Shi’itisch Irak kan weer ademhalen

Irak

Trots zwelt aan tijdens de eerste arbaeen-pelgrimage na de zege op Islamitische Staat.

Shi’itische moslims in een tent in gebed. Foto’s Abdullah Dhiaa al-Deen

De Irakees Fadil Wanas loopt eenzaam in tegen de stroom van pelgrims die op weg zijn naar het heiligdom van imam Hussein in Kerbala. Zo kan iedereen goed de foto van zijn zoon Haider zien, die hij op zijn borst draagt.

„Hij is op 28 mei gesneuveld in de strijd tegen Islamitische Staat in Mosul”, zegt Wanas. „Zijn eenheid was omsingeld en er kwam een bomauto op hen afgereden. Haider was chauffeur. Hij is op de bomauto ingereden; zo redde hij de anderen.”

Wanas is één van de miljoenen shi’ieten die vorige week naar Kerbala zijn afgezakt voor arbaeen (letterlijk: veertig), het einde van de rouwperiode voor Hussein, de kleinzoon van Mohammed.

Volgens ayatollah Ali al-Sistani, de religieuze leider van de shi’ieten, waren de pelgrims dit jaar met 13 miljoen; volgens de Libanese shi’itische leider Hassan Nasrallah waren het er wel 20 miljoen.

Naar Kerbala komen als het gevaarlijk is, is extra waardevol

Ali Saheb

De foto van Haider Wanas en die van vele anderen langs de kant van de weg maken dit tot een bijzondere arbaeen: het is de eerste sinds IS in Irak en Syrië grotendeels is uitgeschakeld. Daarvoor zijn duizenden, vooral shi’itische soldaten en militieleden gesneuveld.

Op sociale media doet arbaeen regelmatig de ronde als de ‘grootste anti-terrorismebetoging van moslims die de media voor u verzwijgen’. Dat is onzin: arbaeen wordt al 1.337 jaar lang gevierd. Dat de shi’ieten tegen Islamistische Staat zijn is evident: het sunnitische IS beschouwt hen als de aartsvijand die tot de laatste man en vrouw dient te worden uitgeroeid.

Arbaeen en ashura, het begin van de veertigdaagse shi’itische rouwperiode, zijn altijd een doelwit geweest voor sunnitische extremisten. Tijdens ashura in 2004 vielen in Kerbala bij gelijktijdige bomaanslagen meer dan honderd doden. Het was het startschot voor een jarenlange, bloedige burgeroorlog. Vorig jaar kwamen meer dan honderd – vooral Iraanse – pelgrims om het leven toen aan het eind van arbaeen een vrachtwagenbom tot ontploffing werd gebracht in een benzinestation in het nabije Hilla.

Shi’itische moslims in de menigte tijdens de arbaeen-pelgrimage. Foto’s Abdullah Dhiaa al-Deen

Afzien hoort erbij

Dit jaar waren er geen incidenten. Maar je vindt in Kerbala niemand die toegeeft dat dat prettiger is. „Dat is alsof je zegt dat je Hussein alleen wilt eren wanneer dat makkelijk en veilig is”, legt Ali Saheb uit, een dokter in Kerbala. „Maar wij eren Hussein altijd, of het nu veilig is of niet. Meer zelfs: naar Kerbala komen als het gevaarlijk is, is extra waardevol.”

Afzien hoort bij arbaeen: dat is de manier om Hussein te eren, die sinds zijn dood in het jaar 680 wordt geëerd als martelaar voor de shi’itische zaak.

Hoevéél je afziet, mag iedereen zelf uitmaken. Velen kiezen voor 70 kilometer lopen vanaf Najaf, de andere heilige stad van de Iraakse shi’ieten. Anderen lopen 100 km vanaf Bagdad, of 500 km vanaf Basra. Naar verluidt zijn er ook die helemaal uit Afghanistan komen lopen.

Niemand ontkomt aan de laatste 25 km, waar auto’s geen toegang hebben. Wie geld heeft, kan uitrusten in een van de vijfsterrenhotels in Kerbala. Maar de meeste mensen slapen op straat of helemaal niet.

Wat het allemaal draaglijk maakt is de ongelooflijke vrijgevigheid. Tijdens arbaeen lijdt niemand in Kerbala honger. Je krijgt voortdurend eten en drinken toegestopt – of je het nu wilt of niet. Het lijkt alsof die miljoenen pelgrims mekaar allemaal eten willen geven.

Ali Naama, een 53-jarige marineofficier, is met de mensen uit zijn buurt helemaal uit Basra gekomen. Samen hebben ze een gaarkeuken opgezet langs de weg waar ze de hele dag falafel bakken. Ook op hem maakt het weinig indruk dat IS is uitgeschakeld. „Ook voor IS waren er regelmatig aanslagen op pelgrims”, zegt hij. „Voor ons maakt dat niet uit. Wij shi’ieten worden verondersteld af te zien. Dat is al meer dan duizend jaar zo en dat blijft zo.”

Arbaeen is bepaald geen politiek gebeuren. Maar tegelijkertijd is de aanwezigheid van de Hashd al-Shaabi niet te missen, de volksmilitie die ontstond toen de belangrijkste shi’itische religieuze leider, Ali Al-Sistani, in 2014 een oproep deed om Bagdad te verdedigen tegen de oprukkende IS.

De Hashd al-Shaabi hebben veel bijgedragen aan de strijd tegen IS. Ze zijn inmiddels gelegitimeerd door het Iraakse parlement, en er zijn nu ook eenheden van sunnieten en andere minderheden. Maar de Hashd worden algemeen gezien als sektarisch. Iran oefent volgens critici een sterke invloed uit op de beweging, die voor sommigen geldt als een bom onder de toekomst van Irak.

Er zijn dit jaar veel Iraniërs naar Kerbala gekomen: meer dan twee miljoen volgens de officiële cijfers. Ze zijn te herkennen aan de mondkapjes die ze dragen: de Iraniërs vinden Irak een beetje vies.

Bizar konvooi

Bij de brug over de Eufraat heeft de 27-jarige Mohammed Yassin de leiding over een bizar konvooi van voertuigen. Er is een gigantische walvis – die van Jonas –, een draak en trucks met – nagemaakte – ballistische raketten. „Wij Hashd hebben aan de wereld bewezen dat wij niet te onderschatten zijn”, zegt Yassin, die meegevochten heeft tegen IS. „Wij hebben het moederland verdedigd en dat gaan wij in de toekomst ook blijven doen.”

De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Rex Tillerson is daar niet gerust op. In oktober zei Tillerson: „De Iraanse milities die nu in Irak zijn, nu de strijd tegen IS op zijn einde loopt, die milities moeten naar huis terugkeren.”

Maar: „Zij die om de ontbinding van de Hashd vragen, hebben het niet goed voor met Irak”, zegt Mueen Hameed Kadhumi in Bagdad. Hij is een leider van de Badr-organisatie, die onder Saddam vanuit Iran tegen diens regime vocht, en die nu een belangrijke pijler is van de Hashd al-Shaabi. Hij herinnert eraan dat het Iraakse leger en de politie in 2014 op de vlucht gingen voor IS.

„Dankzij de Hashd al-Shaabi hebben zij zich kunnen reorganiseren en nu zijn zij veel sterker. Maar wij kunnen niet vertrouwen op het Iraakse leger alleen om het hoofd te bieden aan de uitdagingen van de toekomst.”

Bekijk ook onze video waarin we uitleggen wat het kern van het conflict is tussen Shi’iten en Sunnieten.