‘Schijn van belangenverstrengeling bij AD Haringtest’

Viszaken die de haring halen bij een leverancier waar een van de keurmeesters aan is verbonden, scoren significant hoger dan ander viswinkels.

Vishandel Ruud den Haan uit Rottedam was dit jaar de winnaar van de AD Haringtest. Foto Koen van Weel/ANP

Bij de bekende haringtest van het Algemeen Dagblad is er sprake van “belangenverstrengeling”. Dat blijkt uit een onderzoek van Ben Vollaard, universitair hoofddocent economie aan de universiteit van Tilburg. Viszaken die hun haring halen bij de leverancier waar een van de keurmeesters aan is verbonden halen significant hogere scores dan andere viszaken.

Vollaard heeft de resultaten van de ongeveer 150 verkooppunten van haring gekoppeld aan de leveranciers. Daaruit blijkt dat viszaken verbonden aan leverancier Atlantic 3,6 punt hoger scoren (9,1 ten opzichte van 5,5). Aad Taal, een van de keurmeesters uit het testpanel, geeft cursussen aan de zaken van Atlantic.

Groot verschil door subjectieve oordelen van de keurmeesters

Vishandelaren vermoeden al veel langer dat er sprake is van een belangenconflict, zo laat Vollaard weten. Hij bekeek waar het “krankzinnig hoge” verschil vandaan kwam en merkte dat het vooral lag aan de subjectieve oordelen van de keurmeesters. Niet om objectieve oordelen als gewicht, temperatuur, microbiologische kwaliteit en het vetpercentage van de haring.

“Het gaat dan om de kwaliteit van schoonmaken en de mate van rijping. De viswinkels waar keurmeester Taal cursussen aan heeft gegeven scoren allemaal heel hoog op dit punt en de andere zaken veel slechter. Dan heb je alle schijn tegen.”

In 2016 waren zeven vishandels in de top-10 verbonden aan Atlantic; dit jaar gold dat voor vijf zaken. Van alle bezochte viswinkels betrekt iets minder dan 10 procent haar haringen bij deze groothandel. Daarnaast zijn er een aantal viszaken die na een zeer slechte beoordeling in de AD-test overstapten naar leverancier Atlantic en een 9 of een 10 scoorden. “Dit puntenvoordeel zou een vorm van klantenbinding zijn”, zo schrijft Vollaard.

De kritiek op Taal is niet nieuw, in een reportage van NRC uit 2015 zegt de keurmeester “ik heb altijd gezegd dat ik mezelf in de spiegel moet kunnen blijven aankijken”.

Lees de reportage van NRC-redacteur Peter Zantingh uit 2015: Jongens, ik gooi ze weg. Een nul

‘Nog duidelijker berichten over methodiek’

In een reactie stelt AD-hoofdredacteur Hans Nijenhuis dat er “geen vermenging is van journalistieke en zakelijke belangen”. Hij noemt Taal “dé expert op haringgebied in Nederland”, veel handelaren doen een beroep op zijn kennis.

Naast Taal is er nog een andere keurmeester en een journalist van het AD die het hele land doorgaan langs de verschillende viszaken voor het testen van de haringen; volgens Nijenhuis weten ze niet wie de leveranciers zijn.

“Vollaard hanteert bij zijn kritiek een model dat alle testonderdelen even zwaar meetelt, dat is echter niet hoe de AD-test werkt. Hij weegt ook kenmerken van geteste haring mee die bij de AD-test geen rol spelen in de beoordeling, zoals prijs, gewicht en vetpercentage. Daarom komt hij ook tot andere conclusies dan het AD. Dit kan een verklaring voor de verwarring zijn. Het AD test haring op kenmerken die er voor de consument toe doen, waarbij smaak het allerbelangrijkste is en microbiologische gesteldheid een cruciale randvoorwaarde.”

Om soortgelijke kritiek te voorkomen bij andere testen, het AD is momenteel bezig met de oliebollentest, wil de krant “nog duidelijker berichten over methodiek en de achtergrond van de keurmeesters”, zo stelt Nijenhuis in een telefonische reactie.