Persoonlijke verhalen leveren niet altijd sterk cabaret

Cabaret

Comedian Fuad Hassen lijkt met zijn verhalen grote morele dilemma’s te willen aansnijden, maar hij pakt niet door.

In Held vertelt Hassen over zijn persoonlijke geschiedenis als Eritrese vluchteling. Foto Eva van Leeuwen

Na een finaleplek op Cameretten in 2013 en een voorzichtig positief ontvangen debuutprogramma, toont de jonge comedian Fuad Hassen zich in Held opnieuw een rustige, beheerste verteller, die goed is in het uitspelen van komische situaties en bovendien echt iets te vertellen heeft.

In Held vertelt Hassen over zijn persoonlijke geschiedenis als Eritrese vluchteling, die als klein jongetje met zijn moeder en zusje naar Nederland komt, en gebruikt dit gegeven om grotere maatschappelijke onderwerpen aan te snijden. Het is knap hoe Hassen al in de eerste minuten een schijnbaar onbetekenend persoonlijk detail – hij manipuleerde één regeltje in de biografie op zijn website – in weet te zetten om vooroordelen en clichés over migranten op losse schroeven te zetten. Want zijn wij Nederlanders niet ook heel goed in het vervalsen van onze geschiedenis?

Dit sterke begin zet helaas niet helemaal door. Hassens persoonlijke verhalen leveren niet altijd sterk cabaret op. Wanneer hij vertelt over zijn vreemde onderbuurvrouw of zijn televisieverslaving, weet hij maar matig te boeien. Bovendien werkt Hassen zijn verhalen niet altijd goed uit. Vaak blijft het bij een aanzet, zoals in zijn verhaal over een Afrikaanse filosoof die in het westen carrière maakt of een conference over een luie straatmuzikant. Hassen lijkt met deze verhalen grotere morele dilemma’s te willen aansnijden, maar hij pakt niet door. Dit is des te opvallender doordat Hassen deze verhalen op verschillende momenten laat terugkeren. Hiermee suggereert hij een dieper verband dat er in feite niet is.

Sterker is Hassen wanneer hij zich presenteert als machoman die van mening is dat echte mannen niet van katten houden en dat yoga toch vooral iets voor vrouwen is. Hoewel Hassen hiermee op het eerste gezicht uit een bekend cabaretvaatje lijkt te tappen, gaat hij een stap verder dan de meeste cabaretiers doordat hij zijn eigen machismo relativeert en verbindt aan zijn persoonlijke geschiedenis. Op deze momenten toont Hassen dat hij een getalenteerd comedian is, die nog wel kan groeien, maar een niet onverdienstelijk tweede programma aflevert.