De nieuwe wereld van Halbe Zijlstra past hem nu al

Buitenlandse Zaken De omschakeling van fractievoorzitter naar minister verloopt snel. Halbe Zijlstra zal niets revolutionair veranderen.

Hij hoopte dat Nederland de komende jaren „een ander beeld van hem te zien zou krijgen”. VVD’er Halbe Zijlstra herhaalde de goed ingestudeerde oneliner voor talloze microfoons nadat hij was aangezocht om minister van Buitenlandse Zaken te worden. Want hoe moest dat gaan?

„Kan een botte Fries ook een diplomaat zijn?”, vroeg een NOS-journalist hem. De oud-aanvoerder van de VVD-fractie in de Tweede Kamer liet blijken geen enkele moeite te hebben met de gedaanteverwisseling. „Als fractievoorzitter moet je natuurlijk een scherp profiel neerzetten, dat hoort bij de functie.” Maar als minister van Buitenlandse Zaken zou hij zich een andere rol aanmeten.

Dat was eind vorige maand.

Drie weken verkeert Halbe Zijlstra nu in zijn nieuwe wereld. Van de formatietafel waar hij sinds de verkiezingen van 15 maart als VVD-onderhandelaar bijna onafgebroken aanzat, naar de vergadertafels van de internationale gemeenschap. Van de vierkante kilometer aan het Binnenhof, zijn biotoop van de afgelopen vijf jaar, naar de oneindige kilometers van de diplomatieke jetset.

Deze week was Zijlstra’s eerste grote optreden in de Tweede Kamer. En inderdaad, er stond een andere Halbe Zijlstra. De man die graag wil wijzen op de noodzaak van realisme, het nut van eensgezindheid – bijvoorbeeld in de Europese Unie – en die beseft dat altijd gezocht moet worden naar evenwicht tussen wat Nederland van andere landen verwacht en wat die andere landen kunnen leveren. Zoals hij woensdag in de Tweede Kamer zei tijdens zijn eerste begotingsbehandeling: „De portee is dat we gaan voor idealen, maar er zijn soms kleine stapjes.”

Aan het eind van dat debat, het was inmiddels nacht, waren er vanuit de Kamer van links tot rechts vrijwel uitsluitend positieve reacties op Zijlstra's debuut. De minister „muntte uit in helderheid”, concludeerde Raymond de Roon (PVV). GroenLinkser Bram van Ojik had „een interessant debat” met de minister gevoerd.

Tijdens de eerste bijeenkomst met zijn nieuwe kabinetscollega’s, het ‘startberaad’, zei Zijlstra zijn nieuwe functie te zijn aangegaan omdat hij zich „oprecht zorgen” maakte over de wereld. De minister, toen hij vorige week voor het eerst met de commissie Buitenlandse Zaken van de Kamer sprak: „Willen we invloed kunnen hebben, dan gaat dat alleen maar lukken door eenheid in Europa en door dat grote lichaam als platform te gebruiken.”

Wat voor minister van Buitenlandse Zaken gaat Halbe Zijlstra worden? Continuïteit is ook bij hem een kernbegrip, maakte hij duidelijk. „Bij mijn geen grote noodzaak tot revolutionaire verandering. Het Nederlandse buitenlandse beleid is de afgelopen jaren echt goed geweest. Wat niet kapot is, moet je niet repareren.”

Verder is met hem een minister aangetreden die zich vooral ook een bínnenlandse minister van Buitenlandse Zaken acht. Zijlstra kondigde aan meer „binnenlands draagvlak voor buitenlands beleid” te zoeken. Het doet denken aan zijn verre voorganger Maxime Verhagen (CDA). Niet toevallig was die ook fractievoorzitter voor hij minister van Buitenlandse Zaken werd.