Minister belooft actieplan voor verbetering positie van kunstenaars

Cultuurbegroting

Kunstenaars verdienen over het algemeen weinig. Te weinig, vinden sommige Kamerleden. De nieuwe cultuurminister belooft daar wat aan te doen.

Minister Ingrid van Engelshoven (Cultuur, D66) komt met actieplan in februari. Foto Bas Czerwinski/ANP

De verbetering van de arbeidsmarktpositie van kunstenaars wordt een van de belangrijkste prioriteiten van de nieuwe cultuurminister Ingrid van Engelshoven (D66). Dat zei ze maandag tijdens de behandeling van de cultuurbegroting in de Tweede Kamer. Ze beloofde tijdens haar eerste debat als cultuurminister om in februari met een actieplan te komen, als ze ook haar visie op cultuurbeleid bekendmaakt. „Ook in de cultuursector moet werk gewoon eerlijk beloond worden”, zei ze.

Verschillende politieke partijen maakten tijdens het debat duidelijk zich grote zorgen te maken over de inkomens- en onderhandelingspositie van beeldend kunstenaars, musici, acteurs en andere uitvoerenden. Eerder maakten onderzoeken en adviezen van de Sociaal-Economische Raad (SER) en de Raad voor Cultuur duidelijk dat deze beduidend slechter is dan van andere werkenden. De bezuinigingen op cultuur van 200 miljoen euro door het kabinet-Rutte I zijn voor een belangrijk deel afgewenteld op kunstenaars.

„Wat ontbreekt aan het Regeerakkoord zijn woorden over de positie van de kunstenaar”, merkte PvdA-fractievoorzitter en -cultuurwoordvoerder Lodewijk Asscher op. „Het is de hoogste tijd dat we aandacht voor die slechte positie terugzien in het cultuurbeleid”, zei Corinne Ellemeet van GroenLinks. Ook regeringspartijen vroegen aandacht voor de arbeidsmarktpositie van kunstenaars. „We moeten hier de handen ineenslaan”, zei CDA-woordvoerder Michel Rog. „Kunstenaars zijn te vaak de sluitpost”, zei Vera Bergkamp (D66).

Werknemers in de culturele sector verdienen gemiddeld 10.000 euro minder dan andere Nederlanders, beeldende kunstenaars moeten gemiddeld zelfs rondkomen van 14.000 euro per jaar, bleek uit cijfers van de SER. Ruim 60 procent in de culturele sector werkt als zzp’er, veel meer dan in andere beroepsgroepen.

De minister zei dat ze in overleg met de minister van Sociale Zaken op zoek zou gaan naar mogelijkheden om collectief onderhandelen voor culturele zzp’ers mogelijk te maken. Daardoor moeten minimumtarieven afgesproken kunnen worden. Nu voorkomt mededingingswetgeving dat er op die manier prijsafspraken worden gemaakt. Ook wil ze met hem bekijken hoe investeringsregelingen voor zelfstandigen aangepast kunnen worden zodat ze aansluiten op de praktijk van kunstenaars.

Dinsdag presenteert koepelorganisatie Kunsten ’92 een Arbeidsmarktagenda. Daarin staan vooral veel voorstellen die culturele instellingen en hun werknemers zelf moeten invullen. Een Fair Practice Code, werd in oktober al gepresenteerd. Die zou door alle culturele instellingen moeten worden toegepast. Van Engelshoven wilde nog niet op vragen ingaan of toepassing van deze code vanaf 2020 een voorwaarde van subsdieverlening vanaf 2020 zou moeten worden.

Over besteding van gelden ging het debat nauwelijks. Minister van Engelshoven had vrijdag de Tweede Kamer al in een brief gemeld dat ze 9 miljoen euro voor de rest van de kunstenplanperiode tot en met 2020 uittrekt die het Fonds Podiumkunsten kan gebruiken om subsidie te verstrekken aan culturele instellingen als Orkater, Korzo, Suburbia. Dit jaar kregen zij door een motie van de Tweede Kamer voor een jaar subsidie, nadat zij vorig jaar ondanks een positieve beoordeling waren afgevallen omdat het Fonds niet voldoende middelen had.