Column

Vervang nationale vlag door het Shell-logo

Het is met de onthulling van de Paradise Papers weer zover: miljoenen gelekte documenten van voornamelijk trustkantoor Appleby over belastingontwijking waar Nederland als belastingparadijs naar voren komt. Bijna elk jaar – denk aan de Panama Papers (2016) en de LuxLeaks (2014) – worden we eraan herinnerd hoeveel waarde de Nederlandse regering hecht aan haar relatie met multinationals. Wat voor een paradijs zou Nederland écht zijn als we op dezelfde manier met mensen van vlees en bloed omgingen?

In Nederland zijn er vermoedelijk zo’n 15.000 brievenbusfirma’s. De helft van de Fortune 500-lijst zou hier gevestigd zijn. De regering legt schaamteloos voor steenrijke mensen en bedrijven de handdoeken en pina colada’s gereed. Met het schrappen van de dividendbelasting voor Shell, AkzoNobel, Unilever en Phillips – die anders misschien niet hier willen blijven – als korting bij de all-inclusive.

Ook de Belastingdienst werkt mee aan het creëren van een toeristisch paradijs voor multinationals door ‘rulings’, geheime afspraken over de te betalen belasting. Trouw en Het Financieele Dagblad onthulden dat er in 2008 een onwettige afspraak stond met Procter & Gamble. Het kabinet achtte het nodig dat geheim te houden om de ‘privacy’ van bedrijven te beschermen. In tegenstelling tot die van burgers, die ze graag met sleepwetten schendt.

Ik moet denken aan toen ik eens te laat was met mijn btw-aangifte. Ik moest op een nieuw wachtwoord van de Belastingdienst wachten voor ik die kon doen en gaf dat tijdig aan. Desondanks moest ik een boete betalen, omdat dat ‘nou eenmaal de regels zijn’, deelde een klantenservicemedewerker mij mee. Helaas staan er niet genoeg nullen op mijn rekening – of die van andere Nederlanders – om coulance te verdienen.

Het maken van winst boven het menselijke stellen is een verschijnsel dat filosoof Mogobe B. Ramose ‘economisch fundamentalisme’ noemt. Een principe waarbij geld verdienen niet meer als middel tot levensbetering dient maar een doel op zich is geworden. Hij verwijst naar een aforisme in de Zuid-Afrikaanse taal Sepedi: ‘Feta kgomo o tshware motho’, wat vertaald kan worden als ‘Wanneer je de keuze hebt tussen opbrengsten en het behoud van leven, is de tweede altijd de juiste’.

Een mensenleven wordt gezien als de ultieme gever van waarde en als het waardevolst. In een samenleving waar geld de belangrijkste waarde heeft en als een god vereerd wordt, is het gevolg instabiliteit, tweedracht en oorlog. Economisch fundamentalisme is als brood inruilen voor goud terwijl je verhongert en er geen winkels zijn om voedsel te kopen.

Als ik aan waardevolle mensenlevens denk, gaan mijn gedachten naar vluchtelingen die wanhopig hun leven waarde pogen te geven door naar Europa te reizen. Bepakt met enkel die wil en de kleding aan hun lijf trotseren ze de Middellandse Zee, vaak tevergeefs. Omdat Nederland ze niet hier wil hebben, bestempelt het landen als Libië, waar – leerden we recentelijk – Afrikanen weer als slaven verhandeld worden, tot ‘veilig’. Onlangs publiceerde de Duitse krant Der Tagesspiegel de namen van 33.293 levens die op zee vergingen. Als ze nou in bankbiljetten waren gewikkeld, hadden ze in Nederland wellicht meer kans gemaakt.

De regering heeft het constant over ‘onze waarden en normen’, waar we weinig van terugzien. Ik stel voor dat – tot ze mensenlevens boven rendement eert – de Nederlandse vlag in de Tweede Kamer vervangen wordt door het logo van Shell. Om eerlijk te zijn over wat ze écht belangrijk vindt.

is programmamaker bij BNNVARA en publicist.