commissaris het bedrijf opschudden. Procter & Gamble vocht terug en wees hem af, maar Peltz claimt nu toch victorie. Hij forceerde eerder samen met activistische belegger Third Point de fusie van Dow en DuPont.

Schudde zelfs Japan op: Third Point/Daniel Loeb

Ervaring? Loeb (1961) begon na een loopbaan op Wall Street zijn eigen fonds. Hij maakte naam door internetbedrijf Yahoo onder druk te zetten om de top te vervangen. Later kocht Yahoo de aandelen van Loeb terug – wat hem een grote winst opleverde. Hij dook als een van de weinige activisten ook in de gesloten Japanse bedrijfswereld op en eiste veranderingen bij Sony.

Hoeveel? Third Point heeft naar eigen zeggen 18 miljard dollar onder beheer.

Waar? Een van zijn grootste interventies ter waarde van 3,5 miljard dollar is in Nestlé, de Zwitserse voedingsgigant. In 2014 zette het fonds het chemiebedrijf Dow Chemical on druk. Dat leidde na de nodige schermutselingen tot een fusie van Dow met concurrent DuPont. En dát bedrijf zal op korte termijn weer in drie aparte ondernemingen worden gesplitst. In 2014 kocht het fonds 3 procent van de aandelen van DSM. Mede in reactie daarop stootte DSM een aantal activiteiten af en wist de winstgevendheid krachtig te verbeteren. Het fonds trok zich begin 2016 terug als aandeelhouder.

Streed tegen Argentinië: Elliott/Paul Singer

Ervaring? Singer (1944) maakte naam als belegger in obligaties van Argentinië. Hij weigerde te accepteren dat de Argentijnen hun schuld niet konden aflossen en wist via de rechter extra druk te zetten op terugbetalingen.

Hoeveel? Tegen de 40 miljard dollar.

Waar? Begon eind 2016 aandelen AkzoNobel te kopen. Ageert in Nederland ook tegen de overname van chipfabrikant NXP in Nijmegen door de Amerikaanse concurrent Qualcomm. NXP is een voormalige Philips-dochter.

Daagt conglomeraten uit: Cevian/Christer Gardell

Ervaring? Authentieke Europese activist uit Zweden. Actief sinds 2002. Investeert in Scandinavië, Duitsland en Engeland.

Hoeveel? Naar eigen zeggen 15 miljard dollar onder beheer.

Waar? Steekt graag geld in conglomeraten met een breed scala aan activiteiten zoals ABB (industrie en energie), Ericsson (technologie) en ThyssenKrupp (staal, liften, roltrappen). Zette ThyssenKrupp onder druk om de waarde van zijn activiteiten te verhogen, bijvoorbeeld door alles te verkopen, behalve de staalfabrieken. De verkoopopbrengst zou dan aan beleggers uitgekeerd kunnen worden. ThyssenKrupp besloot echter de staalfabrieken te laten samengaan met die van Tata Steel, het voormalige Hoogovens in IJmuiden. Heeft geen directe investeringen in Nederlandse bedrijven.