Nabestaanden MH17 veelvuldig lastiggevallen met desinformatie

Twijfelzaaiers Nabestaanden van MH17-slachtoffers worden voortdurend lastiggevallen door mensen die zeggen te weten wie voor de ramp verantwoordelijk is.

Illustratie XF&M

‘Is het goed als ik mee ga om wat te drinken?” Zodra het debat in de Tweede Kamer over MH17 is afgelopen, verschijnt er een vrouw met lichtbruin haar voor de nabestaanden op de publieke tribune. Ze stelt zich voor als Julia Stefanini; ze heeft een goede vriend verloren bij de MH17-ramp en wil graag kennismaken.

Met een aantal nabestaanden neemt Julia Stefanini plaats op een terras. Ze zegt dat zij als tolk aanwezig was bij een briefing in Kiev tussen de Nederlandse ambassadeur en de Oekraïense minister van Buitenlandse Zaken, kort voor de ramp. „Ze wisten het, hoor”, zegt ze, „ze wisten dat er luchtafweerraketten stonden in Oost- Oekraïne.” Het zou tijdens de briefing ter sprake zijn gekomen. De ramp had volgens Julia Stefanini voorkomen kunnen worden.

Aanvankelijk geloven de nabestaanden haar. Een van hen nodigt haar thuis uit. „Ze gaf ons allerlei nieuwe informatie. Als je je in zo’n wanhopige situatie bevindt, klamp je je overal aan vast”, zegt de nabestaande. Als introducee van een andere nabestaande weet Stefanini zich zelfs toegang te verschaffen tot een besloten briefing van het Openbaar Ministerie.

Stefanini’s verhalen worden steeds sensationeler. Zo zou ze persoonlijk met de toenmalige Amerikaanse minister John Kerry hebben gesproken over radarbeelden die de Amerikanen zouden achterhouden.

Oplichting en fraude

Een nabestaande krijgt argwaan. De politie trekt haar na en wat blijkt: Julia Stefanini heet in werkelijkheid Adriana Hendrica J., die in 2010 is gearresteerd voor oplichting en fraude. Het OM waarschuwt in een e-mail aan alle nabestaanden voor de vrouw. Alle informatie waarover ‘Stefanini’ beschikte, zou afkomstig zijn uit openbare bronnen. De vrouw wil niet reageren.

Deze zaterdag berichtte NRC over desinformatie over MH17 die op een nabestaandenbijeenkomst is verspreid, met hulp van Kamerlid Pieter Omtzigt (CDA). Het voorval staat niet op zichzelf. Nabestaanden van de MH17 worden vaker lastiggevallen. Er is over gesproken in het bestuur van de Stichting Vliegramp MH17, die de belangen van de nabestaanden behartigt. „Lang niet alle 1.500 nabestaanden hebben ermee te maken, maar er zijn ons diverse gevallen bekend waarbij nabestaanden worden benaderd door onbekenden die claimen nieuwe informatie te hebben”, zegt voorzitter Evert van Zijtveld.

Silene Fredriksz vertelt erover thuis in Rotterdam. Het verdriet over het verlies van zoon Bryce en diens vriendin Daisy is ruim drie jaar na de MH17-ramp nog altijd van haar gezicht af te scheppen. Fredriksz is angstig en slaapt slecht. Via Google heeft ze alerts ingesteld op MH17. „Alles wat erover wordt geschreven komt de hele dag binnen”, zegt ze.

Fredriksz gelooft de conclusies van de Onderzoeksraad voor Veiligheid en het OM dat MH17 vanuit opstandelingengebied in Oost-Oekraïne is neergehaald met een Boek-raket die vanuit Rusland werd aangevoerd. Maar toch. Er doen zoveel andere theorieën de ronde. „Dat geeft onrust.”

Fredriksz ontvangt op Facebook en Twitter vaak zonder aanleiding berichten van onbekenden. Ze laat ze zien op haar telefoon. Iemand die uit Polen zegt te komen, beweert dat de MH17 moet zijn neergeschoten door een Oekraïense straaljager. „Bijna altijd gaat het om mensen die Rusland vrijpleiten en Oekraïne beschuldigen.”

Laatst werd ze door een Telegraaf-journalist meegenomen naar de Duitse privédetective Josef Resch, die claimt onafhankelijk onderzoek te doen naar de ramp. Hij stelt dat in Oekraïne getuigen van de crash uit de weg zijn geruimd, zonder daarvoor bewijs te leveren.

Hij is uit op aandacht

Tegen de nabestaanden zou hij gaan onthullen wie er wérkelijk verantwoordelijk is, zo was hun voorgehouden. Maar als de groep in Keulen aankomt, blijkt dat Resch slechts uit is op aandacht: hij wil dat de nabestaanden hem publiekelijk vragen zijn bevindingen te openbaren. „Ik ben toen heel boos geworden”, vertelt Fredriksz. „Ik zei: of je vertelt nu wat je weet, of we gaan weer.” Het werd het laatste.

Wat Resch drijft, is onduidelijk. Op verzoek van het OM hebben de Duitse autoriteiten zijn woning, kantoor en kluis in Zwitserland doorzocht, zonder dat daar iets werd gevonden wat relevant is.

