Gentherapie

Eerste genreparatie in het lichaam van een patiënt

Een man met het syndroom van Hunter heeft een medicijn gekregen dat een aangeboren fout in zijn genen moet repareren.

Brian Madeux, die lijdt aan het erfelijke Syndroom van Hunter, is de eerste mens die een genreparatie in het lichaam heeft ondergaan. Foto AP/Eric Risberg

Of hij genezen is, weet hij nog niet. Maar in ieder geval is de Amerikaan Brian Madeux (44) de eerste patiënt die een infuus kreeg met DNA-bewerkende enzymen die een aangeboren fout in zijn genen moeten herstellen.

Madeux lijdt aan (een milde vorm van) het syndroom van Hunter, een erfelijke stofwisselingsziekte, waardoor het enzym iduronaat-2-sulfatase niet naar behoren functioneert. Daardoor worden complexe suikers in het lichaam niet goed afgebroken. Ze hopen zich op en er ontstaan problemen in de organen en groei. De ziekte is nu alleen te behandelen met een uiterst kostbare wekelijkse enzymtherapie.

Infuus

Op maandag ontving Madeux het infuus met het experimentele medicijn in een ziekenhuis in Oakland in de Amerikaanse staat Californië. De therapie is ontwikkeld door het Amerikaanse biotechnologiebedrijf Sangamo Therapeutics, die er speciale toestemming voor kreeg van de geneesmiddelenautoriteit FDA.

Als de proef slaagt, wil Sangamo het ook bij andere patiënten met soortgelijke stofwisselingsziekten of hemofilie testen op werkzaamheid en veiligheid. Uiteindelijk is het de bedoeling om zulke genreparaties bij jonge kinderen met erfelijke stofwisselingsziekten uit te voeren, nog voordat de ziekte overal in het lichaam een verwoestende werking heeft gehad. De hoop is dat deze kinderen daarna verder een normaal en gezond leven kunnen leiden. Over de kosten van de technologie is nog niets bekendgemaakt.

Het DNA in de cellen van Madeux is bewerkt met zogeheten zinkvingernucleases. Dat zijn moleculaire schaartjes die net als de modernere cripr-cas-techniek heel gericht het DNA kunnen bewerken. In dit geval zorgen de enzymen ervoor dat er een gezonde kopie van het gen op een gerichte plek in het DNA wordt ingebouwd. De enzymen zijn met behulp van een virus afgeleverd in de cellen van de lever.

Veilig verpakt

Bovendien zijn de zinkvingernucleases volgens Sangamo veilig verpakt als „inactieve instructies”, in een formaat dat alleen in levercellen is te openen. In de levercel gaan de enzymen opzoek naar het albuminegen dat ze knippen. Met hulp van het natuurlijke DNA-reparatiemechanisme in de cel wordt vervolgens de gezonde kopie van het niet goed werkende gen op die specifieke plek in het DNA ingebouwd.

Dit is nog nooit gedaan in het lichaam van een patiënt. Wel is al voor andere aandoeningen het DNA van witte bloedcellen in het lab bewerkt, waarna ze weer aan de patiënt zijn teruggegeven.

Autonome productie

De nieuwe proef moet levercellen omtoveren tot autonome productie-eenheid voor het missende enzym. Als dat bij één procent van de levercellen van Madeux lukt, kan hij in theorie zonder medicijnen verder leven, verwacht arts en onderzoeksleider Paul Harmatz van het Children's Hospital and Research Center in Oakland.

Pas over enkele maanden zal duidelijk zijn of de ingreep geslaagd is en of het veilig is. Deze manier van aanbrengen van veranderingen in het DNA is weliswaar heel gericht, maar toch bestaat het gevaar dat er onbedoelde fouten ontstaan, doordat de enzymen op de verkeerde plaats knippen. Ook is er een risico dat het afweersysteem van de patiënt gaat reageren op het toegediende virus.

    • Sander Voormolen