Zo dansen de start-ups en investeerders

Web Summit in Lissabon

Het grootste techcongres van Europa ging vooral over de negatieve kanten van digitalisering. Maar start-ups en investeerders hadden vooral oog voor elkaar.

Het Duitse minister van Economische Zaken en Energie vroeg op de Web Summit in Lissabon aandacht voor Duitse tech-startups, via de samenwerking de.hub. Foto Web Summit

Ze maken investeerders het hof in de hoop op een zak geld om hun bedrijfjes te laten groeien. Ze hengelen naar tips bij de zakenlui die het al hebben gemaakt. Ze leggen contacten, wisselen ideeën uit, besnuffelen voorzichtig de concurrentie.

De meeste bezoekers komen naar Web Summit om te netwerken. De praatjes van beroemde sprekers op het grootste technologiecongres van Europa, vorige week in Lissabon, zijn niet aan hen besteed. Te veel afspraken, geen tijd om stil te zitten of te luisteren naar presentaties over nepnieuws, de gevaren van kunstmatige intelligentie of Russische trollen.

Bijna 60.000 mensen uit 170 landen kwamen op het evenement af, onder wie 2.330 Nederlanders. Dat maakt Nederland het op zes na best vertegenwoordigde land in Lissabon.

De meeste Nederlandse bezoekers zijn ondernemers, naar dit techmekka gereisd om hun start-up in de schijnwerpers te zetten. Dat gebeurt in vier reusachtige beurshallen waar start-ups, gearriveerde bedrijven en multinationals hun kraampjes hebben opgezet. Tienduizenden bezoekers – van wereldleiders tot pubers met een start-up – schuifelen dag in, dag uit langs kraampjes voor het grote netwerken.

Gekleurde badges

Het lijkt een chaos in de hallen, maar iedereen kent hier zijn rang en stand. De Web Summit rangschikt zijn bezoekers in een strikte hiërarchie, ieder met eigen privileges. Orde scheppen de naamkaartjes die als een uithangbord om ieders nek bungelen. ‘Attendees’ vormen de grootste groep, en dus ook de minst interessante. Start-ups zijn verdeeld in ‘Alpha’, ‘Beta’, of ‘Start’, afhankelijk van hoeveel investeringen ze hebben gekregen. Dan zijn er de ‘Forum’-leden die mogen vertoeven in de chique hal voor beleidsmakers, de bijzondere ‘Guests’ en de belangrijke ‘Speakers’.

Boven aan de voedselketen staan ongetwijfeld de ‘Investors’, herkenbaar aan het rode naamkaartje. Zij zijn het rode lap vlees waar start-ups als een roedel jonge honden omheen cirkelen. „Ik voer zo’n dertig gesprekken per dag”, vertelt Johan van Mil, investeerder van het Nederlandse Peak Capital. „Het begint ’s ochtends met start-ups die ik nog niet ken. Die krijgen een kwartier per gesprek. Na de lunch praat ik door met ondernemers die ik interessant vind en ontmoet ik investeerders uit het buitenland. ’s Avonds gaat het gewoon door. Ik geloof dat het team achter een onderneming grotendeels het succes bepaalt. Zijn het de juiste mensen? Juist ’s avonds aan de bar komen de tongen los en hoor je echt wat iemand drijft.”

Shaken

Van Mil is een grote naam in de Nederlandse start-up-scene. Hij stapte vroeg in de zeer succesvolle veilingsite Catawiki en verkocht restaurantsite Iens aan TripAdvisor. Peak Capital investeerde in een stuk of twintig start-ups waarvan er niet één over de kop is gegaan, een hele prestatie in de risicovolle start-upwereld.

„Je staat wel even te shaken als je met zo iemand praat”, zegt Wouter Bijen over Van Mil. Bijen (23) is een van de oprichters van Festimap, een app waarmee gebruikers de beste feesten in de buurt kunnen zoeken. „We zijn nog te klein voor Peak Capital, maar Johan had wel interessante tips.”

Elke techstart-up heeft een ‘hacker’, ‘hustler’ en ‘hipster’ nodig, vertelt Van Mil steevast aan jonge ondernemers als Bijen. Hij bedoelt: een technische jongen, iemand die de financiën regelt, en een hipster die let op het uiterlijk van het product. Die eigenschappen vind je zelden in één persoon. De jongens van Festimap kunnen precies aanwijzen wie de hackers zijn, maar verschillen van mening over de hustler en de hipster.

„Wij start-ups zijn hier het entertainment”, zegt Gideon van Dijk (31) van Chargetrip, een app waarmee elektrische autorijders hun route kunnen plannen langs oplaadstations. „Ik was uit het niets geselecteerd om in één minuut een pitch te geven voor investeerders. Dan word je zomaar een podium op geduwd. Even later moest ik pitchen op een ronddraaiende carrousel. Het is een circus.”

Er lopen ondernemers rond die het spel tot in de puntjes beheersen, vertelt Van Dijk. Zij weten precies hoe ze investeerders moeten benaderen, op welke feestjes ze moeten zijn, met wie ze moeten ‘connecten’. Het is een talent, niet iedereen is daar even goed in. Maar of je het nu leuk vindt of niet: „You have to play the game.”

‘Slechte’ tech pagina C4-5