Een andere Duitser, amateuronderzoeker Billy Six, die meent dat Rusland niets met de ramp te maken heeft, zocht vorig jaar contact met haar. Hij vroeg haar een brief te ondertekenen waarin toenmalig presidentskandidaat Donald Trump werd gevraagd om een nieuw onderzoek naar de MH17, omdat het werk van de Onderzoeksraad voor Veiligheid niet „onafhankelijk én niet overtuigend” zou zijn. Trump leek óók te twijfelen aan de Russische rol. Fredriksz weigerde. Ze antwoordde vertrouwen te hebben in het internationale onderzoek. De brief werd later wel ondertekend door Thierry Baudet van Forum voor Democratie.

Constantin Karmanov, een filosoof uit het Utrechtse Maarssen, duikt ook regelmatig op bij nabestaandenbijeenkomsten en Kamerdebatten over MH17. Hij stelt zich dan voor als de officiële vertegenwoordiger in Nederland van de Oekraïense vliegtuigbouwer Antonov. En hij vertelt ze dat zij worden voorgelogen.

Karmanov heeft een rapport van drie kantjes opgesteld waarin hij probeert aan te tonen dat het vliegtuig door een storm is neergestort, een zogeheten ‘clear-air turbulence’. Al het bewijs over de Boek-raket is volgens hem gemanipuleerd.

‘Het is ergerlijk’

Zijn inspanningen zorgen voor onrust onder nabestaanden. „Nadat ik Karmanov sprak op een bijeenkomst, stuurde hij mij zijn rapport toe per mail”, vertelt nabestaande Piet Ploeg. „Het is ergerlijke onzin. Ik stoorde mij er enorm aan. Wat wil hij hiermee bereiken?” Hoewel hij Karmanovs theorie niet gelooft, heeft het wel voor meer onzekerheid gezorgd. „De enige houvast die je hebt als nabestaande, is het internationale onderzoek. Maar juist dat onderzoek wordt van alle kanten in twijfel getrokken.”

Voor nabestaande Thomas Schansman vormde de constante stroom vraagtekens die bij de officiële toedracht van de ramp worden geplaatst een van de redenen om te verhuizen naar New York. „Ik wilde er eindelijk wat afstand van kunnen nemen”, zegt hij via de telefoon.

In Nederland werd hij regelmatig benaderd door mensen die claimden te weten wie achter de MH17-ramp zou zitten. Zo kreeg Schansman een brief van een jongen die bij een transportbedrijf in Kortenhoef zou werken en militaire goederen zei te transporteren naar Oekraïne en Rusland. „Hij schreef dat beide partijen over zware wapens in het gebied beschikten en dat Oekraïne er dus net zo goed achter zou kunnen zitten.”

Schansman belde de manager van het bedrijf, maar die verklaarde dat de schrijver van de brief daar niet werkte. De ware identiteit van de briefschrijver heeft Schansman nooit kunnen vaststellen.

Ook Constantin Karmanov is niet wie hij zegt te zijn, blijkt als NRC hem tweemaal ontmoet, in Almere en Maarssen. Hij geeft zich uit als Oekraïener, maar is in werkelijkheid geboren in de voormalige Sovjet-republiek Oezbekistan. Ook is hij geen vertegenwoordiger van Antonov, stelt het Oekraïense luchtvaartbedrijf. Als NRC Karmanov vraagt waar hij zijn informatie over de vliegtuigramp vandaan haalt, zegt hij dat hij hierover wordt geïnformeerd door iemand bij het Russische ministerie van Defensie.

Voortdurende mist

Voor de nabestaanden is de impact van de voortdurende mist rond het onderzoek groot, zegt Van Zijtveld van de Stichting Vliegramp MH17. Sommige nabestaanden kloppen aan bij de stichting omdat zij zich geen raad weten met de verhalen. Van Zijtveld vindt het „kwalijk” dat er mensen bezig zijn om twijfel te zaaien „over de ruggen van nabestaanden”.

In één geval heeft justitie een beïnvloedingspoging kunnen linken aan Rusland. Het Joint Investigation Team (JIT), dat naar de daders van de ramp speurt, ontving eind februari dit jaar een e-mail van een organisatie die zich Jus Gentium noemde (Latijn voor ‘volkenrecht’). In de e-mail stond dat het JIT de waarheid achterhoudt en dat Jus Gentium over documenten beschikt waarin de ware toedracht van de ramp wordt beschreven.

Als het JIT niet over de brug zou komen met geld, dan zouden de documenten voor 4 maart 2017 naar de nabestaanden worden gestuurd. Na openbaring zouden de politieke systemen in het Oosten en Westen „exploderen”, aldus de opsteller van de mail.

Om de eisen kracht bij te stellen werd een 97 pagina’s tellend rapport in het Russisch over de toedracht van de ramp meegestuurd. De documenten, verstuurd via een mobiel netwerk in de Russische Federatie, bleken geen nieuwe informatie te bevatten. Justitie ging er niet op in. Hierna dreigde Jus Gentium vlak voor de Tweede Kamerverkiezingen alsnog de documenten aan „rechtse partijen”  in Nederland te sturen. Dit is vermoedelijk nooit gebeurd.

Voor de zekerheid besloot justitie de nabestaanden begin maart toch te waarschuwen dat zij mogelijk „desinformatie over het onderzoek” krijgen toegestuurd. „Wij betreuren de mogelijke onrust die dit bericht teweeg brengt”, schreef justitie hun, „maar willen voorkomen dat u wordt overvallen doordat u desinformatie ontvangt”.